Stad Berlijn gaat bijna failliet na mismanagement

Berlijn staat aan de rand van het faillissement. De deelstaat heeft een strop opgelopen van 4 tot 5 miljard mark als gevolg van mismanagement bij de Berlijnse staatsbank (Bankgesellschaft Berlin). De officier van justitie heeft een onderzoek ingesteld tegen de top van de bank.

De problemen zijn ontstaan na een reeks riskante onroerendgoedtransacties in de jaren negentig. Met een belang van 56,6 procent is Berlijn de grootste aandeelhouder van de Bankgesellschaft. Het geldinstituut is een van de tien belangrijkste banken in Duitsland.

Eerder deze week werd bekend dat de Bankgesellschaft niet langer in staat is om kredieten te verstrekken, omdat de verhouding tussen eigen kapitaal en uitstaande leningen onder de zeven procent is gezakt. De Duitse kredietwet vereist een dekkingspercentage van ten minste acht procent.

Het stadsbestuur, onder leiding van burgemeester E. Diepgen (CDU), heeft nu besloten vier miljard uit te trekken om de bank voor het faillissement te redden. Aangezien de stad het geld niet heeft, ontstaan er nieuwe schulden. De algemene rekenkamer van Berlijn waarschuwde al dat het geld – tien procent van de begroting – niet kan worden opgehoest zonder een beroep te doen op de Duitse staat. Daarmee dreigt Berlijn onder curatele te komen staan.

Sinds de Duitse eenwording van 1990 verkeert Berlijn in grote financiële moeilijkheden. Al jaren wordt bezuinigd op openbare instellingen als zwembaden, ziekenhuizen, scholen en theaters. De totale schuldenlast van Berlijn bedraagt 84 miljard mark. Met bijna 20.000 mark per hoofd van de bevolking is de schuldenlast twee keer zo hoog als in andere Duitse deelstaten.

Vooral de top van de onroerendgoedfinancier Berlin Hyp, een van de onderdelen van de bank, ligt onder vuur. De problemen vloeien voort uit de belangenverstrengeling tussen de regerende politici in Berlijn en de bank.