Peenemünde zoekt naar terugkeer in de beschaving

Peenemünde, het Oostzeedorp waar de nazi's hun V2-raket ontwikkelden, tracht moeizaam in het reine te komen met zijn verleden.

Zodra de bus in de richting van Peenemünde gaat, verandert het landschap. Langzaam verdwijnen de nostalgische kustplaatsen met hun witte huizen, die herinneren aan de negentiende-eeuwse strandcultuur uit de Duitse keizertijd. De dorpen met hun bakstenen kerken vervagen en achter het water van de Peene doemen de skeletten op van een verloren industrieel-militair complex. Kapotte bunkers, verzakte test-torens, de ruïne van een oude zuurstoffabriek.

Ooit was ook Peenemünde een idyllisch vissersdorp, totdat de militairen kwamen.Op deze noordelijke punt van het Duitse eiland Usedom aan de Oostzee, vier uur rijden van Berlijn, was het grootste bewapeningsproject in Hitlers Derde Rijk gevestigd. Hier ontstond het modernste hightech-centrum van Europa, waar de jonge wetenschapper Wernher von Braun in de jaren dertig het `Wunderwaffe' ontwikkelde: de V-1- en V-2-raketten – Hitlers vergeldingswapens die een voorloper werden van de ruimtevaart.

In Engeland zorgde vooral de V-2 tijdens de Tweede Wereldoorlog voor een psychose. Hiermee konden de geallieerden over een afstand van 300 kilometer worden gebombardeerd zonder dat verdediging mogelijk was. Toch bleek de V2 minder krachtig dan zijn reputatie. Ruim de helft van de raketten haalde de doelen niet.

Peenemünde werd gebombardeerd. Hitler verloor de oorlog. De knappe Wernher von Braun en honderden medewerkers liepen over naar Amerika, waar zij hun onderzoek naar de ruimtevaart konden voortzetten. Anderen belandden in Moskou.

Het bewapeningsarsenaal in Peenemünde werd na de oorlog vernietigd. De lege karkassen van enkele fabrieken, een energiecentrale en een ketelhuis bleven achter als herinnering aan het kwaad. Daarna nam het Oost-Duitse leger, de Nationale Volksarmee (NVA), het terrein in beslag voor haar zee- en luchtmacht.

Peenemünde wordt echter nog steeds achtervolgd door de oorlog. Ruim elf jaar na de Duitse hereniging zoekt het dorp naar een ,,terugkeer in de beschaving'', vertelt burgemeester Günter Koch. Dat gaat moeizaam. Het museum, dat ex-medewerkers van het vroegere ruimtevaartterein hebben gemaakt, is mikpunt van kritiek. Voor liefhebbers van techniek is Peenemünde synoniem voor de ontwikkeling van de wereldruimtevaart, voor critici blijft Peenemünde de wapensmid van de nazi's.

,,We moesten toch íets na de Wende'', zegt Peter Profe, voormalig NVA-werknemer die als technicus op het voormalige legerterrein werkte en nu gids is in het museum. ,,Toen het DDR-leger het dorp verliet, raakte driekwart van de bevolking zijn baan kwijt.'' Dus vatte een aantal oud-werknemers het idee op de restanten van het voormalige industriële- en ruimtevaartcomplex tot een museum om te vormen en toeristen te lokken. Peenemünde kon toch ook trots zijn dat het aan de wieg van de wereldruimtevaart had gestaan. Had Von Braun in Amerika niet de Redstone-raket ontwikkeld, die de Explorer-satelliet naar de hemel had geschoten, en had zijn latere Saturnus-raket de Apollo II niet naar de maan gebracht.

Het initiatief lokte heftige reacties uit. Toen ruimtevaartliefhebbers uit industrie, politiek en wetenschap in Peenemünde ook nog het 50-jarig bestaan van de V-2 wilden vieren met Daimler-topman Jürgen Schrempp als eregast, was het hek van de dam. Er stak een storm van protest op: van joodse organisaties, van oud-werknemers, van Peenemünders en van de internationale gemeenschap.

Stond Peenemünde niet voor een van de donkerste hoofdstukken in de Duitse geschiedenis? Was Wernher von Braun niet in 1938 lid van Hitlers NSDAP geworden en sinds 1940 officier van de SS. Had hij met zijn team de V-2 raket niet ontwikkeld over de ruggen van 60.000 dwangarbeiders en gevangenen uit concentratiekampen, waarvan er 20.000 waren gestorven aan ongelukken, ziekten en executie.

,,De V-2 is waarschijnlijk het enige wapen waarvan de productie meer mensenlevens heeft geëist dan de inzet van het wapen zelf'', zegt Dirk Zache. Hij is de nieuwe museumdirecteur, die probeert voor het omstreden complex een nieuw concept te ontwikkelen. Want Peenemünde, dat 600 inwoners telt, heeft het museum nodig. ,,Het dorp is zo arm dat er nauwelijks belastinginkomsten zijn. Het museum moet geld in het laatje brengen'', zegt Zache. Het eiland Usedom – de `badkuip' van de Berlijners – is erg in trek bij toeristen. Daarvan hoopt Peenemünde een graantje mee te pikken.

Dus is Zache, een West-Duits kunsthistoricus uit Bamberg, druk doende een plan te ontwikkelen voor zijn museum. Dat is lastig genoeg want ook hij moet de spagaat zien te maken tussen Hitlers grootheidswaan en de betekenis die Peenemünde had voor de ruimtevaart. Bovendien kent men op Usedom de risico's van nationalistische overblijfselen al te goed. Enkele kilometers verder, in het lieflijke Ahlbeck, sloegen rechts-radicale jongeren nog niet zo lang geleden voor de kerk een dakloze dood. ,,Moet het raketten-museum een bedevaartoord worden voor neo-nazi's?'', vraagt een inwoonster van Peenemünde verontwaardigd.

Directeur Zache gelooft dat hij zijn museum acceptabel kan maken. ,,Het moet mogelijk zijn de plekken waar de daders van het nationaal-socialisme hebben huisgehouden ter discussie te stellen'', zegt hij. Geldt niet hetzelfde voor andere problematische plaatsen in de Duitse geschiedenis zoals Berchtesgaden, Hitlers vroegere woon- en commandocentrale in Beieren? Voor Nürnberg, waar op het voormalige paradeterrein van de nazi's een documentatiecentrum ontstaat? En voor Prora op het eiland Rügen, waar Hitler het immense vakantie-oord `Kraft durch Freude' voor arbeiders had gepland?

Daarom wil Zache op het enorme museumterrein niet alleen nagebouwde raketten laten zien, maar ook uitvoerige educatieve informatie geven over de gruweldaden van de nazi's en de concentratiekampen in Thüringen waar Poolse, Franse en Nederlandse dwangarbeiders in grotten aan de militaire productie werkten. In films vertellen ex-gevangenen over de bezetenheid van de ingenieurs, die ,,bereid waren hun ziel aan de duivel te verkopen'' om hun droom te verwezenlijken. Zache: ,,Voor ingenieurs was Peenemünde de hemel, voor dwangarbeiders was het een hel. In die ambivalentie blijft Peenemünde altijd gevangen.''