MOE 3

Als gezondheidspsycholoog met een speciale belangstelling voor het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) volgde ik de briefwisseling tussen Y. Jansen (21 april) en G. Bleijenberg en collega's (5 mei) over hun onderzoek naar gedragstherapie bij CVS. De laatsten schrijven in hun weerwoord dat hun diagnose van CVS was gebaseerd op de criteria voor CVS van het Amerikaanse Centers for Disease Control (CDC). Die bewering strookt niet met de tekst van hun Lancet-artikel. Daarin zeggen ze dat geschiktheid voor instroom in het onderzoek niet was gebaseerd op de CDC-criteria, omdat patiënten dan, behalve langdurig moe zijn, ook nog moeten voldoen aan vier van acht criteria. Met andere woorden: de onderzoekers hadden slechts één criterium en dat was gerelateerd aan vermoeidheid.

Ik was ook verbaasd over hun claim dat het effect van de behandeling een aantal jaren zichtbaar blijft. Voor zover ik weet werden de patiënten slechts in één onderzoek langer dan een jaar gevolgd en waren daar geen blijvende effecten zichtbaar.

Tenslotte komt de gemiddelde score op de test waarmee Bleijenburg en collega's de vermoeidheidsgraad vaststelden niet overeen met hun bewering dat vooral patiënten met ernstige beperkingen aan het onderzoek meededen. Als dat zo was, zou de gemiddelde score lager zijn geweest.