Zonnebrandcrèmes

Drie vooraanstaande toxicologen adviseerden in NRC Handelsblad van 7 mei om een aantal zonnebrandcrèmes met gevaarlijke UV-filters niet meer te gebruiken. De wetenschappers baseren zich op Zwitsers onderzoek waaruit blijkt dat deze zonnebrandcrèmes hormoonverstorende stoffen bevatten die kanker kunnen veroorzaken. Terwijl de overheid op basis van hetzelfde onderzoek de verkoop van de gewraakte crèmes laat doorgaan, is het advies van de toxicologen duidelijk; pas het voorzorgsprincipe toe en plaats op zijn minst waarschuwingsetiketten.

Volgende maand praat de Tweede Kamer over de toepassing van (mogelijk) schadelijke stoffen in dagelijkse producten. Minister Pronk doet, mede namens minister Borst, in zijn Strategienota Omgaan met Stoffen (SOMS) voorstellen om in de toekomst risico's van deze chemische stoffen uit te sluiten. Het gaat daarbij om risico's voor het milieu, risico's van werknemers die blootgesteld worden aan deze stoffen, maar ook om risico's van gevaarlijke stoffen in consumentenproducten. In zijn plannen zegt de minister het voorzorgsprincipe hoog in het vaandel te hebben. De concrete beleidsvoorstellen schieten echter op essentiële punten te kort.

Minister Pronk erkent in zijn nota weliswaar de problemen rondom hormoonverstorende stoffen, maar wil wachten met het terugdringen van deze stoffen totdat er betere methoden beschikbaar zijn om de meest relevante stoffen te identificeren. Meer onderzoek dus in plaats van maatregelen uit voorzorg. Hormoonverstorende stoffen waarvan nu al bekend is dat ze gevaarlijk zijn voor mens en milieu mogen dus ook bij het nieuwe stoffenbeleid nog steeds gewoon gemaakt en verkocht worden. Daarnaast zijn er talloze andere chemische stoffen waarvan bekend is dat ze schadelijk zijn en toch worden toegepast in dagelijkse producten. Te denken valt aan broomhoudende vlamvertragers in stofzuigers en computers, maar ook aan organotinverbindingen en ftalaten in PVC-plastic. Deze chemische stoffen hebben hun functie, maar kunnen ook door bestaande milieuvriendelijke alternatieven worden vervangen. Pronk laat in zijn nota na het bedrijfsleven te verplichten over te schakelen op deze alternatieven.

Chemische industrie en producenten van allerlei huishoudelijke artikelen, variërend van cosmetica tot elektronica, mogen ook bij het nieuwe stoffenbeleid zelf beoordelen welke chemische stoffen ze voor hun producten gebruiken. Dat dit vragen is om moeilijkheden blijkt ook uit de reactie van de Nederlandse Vereniging van Cosmeticaproducenten naar aanleiding van het Zwitserse onderzoek. Zij adviseren vakantiegangers zich gewoon te blijven insmeren, óók met de zonnebrandcrèmes die nu op de verdachte lijst staan. Producenten hoeven geen volledige inzage te geven over de chemische bestanddelen in hun producten en de mogelijk schadelijke effecten hiervan. Het blijft zo dus erg lastig om als consument rekening te houden met de schadelijke eigenschappen van diverse artikelen.

Met dit soort hiaten in Pronks voorstel is daadwerkelijk toepassen van het voorzorgsprincipe niet mogelijk. Chemische stoffen mogen pas op de markt worden gebracht als is aangetoond dat ze veilig zijn.