DEZORIENTAL

Nu Frans weer mag in de popmuziek en `wereld' in de mode is, is het sextet Dezoriental helemaal op zijn plaats. Dat de musici op het omslag paarsgewijs naar links, rechts en naar voren kijken kan geen toeval zijn, omdat de band bewust een weg lijkt te kiezen tussen oost en west, verleden en toekomst. Met een even helder doel: het amuseren van een groot publiek zonder te vervallen in kleurloosheid. Op ..Dezoriental.. zijn zowel Frans als Arabisch dialect te horen, houden musette en Maghreb elkaar in evenwicht en speelt de accordeon van Jean-Luc Frappa een even grote rol als de Arabische luit van Aloua Idir.

Het resultaat is heel opwekkende muziek die weliswaar `het midden houdt' maar toch nergens doet denken aan keurige en/of treurige `middle of the road'. Daarvoor zijn de stemmen net iets te ruig en hebben de instrumentale passages te veel karakter. Dat Dezoriental in de bocht van een vrolijke rit soms ook ook een gipsy of klezmer oppikt misstaat evenmin als het feit dat er in het geluidsbeeld een grote rol is weggelegd voor tubaspeler Laurent Guitton. Ook voor festivalbazen die nog kampen met een gat is dit een ideale band: je kunt er op dansen maar zonder dwang en geluidsoverlast is niet aan de orde.

Dezoriental. (Dreyfus FDM36236). Distr. Culture.