Comeback van het Afrikaans

,,Goeie middag'' – Elana Africa legt haar been over de armleuning van een blauwe fauteuil, terwijl Carel Boshoff zijn hand losjes op haar schouder legt. Het jonge, fris ogende presentatieduo, zwart en blank, ratelt er intussen vrolijk op los over wat de kijkers vandaag te wachten staat op kykNET, het enige volledig Afrikaanstalige televisiestation van Zuid-Afrika. De oude tijden zijn voorbij, het van het Nederlands afgeleide Afrikaans is niet langer gehaat, maar een taal van alle Zuid-Afrikanen geworden. Het ruim één jaar oude kykNET loopt als een trein. ,,Almal is lief vir ons,'' zegt hoofd publiciteit Lani Lombard.

Het ateljee (studio) in Randburg, een buitenwijk van Johannesburg, is vanaf het middaguur een honingraat waar producers, presentatoren en technici op af zoemen. Om twee uur beginnen de uitzendingen, er hangt een gespannen maar professionele sfeer voor en achter het glas. De blauwe stoel blijft als klein embleempje telkens boven in beeld staan. ,,We willen rust uitstralen,'' aldus Lombard.

KykNET maakt deel uit van het bedrijf DStv (Digitale Satelliet Televisie) met verscheidene film- en sportkanalen. Vrijwel alle programma's van DStv waren voorheen in het Engels, de meest gangbare taal in Zuid-Afrika. In de media bestond meteen na de opheffing van de apartheid (in 1994) een tendens om het Afrikaans te vervangen door (nog meer) Engels. De meeste blanke leiders uit het ancien regime waren immers Afrikaners geweest, hun taal werd door tegenstanders gezien als een onderdrukkend instrument.

Rond de eeuwwisseling sloeg het denken over de taal om. Want Engels mag de meest verbreide taal zijn, het aantal native speakers (3 miljoen) is veel geringer dan de Afrikaanstaligen (6 miljoen). Het Engels is voor de meeste inwoners van Zuid-Afrika slechts hun tweede taal. Nu de onderdrukking verder weg lijkt worden taal en politiek weer uit elkaar getrokken.

Voor Afrikaans betekent dit een comeback. De staatstelevisie SABC heeft haar Afrikaanstalige programma's uitgebreid, DStv lanceerde eind 1999 kykNET. ,,Dit gaan nie oor [over] die handhawing nie, maar oor die herontdekking van 'n heerlike, lewendige taal wat deur 'n groot verskeidenheid mense in ons land gepraat word,'' zo verantwoordde het station zijn oprichting.

Volgens Lani Lombard mag kykNET zich in een groeiende belangstelling verheugen. ,,Vooral onze advertentie-inkomsten nemen steeds meer toe. En dat is niet een verkooppraatje. We zijn een commercieel station, als we het niet goed zouden doen, zou DStv de uitzendingen stoppen.''

Lombard en haar collega Anneke Rossouw onderstrepen aan de koffietafel dat kykNET een modern station wil zijn. Lombard: ,,Taal is niet heilig. Als we iemand in een show hebben die alleen Engels spreekt mag dat ook. We willen niet langer exclusief zijn. En in het Afrikaans dat we spreken mogen ook best Engels woorden zitten. Je moet daar niet te krampachtig over zijn. Het grappige is dat een derde van onze kijkers oorspronkelijk Engelstalig is.''

KykNET heeft nog geen eigen dramaproducties gemaakt, daar ontbreekt het geld voor. ,,En we willen geen Amerikaanse sitcoms uitzenden, dan worden we een tv-station zoals alle andere,''zegt Rossouw. Het net werkt hoofdzakelijk vanuit de studio, met programma's als Ja-Nee (advies aan bellers over van alles en nog wat), Kuns[t]kafee (toeganklik vir sowel Jan Alleman as die kunsfynproewer), de kindershow Jip en de uitzendingen over rugby, de meest geliefde Afrikaanse sport.

KykNET loert intussen naar het enige taalgebied in de wereld waar het affiniteit mee heeft: Nederland. ,,Onze talen zijn uit elkaar gegroeid, maar Afrikaners zijn geduldig genoeg om het Nederlands te verstaan,'' zegt Lani Lombard. ,,In eigen land zijn we gewend aan verschillende talen. Nederlanders haken gauw af als ze naar Afrikaans moeten luisteren.'' Lombard sluit niet uit dat kykNET in Nederland op zoek gaat naar programma's: ,,Ik voel grote verwantschap met het Nederlands.''