Naar de fitnessruimte als de bommen vallen

Op het terras van de United Nations Beach Club in Gaza ramt de negenjarige Felix met het voorwiel van zijn step tegen de tegels: ,,Sharon, Sharon'', wijst hij triomfantelijk naar de grond en beweegt zijn voet alsof hij een sigaret uitdrukt.

De Palestijnse vader van het ventje neemt een flinke slok bier, zijn Britse moeder Maria slaakt een diepe zucht: ,,Dit bedoel ik nou. Ik wil niet dat mijn zoon opgroeit met het idee dat alle Israeliërs monsters zijn. Maar hoe houd je dat tegen? Hoe bied je je kind een evenwichtige opvoeding in oorlogsgebied?''

Ze werpt een smachtende blik op het biertje van haar echtgenoot en wijst op haar dikke buik: ,,Over drie maanden komt de kleine en mag ik weer drinken. I can't bloody wait.''

Tot het uitbreken van de Palestijnse opstand eind september vorig jaar, was de UN Beach Club het kloppend hart van de ex-pat gemeenschap in Gaza. Diplomaten, ontwikkelingswerkers, VN-personeel, medewerkers van culturele instituten, vrijwilligers en journalisten – iedere vrijdag kwamen ze naar de Beach Club voor drankovergoten feestjes. Op een gemiddelde avond waren er zeker honderdvijftig, dancing the night away.

Acht maanden en talloze bombardementen, grenssluitingen, schietpartijen en begrafenissen later is er nog een handvol over. Ze verzamelen zich iedere vrijdag op het door hoge muren omgeven terras, uitkijkend over de zee waar in de verte Israëlische marineschepen patrouilleren, klaar voor een nieuw bombardement.

Deze vrijdagmiddag is er barbecue, met Heineken bier voor een dollar. Sinds fundamentalisten in de herfst het hotel al-Tahuna, de Windmolen, in de as legden, is de Beach Club de enige plek in Gaza waar nog boven de tafel alcohol wordt geserveerd. Verder is er een bibliotheek, een videoruimte met ongecensureerde banden, een fitnessruimte met sauna en een poolbiljart. ,,Hier hebben we vorige keer kerstmis gevierd,'' wijst Maria Black naar een vijftal tafels met gifgroene kleedjes eroverheen.

Natuurlijk denken de laatste ex-pats om het terras van de Beach Club over evacuatie. De 26-jarige Stefany uit Canada is kleuterleidster op de Amerikaanse Internationale School, de enige Engelstalige onderwijsinstelling in de Gazastrook, met een schoolgeld van tienduizend gulden per jaar. De meeste leerlingen komen uit gemengde huwelijken, en van rijke Palestijnse families uit de diaspora die na de Oslo-akkoorden naar Gaza kwamen.

,,Ik blijf om mijn leerlingen'', zegt Stefany vol overtuiging vanachter een biertje. ,,Ik ben nu eenmaal de verplichting aangegaan om voor ze te zorgen. And I love them! Maar als zij niet meer naar school kwamen, dan ben ik morgen vertrokken.''

Nadat de moslim-fundamentalistische beweging Hamas in oktober had gedreigd de school op te blazen, belde de Canadese ambassade in Tel Aviv iedere dag op om Stefany tot vertrek te bewegen. Toen hield het opeens op. ,,Ze hebben me opgegeven'', schatert ze, om serieus te vervolgen: ,,Ik krijg hele nare e-mails uit Canada. Over wat ik mijn familie aandoe door hier te blijven... Ik probeer ze uit te leggen dat die bombardementen heel precies zijn, en dat de schietpartijen buiten Gazastad plaatsvinden. Maar mijn familie kijkt CNN en denkt dat heel de Gazastrook in brand staat. Het is ongelooflijk hoe snel je eraan went. Als er nu wordt gebombardeerd, denk ik alleen maar: oh, wat vervelend, nu kan ik niet slapen van het lawaai.''

Als de Israëliërs overdag bombarderen, gaat Stafany vaak naar het fitnesscentrum. ,,Dat heb ik dan helemaal voor mezelf'', grinnikt ze, om daar na een korte stilte aan toe te voegen: ,,Mijn familie heeft ook wel een beetje gelijk. Zo precies zijn die bombardementen ook weer niet.''

Stefany's collega Tracy geeft les op dezelfde school. Zij heeft de Amerikaanse nationaliteit. Na het Hamas-dreigement werden al haar landgenoten in Gaza bijeengeroepen voor een telefoontje van de ambassade in Tel Aviv.

De telefoon ging op de speaker en iedereen kon horen hoe een hoge diplomaat zei: ,,Ik kan jullie niet dwingen weg te gaan. Maar ik raad jullie zeer, zeer dringend aan onmiddelijk te vertrekken. Laat alles achter, stap in een auto en wegwezen. Het is levensgevaarlijk.'' Drie collega's vertrokken. Tracy bleef.

Niettemin, het tij lijkt niet te keren. Sinds september zijn al dertig van de honderd leerlingen van de Amerikaanse school met hun families uit Gaza vertrokken. Naar verwachting begint de echte leegloop in Gaza pas bij de aanvang van de zomervakantie over een maand. Palestijnen met kinderen en een Westers paspoort wachten het einde van het schooljaar af, en keren dan hun staat die geen staat bleek te worden, de rug toe.

Het gevolg zal zijn dat de laatste restjes cultureel leven Westerse stijl in Gaza verdwijnen, en daarmee de seculiere elite. Palestijnse jongeren houden dan de keus over tussen de corrupte potentaten van het Palestijnse Gezag en de religieuze extremisten van Hamas. ,,Juist nu de Palestijnen de Westerse hulpverleners echt nodig hebben, worden ze geëvacueerd'', zegt een ontwikkelingswerkster. ,,Het is frustrerend: de ellendige situatie waarin wij moeten leven, en tegelijkertijd het besef dat mensen het een kilometer verderop oneindig veel moeilijker hebben.''