Meer antithese laat zien waar het in de politiek om moet gaan

Vaak wordt het beeld opgeroepen dat de verschillen tussen politieke partijen zijn verbleekt. Maar de recente verwijten vanuit liberale hoek over de onverdraagzaamheid van christelijke partijen roepen een heel ander beeld op, menen Jan Peter Balkenende en Jaap de Hoop Scheffer.

De aanhangers van Abraham Kuyper beleven momenteel mooie tijden. Na de aanvallen van de fractievoorzitters van VVD en D66, Dijkstal en De Graaf, op de visie van christelijke partijen over het euthanasievraagstuk is Kuypers term `antithese' weer helemaal in. Vaak wordt het beeld opgeroepen dat de verschillen tussen politieke partijen zijn verbleekt. Maar de recente verwijten vanuit liberale hoek over de onverdraagzaamheid van christelijke partijen roepen een heel ander beeld op. Kuyper zei ooit dat de liberalen `onze erfvijanden' waren. Hij ontzegde de liberalen hun opvattingen niet, maar was het er fundamenteel mee oneens. Tegenover de liberale vrijheidsideologie plaatste hij een christelijk geïnspireerd mens- en maatschappijbeeld. De antithese was nodig om het debat scherp te krijgen.

Dijkstal zet eveneens het debat op scherp. ,,De houding van de imams was onaanvaardbaar, want onverdraagzaam. Om me er niet te makkelijk van af te maken plaats ik een aantal christelijke partijen bijna in datzelfde kader.'' En verder: ,,Het zit me geweldig dwars. Ik heb nooit het gevoel dat zij de keuze van andersdenkenden respecteren. De christelijke partijen gaan ervan uit dat de ethiek alleen bij hen in goede handen is.'' Zijn verwijt is duidelijk: vanwege hun ethische opvattingen tonen christelijke partijen zich onverdraagzaam. De liberaal Dijkstal ontzegt daarmee deze partijen het morele recht en de vrijheid om in politiek opzicht voor hun standpunt te knokken. In een democratie dienen politieke partijen echter juist vanuit hun waardenoriëntaties visies te ontwikkelen en uit te dragen. Onverdraagzaamheid begint waar mensen anderen het recht ontnemen legitieme opvattingen te uiten. En dat is precies wat Dijkstal nu feitelijk doet.

Het liberale pleidooi komt in feite op niets anders neer dan dat christelijke partijen de liberale visie op ethiek en de daarbij passende rol van de overheid maar hebben te erkennen. Binnen dat liberale kader is het aan individuen om die ethische afwegingen te maken die hen aanstaan. Christelijke maar ook andere levensbeschouwelijke waarden worden dan verdrongen naar de micro-ethiek. Wanneer politieke partijen – om het even of zij nu wel of geen christelijke signatuur hebben – zich zouden neerleggen bij een dergelijke opvatting over ethische kaders in de samenleving en de daarop toegesneden rol van de overheid, zijn zij geen knip voor hun neus waard. Het is niet alleen het legitieme recht maar ook de morele plicht om een vertaalslag te maken van politieke waarden naar een visie op de inrichting en kwaliteit van de samenleving en op de taak en plaats van de overheid. Met de recente paarse wetgeving inzake euthanasie en het verwijt aan christelijke partijen van onverdraagzaamheid wordt de antithese krachtig bevorderd.

Nu zou het echter niet juist zijn, om het debat alleen te verengen tot een discussie over de onlangs totstandgekomen euthanasiewetgeving. Dijkstal doet dat ook niet, want zijn formulering dat christelijke partijen ervan uitgaan dat de ethiek alleen bij hen in goede handen is, is van algemene strekking. In feite zien we ethische kwesties op tal van terreinen terugkomen. In de fiscaliteit kan men het individu voorop stellen, of men kan rekening houden met huishoudens. Men kan gezinsvriendelijke maatregelen koppelen aan de keuzevrijheid van rolverdeling in een huishouden of men kan, zoals PvdA-fractievoorzitter Melkert wil, die faciliteiten beperken tot gezinnen waarin beide partners arbeid en zorg combineren. Het relativeren van de zondag – zie het onlangs gepresenteerde initiatief van PvdA en VVD – met het oog op meer sociaal-economische flexibiliteit is ook een keuze. En dan hebben we het nog niet eens over de mate van vrijheid voor maatschappelijke organisaties om te kunnen handelen naar eigen inzicht en goeddunken. Op al deze terreinen worden niet alleen politieke maar vooreerst ethische keuzes gemaakt. Die keuzes moeten niet worden weggemoffeld onder een soort liberale vrijheidsfilosofie, maar nadrukkelijk worden gearticuleerd.

De antithese van Kuyper kan worden verklaard uit de gepolariseerde opvattingen in de 19de eeuw. Maar de huidige samenleving zit anders in elkaar. De tegenstelling tussen liberale partijen en christelijke partijen is aanwezig, maar het debat over waarden en ethiek zal in de eenentwintigste eeuw anders liggen dan in de negentiende of de twintigste eeuw. De traditionele verzuiling heeft al plaatsgemaakt voor nieuwe verhoudingen. De tegenstelling zal meer komen te liggen bij uiteenlopende oriëntaties in waarden. Op medisch-ethisch terrein staan tegenover libertaire waarden, zoals gerepresenteerd door minister Borst, VVD-senator Dupuis en ook Dijkstal zelf, opvattingen waarin meer wordt gepleit voor kwaliteit van omgang met elkaar en beschermwaardigheid van het leven. Die nieuwe tegenstelling is van andere orde dan de oude antithese van christelijk versus niet christelijk. Economisering van de samenleving vindt een tegenpool in zaken als aandacht voor elkaar, minder stress en oog voor de niet-materiële dimensies van het bestaan. Het paarse denken in termen van óf staat óf markt vindt een alternatief in benaderingen waarin gemeenschapsdenken en `civil society' voorop staan. Prima wanneer de VVD de Zalmnorm tot inzet van de verkiezingen maakt, maar men kan ook het publieke gerechtigheidmotief als richtinggevend kader voor het overheidshandelen voorop stellen.

Het interessante is nu dat dergelijke tegenstellingen van een andere orde zijn dan de tegenstelling confessioneel versus anti-confessioneel of christelijk versus niet-christelijk. Natuurlijk zullen sommige partijen vinden dat de ethiek bij hen in betere handen is dan bij andere partijen, maar dan níet omdat zij beter zijn dan anderen of omdat zij de wijsheid in pacht hebben, maar omdat zij hun waarden prefereren boven de waarden die anderen centraal stellen. Bij de euthanasiewetgeving ging het in eerste aanleg niet om verdraagzaamheid van christelijke partijen, wat Dijkstal ervan maakt, maar om de vraag welk type waarde voorop wordt gesteld. De paarse coalitie belichaamt een samenstel van waarden. Het mogelijk door Dijkstal ongewenste effect van zijn aanval op christelijke partijen is dat het debat over waarden duidelijker in het hart van het politieke debat komt te staan.

Meer antithese zal leiden tot een scherper inzicht waar het in de politiek werkelijk om moet gaan. Abraham Kuyper zou met die uitkomst niet ontevreden zijn geweest.

Prof.mr.dr. J.P. Balkenende en mr. J.G. de Hoop Scheffer zijn leden van de Tweede Kamer en vice-voorzitter respectievelijk voorzitter van de CDA-fractie.