Bittere nostalgie uit de vertrekhal

Het Grote Reizen bestaat niet meer. Het Grote Reizen was een trage verplaatsing, niet ongevaarlijk en daarom feestelijk verpakt, voor wie het betalen kon. Het Grote Reizen was een reis per schip.

In zijn nieuwe voorstelling Holland-Amerika Lijn reist theatermaker Ab Gietelink naar de nieuwe wereld, en het publiek mag mee. We worden ingeschreven op de passagierslijst en met het reisbiljet op zak ijsberen wij door de vertrekhal. Een zaal met zeegroene zuilen en uitzicht, natuurlijk, op het water. Niet op de Maas, die komt tegelijk met het voormalige hoofdgebouw van de HAL pas in de loop van de tournee aan de beurt, maar op een evengoed indrukwekkende zeeweg. Lage avondzon, meeuwen, wind, katrollen. De bemanning wenst ons `een goeden en aangenamen reis' en vanaf dat moment zijn we weer doodgewone toeschouwers. Maar wat zich op de kompasvormig gedecoreerde vloer afspeelt is minder doodgewoon.

De passagiers Bronstein, Van Wort en Delamarre zijn nog maar amper ingescheept of een sirene gaat af. Er is een onderzeeër gesignaleerd en die zou de `Nieuw Amsterdam' weleens kunnen torpederen. Het is 28 december 1917: de Duitsers hebben de `onbeperkte duikbootoorlog' afgekondigd en dankzij de Nederlandse neutraliteit is de Holland-Amerika Lijn (HAL) de enige rederij die überhaupt nog uitvaart. Een lucratieve onderneming. Aan boord: duizenden vluchtelingen, opgejaagd door zowel de oorlog als de Russische Revolutie. Op het tussendek krioelt de massa van landverhuizers uit Oost-Europa en de nuffige Cecilia Delamarre heeft geen goed woord voor hen over: ,,Nooit eerder zo'n onsmakelijk volkje meegemaakt. Die Polen, ze hebben wel luizen.''

De nachtclubdanseres Cecilia Delamarre reist een klasse hoger en zij noemt zichzelf geen landverhuizer maar een emigrant. In Hollywood wil zij haar geluk als actrice beproeven en ook haar mede-tweedeklassers koesteren hun Amerikaanse droom.

Van Wort uit Roodeschool wil farmer worden in Kansas, terwijl Bronstein uit Haarlem in de Nieuwe Wereld het morgenrood al ziet gloren, en dat morgenrood is de communistische mens.

En dit zomerlocatieproject, net als haar voorgangers Deshima en De Heeren Zeventien, is een geschiedenisles. Een leuke. Speels en liefdevol hanteert theatergroep Nomade de museale voorwerpen die haar omringen. De sirene wordt met veel spierkracht aangezwengeld; de stapelbedden in de kajuit voeren een bijna eigenmachtig dansje uit en de alarmklokken op het buffet doen dienst als begeleidingsinstrumenten bij de weemoedige liedjes.

Liedjes van Fien de la Mar en Pisuisse en Kees Pruis: nostalgie met een angel. Want sommige van die liedteksten zijn bitter, en ook het stuk zelf heeft een wrange bijsmaak.

Niet alledrie de personages komen Amerika binnen; het land van de ongebreidelde vrijheid blijkt scherpe grenzen te trekken. Ab Gietelink, die regie voert en tevens Bronstein speelt, baseerde zijn script op historische documenten. Hij manipuleerde ze met de gewiekstheid van een politicus en met de aandoenlijkheid van een romanticus van de oude stempel.

Voorstelling: Holland-Amerika Lijn door theatergroep Nomade. Scenario en regie: Ab Gietelink. Spel: Ab Gietelink, Munda van Langen, Dave Luza, Bert Vos. Gezien: 25/5 Open Haven Museum, KNSM-laan 311, Amsterdam. Aldaar t/m 3/6; tournee t/m 29/9. Inl.: (020) 6941082 of www.abgietelink.nl.