Tweede akte

IN AMERIKA IS gisteren aan de tweede conservatieve revolutie binnen tien jaar een vroegtijdig einde gekomen. Als gevolg van de desertie van senator James Jeffords van Vermont verliezen de Republikeinen hun meerderheid in de Senaat. De conservatieve revolutie van 1994, die van Gingrich in het Huis van Afgevaardigden, kreeg de genadeslag binnen een jaar met een verzoeningsbegroting van president Clinton en de toenmalige meerderheidsleider in de Senaat, Trent Lott. Ditmaal zijn het niet de overheidsfinanciën die zand in de wielen van de revolutie hebben gestrooid. Integendeel, Juist deze week sleepte president Bush, met steun van twaalf Democraten, zijn mammoetbelastingverlaging door de Senaat.

De groeiende malaise onder gematigde Republikeinen over de aartsconservatieve koers van hun partij heeft een woordvoerder gevonden in een volksvertegenwoordiger met een lange staat van dienst uit een staat met een verlichte reputatie. Op de verwijten aan zijn adres uit de hoek van de ultra's heeft Jeffords dan ook koeltjes geantwoord dat hij in de eerste plaats de kiezers van Vermont vertegenwoordigt. Bovendien, zijn weerzin tegen de conservatieven was overbekend. Het is niet ongebruikelijk dat Amerikaanse politici tijdens hun mandaat van kleur verschieten, maar de verregaande gevolgen van Jeffords besluit zijn uniek. Het drama van de omstreden verkiezingsuitslag van vorig jaar beleeft in zekere zin zijn tweede akte. Hoewel kandidaat Gore bij de verkiezingen de meeste stemmen behaalde, raakte Bush met steun van het Hooggerechtshof in het Witte Huis. Huis en Senaat bleven weliswaar in Republikeinse handen, maar de Senaat alleen dankzij de beslissende stem bij het staken der stemmen van vice-president Cheney. De verhouding in de Senaat was 50-50. Door het vertrek van Jeffords uit de Republikeinse fractie is die verhouding nu 50-49. Door de bank genomen is de sleutelrol van Cheney uitgespeeld. De voor de wetgeving beslissende Senaatscommissies worden van nu af aan voorgezeten door Democraten. Presidentiële benoemingen in de rechterlijke macht mogen rekenen op een zeer kritische beoordeling in de Senaat. De viervoudige Republikeinse overmacht – het presidentschap, beide huizen van het Congres en het Hooggerechtshof – is gebroken.

Zoals de stemming over de belastingverlaging nog eens heeft aangetoond, beslist het Amerikaanse Congres zelden langs de scheidslijn tussen de twee partijen. Beide zijn conglomeraten van soms zeer uiteenlopende belangen, principes en visies, de volksvertegenwoordigers zijn bovendien gevoelig voor de belangen die in hun regio spelen. Een president die inspeelt op deze verscheidenheid kan veel bereiken, zelfs wanneer zijn eigen partij niet over de formele meerderheid beschikt. Sterker, soms kan hij in zo'n geval de scherpslijpers uit de eigen achterban gemakkelijker op afstand houden.

DIE OMSTANDIGHEID biedt Bush kansen om alsnog een succesvol presidentschap af te leveren. Maar dan zal hij de conservatieve revolutionairen in zijn directe omgeving dienen te disciplineren. De president is ervan overtuigd dat zijn herverkiezing in 2004 afhankelijk is van steun uit die hoek. Maar dankzij het vertrek van Jeffords beschikt hij nu over een alibi voor een verzoeningsgezinder beleid dan de regering in de eerste maanden van haar bestaan heeft gevoerd. Clinton heeft laten zien hoe vanuit een minderheidspositie meerderheden worden gevormd.