Clubs in eerste divisie zijn verdeeld

Frans Derks, voorzitter van Dordrecht '90, steunt de aanbeveling van het bestuur betaald voetbal om in de eerste divisie een salary-cap in te voeren. Excelsior-directeur Simon Kelder acht het plan onhaalbaar.

Het bijna demissionaire bestuur betaald voetbal van voorzitter Gerard Bouwer ziet in de salarisgrens een middel om de financiële situatie van de eerste divisie te verbeteren, zonder dat kwaliteitsverlies optreedt. Het gezamenlijke bedrijfsresultaat van de 36 profclubs gaf in het seizoen 1999-2000 een tekort te zien van 53 miljoen gulden. Dankzij baten uit transfers van in totaal 41 miljoen gulden resteerde een exploitatietekort van twaalf miljoen gulden. De helft daarvan komt voor rekening van de eerste divisie.

Derks wil het onderwerp van de salary-cap deze zomer op de eerstvolgende vergadering van de eerste divisie ter sprake brengen. ,,Ik denk dat we iets moeten doen'', zegt de preses van Dordrecht '90. ,,De financiële nood bestaat nog steeds, al is die niet zo heel hoog meer. Het gemiddelde salaris is reeds omlaag gegaan. Toch blijft de salariëring een post waarop bezuinigd kan worden. Het kan niet zo zijn dat clubs maar bij de gemeenten blijven aankloppen voor subsidie. Eindhoven is bijvoorbeeld gered met een gemeentelijke bijdrage van 1,6 miljoen gulden, Cambuur heeft ook al het een en ander meegemaakt. We zullen die salarisbeperking op een gegeven moment moeten invoeren.''

Kelder ziet weinig in het plan. ,,Het is altijd gemakkelijk gezegd om een salary-cap als remedie aan te bevelen wanneer bezuinigd moet worden'', meent de directeur van Excelsior, die tevens secretaris is van de Coöperatie Eerste Divisie UA. ,,Maar op het gebied van spelerssalarissen kun je geen afspraken maken. Het werkt gewoon niet. Clubs willen presteren en dus investeren ze in spelers. Er loopt momenteel een onderzoek naar de financiële situatie van de eerste divisie. Aan de hand van de resultaten zullen we kijken hoe we kosten kunnen besparen.''

Derks realiseert zich dat de eerste divisie verdeeld is over de invoering van een salary-cap. ,,Maar'', zegt de voormalige toparbiter, ,,we moeten de tering naar de nering zetten. De clubs die hoge salarissen kunnen betalen zijn op één hand te tellen. Per club zou je voor drie spelers een uitzondering kunnen maken. We moeten straks de boeken voor elkaar open durven te doen. Er is al sprake van winst als we erover praten.'' Derks vindt dat ook de eredivisie zou profiteren van een salary-cap als de financiële situatie van de tweede afdeling van het profvoetbal daardoor verbetert. ,,Dertig procent van de spelers uit de eredivisie komt uit de eerste divisie. Wat je van ver haalt, is niet altijd lekker. Het totale profvoetbal heeft er dus baat bij.''

Na het Bosman-arrest stegen de salarissen explosief en dat drukte zwaar op de relatief bescheiden begrotingen van de eerste divisieclubs. Een enkele speler verdiende zelfs zeven ton. Toen de inkomsten van Sport7 ook nog eens wegvielen, kwamen verschillende clubs in financiële nood. Inmiddels ligt het gemiddelde jaarsalaris van spelers in de eerste divisie rond de honderdduizend gulden. Slechts een kleine groep van ongeveer twintig voetballers verdient drie tot vier ton.