Nieuwe stal houdt koeien uit de wei

Over twintig jaar zullen nog maar half zoveel koeien in de Nederlandse wei staan als heden ten dage. Dat komt niet zozeer door de krimp van de veestapel, maar door de opkomst van de zogeheten zero grazing stal. Hierbij blijven koeien het hele jaar door op stal. Normaal staan koeien van mei tot september in de wei.

Dat voorspelt ir. D.Luteijn, tot vorige week bestuursvoorzitter van de Cebeco Groep, de organisatie van ruim twintig coöperaties waarbij ongeveer de helft van de Nederlandse boeren is aangesloten.

Met een zero grazing stal kan een melkveehouder flink op kosten besparen. Er gaat minder gras verloren. Volgens melkveehouder Erik Van Dijk uit het Brabantse Nistelrode vertrappen de dieren een deel van het gras. ,,En het groen waarop ze schijten vreten ze ook niet meer'', zegt hij. In totaal gaat zo 20 procent van het gras verloren. Door zijn koeien op stal te houden kan Van Dijk zijn dieren voortdurend het optimale voer voorzetten. Daardoor geven ze meer melk. Hij heeft dus minder koeien nodig om zijn melkquotum – de maximale hoeveelheid melk die hij mag produceren – te halen. Minder koeien betekent minder mest, en dus minder kosten om het mestoverschot kwijt te raken.

De commissie Herstructurering Melkveehouderij schreef vorig jaar in een advies aan minister Brinkhorst (Landbouw) al, dat de zero grazing stal de komende tien jaar flink aan terrein zal winnen. Dit gaat regelrecht in tegen de wens van de overheid om de melkveehouderij juist minder intensief te maken. ,,Boeren die willen extensiveren zullen extra land moeten kopen en dat is schreeuwend duur op het moment'', zegt Luteijn. Volgens hem wordt de melkveehouderij in de richting van de intensivering gedreven door de hoge grondprijzen, de steeds strengere milieu-eisen en de dalende melkprijs.

De land- en tuinbouworganisatie LTO-Nederland heeft 450 miljoen gulden gekregen voor de extensivering van de melkveehouderij, maar vindt dat veel te weinig. Vorige week vroeg de organisatie voor de herstructurering van de tuinbouw en de intensieve veehouderij in totaal negen miljard gulden aan minister Pronk (Milieu).

ONTKOEIEN: pagina 18

    • Marcel aan de Brugh