Koper van Kempen strooit kwistig met geld

Dexia strooit de laatste tijd kwistig geld in het rond. Sinds begin 2000 heeft het Belgische concern — inclusief de 1 miljard euro die het voor de Nederlandse zakenbank Kempen & Co moet neertellen — al 8 miljard euro aan overnames uitgegeven. Dat komt neer op bijna de helft van zijn beurswaarde. Wat is er aan de hand?

Dexia ondergaat een grootscheepse gedaanteverwisseling om zichzelf aantrekkelijker te maken voor Europese beleggers. Het concern leent van oudsher geld aan gemeenten en openbare instellingen, een winstgevende maar saaie activiteit met beperkte groeimogelijkheden. Om de zaken spannender te maken, heeft topman Richard de belangstelling van het concern verlegd naar terreinen als zakenbankieren en vermogensbeheer. De gedachte is dat Dexia hierdoor meer groei kan realiseren, waardoor de aandelen interessanter voor beleggers worden.

Dexia heeft het makkelijkste nu achter de rug. Het heeft een aantal eigenaren van middelgrote financiële diensten bereid gevonden hun bedrijven aan het einde van de lange beurshausse te verkopen. Het zal moeilijker zijn alle oude en nieuwe onderdelen op elkaar aan te laten sluiten. Hier zijn de voortekenen niet zo goed. Dexia is in de slaperige Belgische bankwereld altijd een synoniem voor inefficiëntie geweest. Ten tijde van de fusie met de binnenlandse concurrent Artesia vorig jaar — tot dusver de grootste deal — heeft Dexia gezegd dat het vijf lange jaren zou duren voordat de synergetische effecten zichtbaar zouden worden, terwijl daar in de meeste gevallen 12 tot 18 maanden voor staat. Het kan natuurlijk zijn dat de managers van Dexia hun werk gewoon heel degelijk doen. Nu hebben ze de kans om dat te bewijzen.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld