mode Is permanente prostitutie

Walter Van Beirendonck ontwerpt mode. Voor de zomer kleedt hij de stad Antwerpen aan, met `een beetje kleur in deze door het Vlaams Blok gedomineerde stad'.

Negen ringen heeft Walter Van Beirendonck om zijn vingers. Stuk voor stuk zijn die van zilver en groot genoeg om een flinke hommel mee dood te drukken. ,,En alles is ermee begonnen'', zegt Van Beirendonck. ,,Toen ik een jaar of veertien was, werd ik geraakt door sterren als David Bowie en Lou Reed. Glamour people. Zij lieten zien dat je met make-up en kleding een beeld van jezelf kan maken, een image, waar mensen naar omkijken. Toen ben ik begonnen met mijn ringen. Geen twee of drie, maar véél. Het moest meteen een statement zijn.''

Hij heeft het volgehouden. Zelfs op een doordeweekse dag, als de modeontwerper werkt in het kantoor van de zomermanifestatie Landed/Geland, word je even stil van hem. Van Beirendonck is groot, kaal, getooid met een raspoetineske baard en heeft een vervaarlijke blik in zijn ogen. Maar al snel blijkt de echte Van Beirendonck aardig te zijn, beleefd, op het verlegene af. Het maakt hem alleen maar sympathieker. Waar de meeste modeontwerpers net leeuwentemmers zijn die de modellen hun kunstje laten doen, is Van Beirendonck zelf een wandelend statement over de betekenis van kleding en uiterlijk.

Het ligt dan ook voor de hand dat Van Beirendonck de artistiek leider is van Landed/Geland, de grote manifestatie waarmee Antwerpen deze zomer definitief zijn naam als modemetropool wil vestigen. Voor veel Nederlanders mag Antwerpen met zijn Mode Academie en ontwerpers als Dries van Noten, Ann Demeulemeester en Martin Margiela al jaren een van de meest vooraanstaande modesteden in de wereld zijn, in de stad zelf was daar niet veel van te merken. De academie was oud en nauwelijks toegankelijk, de winkels van de belangrijkste ontwerpers lagen verspreid door de stad.

De organisator van Landed, het Flanders Fashion Institute, vroeg Van Beirendonck om mode vooral vanuit de `culturele' hoek te benaderen. En zo kwam hij al snel op de expositie Mutilate, over lichaamsmanipulatie van kleding tot tattoo's. Er is een manifestatie rond Rei Kawakubo (van Comme des Garçons) en Gabrielle Chanel, `twee vrouwen die voor een revolutie in de modegeschiedenis hebben gezorgd'. Nog opvallender zijn de enorme kleurvlakken die Van Beirendonck in de stad laat aanbrengen. Als alles doorgaat zal de Antwerpse Groenplaats vanaf de opening een week lang bedekt zijn met een enorm grasveld, het Mukha is de hele zomer felrood, de Leien fluorescerend geel en de Politietoren wordt lichtblauw. ,,Een beetje kleur in deze door het Vlaams Blok gedomineerde stad'', aldus de ontwerper.

Uiteindelijk culmineert Landed in de opening van ModeNatie, een monumentaal pand in het hart van Antwerpen, waarin onder andere de Mode Academie en een Mode Museum worden gevestigd. Ook lanceert Van Beirendonck deze zomer, in samenwerking met de Nederlandse stichting Artimo, Nr. A, een blad dat `inhoudelijk over mode gaat', aldus Van Beirendonck. ,,Niet het zoveelste tijdschrift dat eerst zoveel mogelijk advertenties binnenhaalt en daar de reportages omheen bouwt. Ook geen restaurants, of hippe hapjes. Mode. De adverteerders mogen wat mij betreft blij zijn dat ze erin mogen.''

Teddybeer

Aan al deze activiteiten ontbreekt eigenlijk maar één ding: Walter Van Beirendonck de ontwerper. Van Beirendonck mag zich dan opwerpen als de spil van Mode 2001, zijn eigen ontwerpen zijn daarbij zo goed als afwezig. Dat is al goed te zien in `Walter', Van Beirendoncks outlet in de Sint-Antoniusstraat in Antwerpen-Centrum. De winkel, met z'n rolluik, blokhut vol kleding en enorme teddybeer voor de kindercollectie, was tot voor enkele jaren een van de weinige plekken in Antwerpen waar je alle modemerken bij elkaar vond. Wie er nu gaat kijken treft er weliswaar nog steeds kleding van goede, eigenzinnige ontwerpers aan, maar in vergelijking met het verleden lijkt het geheel wat bedaagder geworden. Dat komt vooral doordat de extravagante hand van Van Beirendonck veel minder aanwezig is. Op een rek met T-shirts van zijn nieuwe label Aestheticterrorists en een `Starship Earth-limited edition' is er van `de baas' niets te bekennen.

Die omissie is het gevolg van wat Van Beirendonck zelf nog steeds `de scheiding' noemt, de breuk met zijn label W&LT (spreek uit `Walt'). Hij zette dit label, met als motto `Kiss the Future!', in 1993 op, samen met de Duitse firma Mustang. Mustang leverde de financiën en het distributieapparaat, inhoudelijk kreeg Van Beirendonck alle vrijheid. Het bood hem ongekende mogelijkheden. Eindelijk kon hij experimenteren met de steun van een groot bedrijf. Voor W&LT maakte Van Beirendonck streetwear, in felle kleuren en van de modernste stoffen, die hij weer ontleende aan sport- en outdoorkleding. Ook W&LT's kinderkledinglijn was opmerkelijk; Van Beirendonck ontwierp er fel-rood en geelgekleurde stukken met ingebouwde sirenes en piepjes die bij de kinderen erg aansloegen, ook al door de aanstekelijke, vals kijkende mascotte Pukpuk. Op W&LT's volwassenenlijn dook Van Beirendoncks eigen, vervaarlijk kijkende hoofd vaak op. Het leek een perfecte combinatie: de ontwerper met zijn wilde imago die trendy streetwear maakt voor de grote fabrikant, die daardoor ook met het moeilijkste segment van de markt in contact blijft.

Maar twee jaar geleden ging het mis. ,,Een klassiek verhaal eigenlijk'', zegt Van Beirendonck. ,,Aanvankelijk was het een prachtige samenwerking, waarvan we allebei wisten dat die een duidelijk commercieel doel diende. Toch lieten ze me vrij. Maar toen kwam de gigant in de problemen en wilden ze de investeringen in W&LT zo snel mogelijk terugverdienen. Ze begonnen marketingmensen naast me neer te zetten die mij vertelden welke kleuren ik moest gaan gebruiken. Ze begonnen me zelfs te vertellen dat ik trendy ontwerpen moest gaan kopiëren om zoveel mogelijk te kunnen verkopen. Heel lang dacht ik: dit is een commercieel product, ik moet alleen maar denken aan het geld dat het oplevert. Maar na een paar jaar ging het niet meer. Ik was een marionet geworden. Ik was mijn vrijheid kwijt. Toen besloot ik ermee te stoppen.''

Wat hield dat in?

,,Dat ik alles kwijt was. Het merk, de rechten de slogans, dat wist ik ook, dat was van tevoren duidelijk afgesproken. Het was hard. Ik was weer terug bij af. Ik moest m'n personeel ontslaan en had financieel niets meer om op terug te vallen. Daarom kwam het aanbod van het Flanders Fashion Institute om Landed te gaan leiden, wel goed uit. Even geen zes collecties per jaar. Even afstand.''

U stootte eigenlijk op de grens van de mode. Het feit dat je alleen maar creatief kunt zijn met behulp van de industrie.

,,Ja, dat is het probleem met mode. Mode wordt vaak gedomineerd door marketing en budgetten. Daardoor wordt de creativiteit zo geminimaliseerd dat het mij begon te shockeren. Ik ben nu ook op zoek naar een goede balans in mijn projecten. Een balans waarin ik me voldoende kan ontwikkelen en ik er persoonlijk ook nog wat voldoening uit haal. Maar experimenteren is heel moeilijk voor modeontwerpers. Als je kleding of schoenen maakt in een oplage van een paar honderd stuks kun je nooit zoveel proberen als een fabrikant als, zeg, Reebok, die er van een schoen altijd meteen 500.000 verkoopt. Je zit altijd met de contradictie; als je wilt onderzoeken heb je geld nodig en moet je je aan de industrie liëren. Anders beperk je jezelf al snel in je mogelijkheden.''

Is dat altijd al zo geweest?

,,Nee, ik denk dat de mode zichzelf heeft beperkt. Vanaf de jaren vijftig maakte de mode een enorme ontwikkeling door. Er kwamen nieuwe technieken om kleding te maken, er werd geëxperimenteerd, er werden nieuwe stoffen uitgedacht. In de jaren zestig en zeventig is dat allemaal weer afgebouwd. Ik heb me altijd afgevraagd waarom dat is gebeurd. Ik ben bang dat het te maken heeft met dat na de revolutie op technisch gebied alle productie naar lagelonenlanden als India is overgebracht. Daar zitten nu mensen heel goedkoop aan de machine te produceren. Dat heeft die hele evolutie stilgelegd.''

U heeft uw nieuwe label Aestheticterrorists genoemd. Gaat u zich opwerpen als de luis in de pels van de mode?

,,Die naam is ontstaan na de W&LT affaire. Ik wou een naam die wat te vertellen had en een associatie met woorden die sterk werkt. Kreten die mensen provoceren, die ik nu ook in de collectie verwerk. Ik vond het wel tijd om eens wat bommetjes in de modewereld te gaan gooien. Ik voel mezelf een beetje een terrorist die een masker opzet en die kleine hints en prikkels uitdeelt in de modewereld.''

Hoe werkt dat dan?

,,Ik verwerk graag statements in mijn kleding. Op sommige nieuwe stukken staat bijvoorbeeld de kreet `I hate copycats'. `Ban fashion nazi's', staat er ook een paar keer op. En `I hate fashion slaves'.''

Dat lijkt me meer een vorm van zelfkastijding.

,,U moet zich niet vergissen, zulke statements kunnen bij mensen in de mode hard aankomen. Ik werd pas nog geïnterviewd door een modejournalist die zich echt persoonlijk voelde aangevallen. Die zei: ik ben door mode geboeid, ik draag kleding van ontwerpers en dan noem jij mij een fashion slave.''

Maar is het modepubliek wel bereid zich te verdiepen in zulke statements? Willen die er niet gewoon mooi of modern uitzien?

,,Ja, dat is een van de oppervlakkige kanten van mode die mij enorm stoort. Aan de andere kant: ik ben zelf ook niet bepaald een intellectueel, daar ben ik veel te dom voor. (lacht luid) Nee, maar, ik ben gefascineerd door dingen die er op de wereld gebeuren, ben er soms ook door geshockeerd en dat wil ik op een of andere manier toch in mijn collecties verwerken. Dat kunnen politieke statements over mode zijn, maar ook over andere zaken. Ik heb shows gedaan die op het eerste gezicht enorm fun waren, maar daar zat een groot aantal slogans in verwerkt over aids. Over wat aids aanricht, hoe aids mensen kapotmaakt. Maar inderdaad: uiteindelijk merkten weinig mensen dat. Iedereen zat toch vooral weer ooh en aah te roepen.''

Voor een ontwerper klinkt u erg ambivalent over de modewereld.

,,Jaja, ik vind het ook vaak een verschrikkelijke wereld. Het systeem is eigenlijk verschrikkelijk.''

Wat is het systeem?

,,Het systeem van aandacht. Je neemt een persagent, die zorgt ervoor dat je overal mag vertellen hoe goed je bent. Via je shows maak je statements waarmee je zoveel mogelijk aandacht trekt en in de goede circuits terechtkomt. Dan word je gehyped en kom je in de juiste tijdschriften die weer door de juiste mensen worden gelezen... Het is eigenlijk een permanente vorm van prostitutie.''

Maar u was daar blijkbaar wel goed in. U bent aardig bekend geworden.

,,Ja, ik weet het, ik heb het allemaal gedaan. Het is de contradictie van de mode. Ik heb er een hekel aan, ik vind het prostitutie, maar ik kan ook niet zonder. Mode is nu eenmaal de manier waarop ik me het beste uitdruk.''

Wat voor beeld denkt u, met zo'n visie, bij `Landed/Geland' van de mode te bieden?

,,Een eerlijk beeld, hoop ik. Mode als emotie, authenticiteit, met radicale stellingen, passie. Dat zijn de begrippen die hier aan bod komen en die ik probeer te verdedigen. Wanneer Rei Kawakubo van Comme des Garçons toezegt hier persoonlijk te zullen deelnemen, dan komt dat omdat ik op die manier met mode omga. Ik kan ze hier niet het langste podium ter wereld bieden of de meest glorieuze modellen, of de meest luxueuze, fabuleuze collecties. Daar gaat het ook niet over. Het moet over een eerlijke oprechte benadering van mode gaan.''

Hoe omschrijft u die manier?

,,Een creatieve, niet marketing-gerichte, passionele manier van mode en kleding ontwerpen.''

Dat wil iedere ontwerper wel.

,,Nee, want volgens die criteria vallen er ook diverse ontwerpers buiten. Al te veel namen kan ik niet noemen, maar als het om deze begrippen draait kan Gucci niet deelnemen. Niet omdat ik Gucci te commercieel vind, maar de visie van dat huis staat zo haaks op waar wij mee werken, dat zou niet kloppen. Voor Armani geldt min of meer hetzelfde.''

De Belgische ontwerpers wel? Collega's als Dries van Noten of Ann Demeulemeester of Martin Margiela?

,,Jaja, die passen er allemaal wel in. De een misschien wat meer dan de ander, maar ze passen er allemaal in.''

Maar toch: ook deze collega's ontwerpen uiteindelijk vooral voor een groep mensen met redelijk veel geld die in een bepaalde sociale klasse verkeren? Zij hebben zich toch ook aangepast aan de bourgeoisie?

,,Dat is het typische modeprobleem. Om als ontwerper te overleven moet je je aanpassen aan mensen die geld hebben. Je bedenkt iets, maakt het, toont dat op een meisje van zestien en verkoopt het vervolgens aan een vrouw van 55. Dat klopt niet, maar ze kunnen niet anders, dat is de manier van werken waar ze door de industrie toe worden gedwongen. Maar ik weet zeker dat ze allemaal nog steeds de ambitie hebben om grensverleggende kleding te maken, kleding voor `jonge' mensen. Dat is waar het uiteindelijk om gaat.''

Landed/geland, door heel Antwerpen van 26 mei t/m 7 oktober. Inl. 003270233799 of www.mode2001.be. Het tijdschrift Nr. A. verschijnt begin augustus bij uitgeverij Artimo.