Wees open aan de poort van de maatschappij

`Kennelijk houdt een mens alles vol zolang het leven zin heeft, dat is de grens'', las ik een week geleden in de roman Gloed van Sandor Marai, een Hongaarse schrijver wiens werk na zijn dood herontdekt en inmiddels in vele talen vertaald is. Vreemd genoeg heb ik de Nederlandse vertaling, die ik het eerst in handen kreeg, gelezen, ondanks het feit dat mijn moedertaal Hongaars is.

Hoe lang kan men `alles volhouden' en wat is de grens? Dat zijn vragen die ik dagelijks tegenkom in mijn werk met vluchtelingenkinderen en hun ouders. Door hun ervaringen zien vluchtelingen zich onverwachts met existentiële vragen geconfronteerd. Hoe geeft men onder langdurige, extreem moeilijke omstandigheden betekenis aan zijn eigen leven? Hoe lang houdt men een chaotisch samenspel van een pijnlijk verleden, een ongedefinieerd heden en een onzekere toekomst vol? Vluchtelingen die geen passende antwoorden op deze vragen weten te vinden zijn soms geneigd om te geloven dat hun leven geen zin meer heeft, dat zij de grens bereikt hebben. Niet iedereen is langdurig opgewassen tegen confrontatie met de terugkerende herinneringen, de onzekerheid of het missen van familieleden. Toch zijn er vluchtelingen die erin slagen om het verscheurde weefsel van hun leven ondanks de voortdurende tegenspoed te herstellen alsof ze een geheime formule, een soort van levenskunst wisten te vinden.

Had het leven van Marai, die als eenzame balling in de Verenigde Staten op hoge leeftijd zelfmoord pleegde, zijn zin verloren? Zou hij de grens van zijn leven niet anders bepaald hebben als hij zich minder eenzaam en meer erkend zou hebben gevoeld, als zijn werk nog voor zijn dood herontdekt zou zijn, als hij geweten zou hebben dat hij als een van de belangrijkste schrijvers in Midden-Europa beschouwd zou worden? Daar zullen we nooit achterkomen. Wat wij wel weten, en dat heeft wetenschappelijk onderzoek aangetoond, is dat eenzame ballingen, getraumatiseerde vluchtelingen en langdurig gemarginaliseerde asielzoekers meer risico's lopen hun breekpunt te bereiken. Er is tegenwoordig ook voldoende kennis over de factoren en processen die helpen een breekpunt te vermijden. Naast individuele kenmerken en relationele factoren binnen en buiten de familie blijkt de ontvangst en de opvang in de nieuwe omgeving een zeer belangrijke rol te spelen in de psychologische uitkomst van gedwongen migratie. Of iemand zich wel of niet welkom voelt in het land van aankomst, of iemand snel of traag de kansen krijgt om zijn ontwrichte leven een nieuwe wending te geven, dat is van cruciaal belang voor zijn welzijn en uiteindelijk ook voor het succes van de maatschappelijke integratie.

De integratie in een maatschappij is een interactief proces waar burgers, overheidsambtenaren en hulpverleners ieder hun eigen verantwoordelijkheden dragen, samen met de vluchtelingen. De organisatie van de asielprocedure, gericht op efficiency en regels, heeft meer oog voor dossiers dan voor de mens en zijn uithoudingsvermogen. Desondanks gaat ze gebukt onder de druk van groeiende achterstanden en zich opeenhopende dossiers.

Tot nu toe krijgen de meeste asielzoekers na ongeveer een jaar de eerste negatieve beschikking omtrent hun asielaanvraag. Het is vaak niet het eerste signaal dat ze in dit land niet welkom zijn. Iemand die op dat moment het Nederlands reeds enigszins onder de knie gekregen heeft, heeft dan al uit de media kunnen vernemen dat niet alleen hij of zij, maar asielzoekers in het algemeen geen welkome gasten zijn, noch hier noch in andere landen van de Europese Unie. De daarop volgende jaren van onzekerheid wanneer er een beroepsprocedure wordt aangespannen, confronteren hen met nieuwe vragen: hoe lang houdt men het vol, hoe richt men zijn leven in, hoe voelt het om jarenlang aan de poort van de maatschappij te moeten wachten?

Een asielzoeker vertelde mij onlangs dat na een aantal jaren wachten in een AZC ook de sterkste mensen zich langzaam dood voelen gaan en aan de zin van hun leven beginnen te twijfelen. Ik vroeg me af hoe zo iemand ooit, als zijn verzoek eindelijk een positieve uitkomst krijgt, met succes in de Nederlandse maatschappij zal kunnen integreren. Het doel van de nieuwe vreemdelingenwet is om dergelijke situaties te vermijden, om asielzoekers zo snel mogelijk af te wijzen of toe te laten om zo de kansen voor hun integratie te bevorderen. Wat zal de nieuwe wet betekenen voor de tienduizenden nog wachtende vluchtelingen en voor asielzoekers van wie de aanvraag niet meteen positief beoordeeld zal worden? Voor hen lost de wet niets op: zij zullen nog lang moeten blijven wachten voor een gesloten poort.

De integratie in een maatschappij begint niet met een inburgeringtraject, maar bij de eerste opvang. Zo open als men ontvangen is, zo open zal men zich jegens een nieuwe samenleving opstellen. Minder accent op dossiers en meer aandacht voor mensen, voor hun mogelijkheden en grenzen, biedt waarschijnlijk betere kansen voor een harmonisch integratieproces.

Dr. Julia Bala is psycholoog/psychotherapeut, afkomstig uit voormalig Joegoslavië en werkzaam bij de Stichting Pharos, steunpunt gezondheidszorg vluchtelingen. Als opvolger van deze estafettecolumn voor `nieuwe Nederlanders' nodigt zij de stedenbouwkundige Mirjana Milanovic uit.