Anti-Israëlfilm Bilal `betreurd'

Het vertonen van een anti-Israëlische film op een islamitische basisschool was een `betreurenswaardig incident', maar niet representatief voor het onderwijsklimaat op de school.

Dit concludeert de Inspectie van het Onderwijs in een onderzoek naar de islamitische basisschool Bilal in Amersfoort. Een regulier onderzoek naar de school stond al op het programma, maar werd vervroegd toen begin dit jaar bekend werd dat tijdens de lessen aan de bovenbouw de videofilm Geschiedenis van een Volk was vertoond.

De film gaat over de Palestijnse strijd tegen Israël en spoort aan geld over te maken naar de stichting Al Aqsa in Rotterdam. In de film zijn schokkende beelden van gewonde Palestijnse kinderen te zien. Israëlische soldaten worden in het commentaar beschuldigd van het gebruik van `nazi-methoden'. Het openbaar ministerie onderzoekt of de makers dan wel verspreiders van de videoband strafrechtelijk te vervolgen zijn wegens antisemitisme.

De Inspectie van het Onderwijs onderzocht niet specifiek het vertonen van de film, maar concludeert in haar rapport wel dat er op de islamitische school verdeeldheid heerst. Door het ,,betreurenswaardige incident is de wankele vertrouwensbasis die tussen diverse groepen teamleden bestaat in alle heftigheid naar voren gekomen.''

De verdere conclusies over de Bilal-school zijn wisselend, maar overwegend positief. Goede contacten met ouders, gemotiveerde leraren, een veilig en gestructureerd pedagogisch klimaat en onderwijs dat ,,niet onder doet voor willekeurig welke andere school''. Negatieve punten zijn, volgens de Inspectie, het hoge aantal zittenblijvers, de zorg voor kwaliteit, de interne communicatie en de zorg voor leerlingen.