FOUT IN GEN VOOR DE ZIEKTE VAN CROHN LAAT AFWEER ONTSPOREN

Europese en Amerikaanse onderzoekers hebben onafhankelijk van elkaar een gen gevonden dat betrokken is bij de ziekte van Crohn, een veelvoorkomende chronische darmontsteking. Het gevonden gen codeert voor een eiwit dat helpt bij de herkenning van bacteriën. Deze vondst past in het idee dat de ziekte van Crohn met een verstoord immuunsysteem samenhangt. Het opgespoorde gen is niet hét gen dat de ziekte veroorzaakt, maar één van de genen die er een rol bij kunnen spelen. Beide onderzoeksgroepen presenteerden hun resultaten maandag op een congres van maagdarmspecialisten in Atlanta. Hun publicaties verschijnen op 31 mei in Nature.

Patiënten met de ziekte van Crohn zijn doorgaans rond de twintig als ze op onvoorspelbare momenten last krijgen van heftige ontstekingen van het darmslijmvlies, die gepaard gaan met diarree, koorts en bloed in de ontlasting. Sommige patiënten zijn vrij eenvoudig met medicijnen te behandelen, maar bij anderen maken darmvernauwingen en fistelvorming ingrijpende operaties nodig. De ontstekingen ontstaan doordat het immuunsysteem te heftig reageert als bacteriën uit de darm het slijmvlies binnendringen. Over de oorzaken hiervan bestaat onduidelijkheid. Erfelijke aanleg speelt zeker een rol, maar waarschijnlijk ook omgevings- of leefstijlfactoren, want het aantal patiënten stijgt de laatste decennia gestaag. Momenteel treft de ziekte ongeveer één op de duizend mensen.

Er wordt al jaren naar de Crohn-genen gezocht. Daarbij zijn in het genoom vijf of zes gebieden gevonden waarin mogelijk een betrokken gen ligt. Het nu gevonden gen ligt in één daarvan. In zo'n gebied kunnen echter tientallen genen liggen. Om het juiste gen te vinden hebben beide groepen het DNA van enkele honderden patiënten en hun familieleden minutieus nageplozen op verschillen tussen mensen met en zonder de ziekte. Bij een deel van de patiënten stuitten zij daarbij op mutaties in het gen Nod2. De functie van het eiwit waarvoor dat gen codeert klopt wonderwel met de gangbare opvatting over het ontstaan van de ziekte. Nod2 codeert namelijk voor een eiwit dat bacteriën herkent aan bepaalde bestanddelen van hun celwanden. Het Nod2-eiwit komt bijvoorbeeld voor in monocyten, cellen uit de voorhoede van het afweersysteem. Monocyten houden bacteriën aan en brengen ze op zodat ze vernietigd kunnen worden. Als het Nod2-gen gemuteerd is, herkennen de monocyten de bacteriën niet (goed) meer. Dat kan leiden tot een overreactie van het immuunsysteem die niet alleen de bacteriën treft, maar ook de cellen van het darmslijmvlies. Die worden dan het slachtoffer van heftige ontstekingsreacties.

Omdat ongeveer één op de vijf Crohn-patiënten een mutatie in Nod2 heeft, is dit slechts één van de mechanismen die een rol spelen bij de ziekte van Crohn. Toch is het in Atlanta gepresenteerde onderzoek van belang, omdat de vondst van één gen het zoeken naar de andere genen in een stroomversnelling kan brengen. Bovendien is wel duidelijk dat een intact Nod2-gen tot op zekere hoogte bescherming tegen de ziekte van Crohn biedt.