Bomans kan zonder pathos

De vrouw tussen de verhuisdozen is weduwe, want ze ruimt de boel van haar man op. Overhemden en een broek waar nog kleingeld uit valt, gaan in een doos. Net als de Sinterklaasmijter die ertussen ligt. Dan pakt ze een tweedjasje van het knaapje en trekt het aan. Het ruikt nog naar hem. En dan verschijnt de man zelf. Eerst richt hij zich tot het publiek en brengt kwinkslagen te berde, zoals hij dat in zijn leven honderden keren moet hebben gedaan. Pas bij een onverwacht geluid kijkt hij om en loopt haar wereld binnen. Even staan ze elkaar, stokstijf stil, aan te kijken.

Hij heet Godfried Bomans en lijkt ook op de in 1971 overleden schrijver, met zijn bril, zijn pijp en die over zijn voorhoofd hangende haarlok. Acteur Reinier Bulder slaagt er zelfs in dat slepende stemgeluid te benaderen, met die steeds hoger uitschietende passages naarmate hij zich meer verkneukelt om de lach die hij teweegbrengt, en de hyperverzorgde spreektrant die zo komisch kon contrasteren met het onderwerp. Hij speelt de hoofdrol in Godfried – een opgewekt mens, de nieuwe voorstelling van Guusje Eijbers en De Regentes.

,,In dit land is ernst onverenigbaar met vrolijkheid'', zegt deze Bomans. Het script van Rob van Dalen maakt hem tot een angstige man, achtervolgd door de roomse demonen uit zijn jeugd en voortdurend bezig om door iedereen aardig te worden gevonden. Nooit zei hij nee, niet tegen de meest triviale verzoeken om ergens een causerietje te houden, een stukje te schrijven of een tv-programma te presenteren, niet tegen de middenstandsvereniging te Zutphen en niet tegen de vrouwen wier vertedering hij opriep. Hij loog omdat liegen geoorloofd was zo lang het maar een mooi verhaal opleverde, en hij wekte het liefst de indruk maar zo'n beetje door het leven heen te pinkelen, net als zijn schepping Pa Pinkelman. In werkelijkheid werkte hij zichzelf het graf in.

Godfried doet denken aan de biografische theaterproducties die het Amsterdams Kleinkunst Festival de afgelopen jaren met succes aan Wim Kan, Johnny Jordaan en Simon Carmiggelt wijdde: een collage van authentieke gegevens en originele teksten in de context van een postume – en dus fictieve – terugblik. Ook hier worden veel authentieke passages gebruikt, want zodra deze Bomans in het nauw dreigt te komen, maakt hij zich ervan af door iets geestigs uit eigen werk te citeren. En fictief is de ontdekking van een autobiografisch geschrift waarin Bomans opeens eerlijk is over zichzelf. Hij portretteert een hoofdpersoon die zich niet wil vastleggen op één van de mogelijkheden die het leven biedt. Deze man wil alles en heeft zodoende vier verschillende huishoudens, waar hij telkens op een andere manier zichzelf kan zijn.

Door die ontdekking valt de Bomans-figuur uit zijn rol als `nationale troetelbeer'. Zijn vrouw had hem moeten tegenhouden, roept hij, dan was hij niet steeds de deur uitgegaan. Zij huilt, hij schreeuwt. Maar mij bevallen die passages het minst; in de ontwijkende teksten zijn Reinier Bulder en Gitta Fleuren al veelzeggend genoeg, het hoeft niet allemaal ook nog eens expliciet te worden gemaakt. Iets minder pathetiek was me liever geweest, maar de makers kunnen tenslotte maar moeilijk maat houden. Daarmee overschreeuwen ze wat eerder zo suggestief was.

Voorstelling: Godfried – een opgewekt mens, door Theater De Regentes. Tekst: Rob van Dalen. Regie: Guusje Eijbers. Spel: Reinier Bulder en Gitta Fleuren. Gezien: 25/5 in de Julianakerk, Den Haag. Aldaar t/m 10/6. Inl. (070) 3646376.