Bush zet `American way of life' op de agenda

George W. Bush moet een meerderheid van de Amerikanen zien te winnen voor de robuuste levensstijl die zijn energieplan verdedigt en uitstraalt. Hoge energieprijzen, een hernieuwde discussie over kernenergie en -afval en een slecht milieu-imago kan de afbraak van zijn partij versnellen. Dan zou Bush in eenzelfde situatie als Clinton na '94 terechtkomen: alleen in het Witte Huis tegenover een onvriendelijk Congres.

`Zou het bij energiezaken ook gaan over levensstijl', vroeg een Amerikaanse journalist vorige week aan Ari Fleischer, de woordvoerder van president Bush. `Gezien het feit dat Amerikanen per hoofd van de bevolking meer energie gebruiken dan welk volk ook, is de president van mening dat wij onze levensstijl moeten aanpassen om iets te doen aan energie-tekorten?'

,,Driewerf Nee'', was het directe antwoord van de man die His Master's Voice op het Witte Huis is. ,,De president meent dat het hier om de American way of life gaat en dat beleidsmakers zich ten doel moeten stellen de American way of life te beschermen. De American way of life is gezegend. Wij hebben hulpbronnen te kust en te keur. Wat ons te doen staat is zorgen dat we ze efficiënt uit de grond halen, met respect voor het milieu, en aan de consumenten ter beschikking stellen opdat zij de keuzes maken die passen bij het leven dat zij leven.''

Een betere samenvatting van het energieplan dat president Bush eergisteren presenteerde is nauwelijks te geven. Vice-president Dick Cheney heeft vier maanden in het grootste geheim aan het plan gewerkt met een keur aan ministers en topambtenaren. Doel was te zorgen dat Amerikanen de komende tientallen jaren niet bang hoeven te zijn dat het licht of de airconditioning opeens uit gaat. Of dat benzine zo duur wordt dat men er de auto voor zou laten staan.

Als er een wervende gedachte aan het rapport ten grond lag, dan was het: durf Amerikaan te zijn. Laten wij onze pioniersgeschiedenis trouw zijn en boren om al die rijkdommen te kunnen omzetten in bedrijvigheid en rijkdom. Laten we efficiënte technologieën ontwerpen, maar ons geen illusies maken en zorgen dat we meer kernenergie voortbrengen. Dat werkt en draagt niet bij aan het broeikas-effect. Windmolens draaien alleen als het waait.

Cheney c.s. schetsen een groeiende afhankelijkheid van buitenlandse olie, een moeras van wettelijke en praktische belemmeringen om genoeg schoon aardgas uit Amerikaanse bodem te halen en een archaïsche infrastructuur die het bijna onmogelijk maakt elektriciteit door de Verenigde Staten te dirigeren naar regio's met een extra grote vraag. Het westelijke net is niet gekoppeld aan het oostelijke net, en het zuidelijke staat daar weer los van. In veel staten ontbreekt de plaatselijke capaciteit om olie te raffineren of elektriciteit op te wekken.

Het energieplan van Bush en Cheney heeft alle kenmerken van een programma dat gezichtsbepalend wordt voor deze Republikeinse regering. Wat de president met het onderwijs voor heeft zal een rimpel nalaten. De veel besproken belastingverlagingen kunnen worden teruggedraaid voordat de meeste voordelen in werking treden; pas in 2011 zijn alle verlagingen ingegaan. Het straffe tempo waarin Bush nu wil gaan boren naar olie en gas kan binnen een paar jaar blijvende effecten hebben. Niet alleen in Alaska, maar in alle staten waar energie onder de grond ligt te wachten op bouwkeet, jaknikker en pijplijn.

De natuur is in Amerika altijd onderworpen geweest aan expansie en de grote trek naar het Westen. Ruimte genoeg. De miljoenen die inmiddels lid zijn van de Sierra Club en al die andere organisaties die opkomen voor groene principes, zien de Amerikaanse traditie intussen niet alleen als een groot industrialisatie-project. Eén groep noemde het plan-Cheney ,,vies, gevaarlijk en een recept voor meer en meer geboor, en dat is niet in het belang van de burger. Het zal leiden tot meer kernafval en versterking van het broeikaseffect''.

Hier schuilt de grote politieke vraag: heeft Bush goed getaxeerd dat ook de massaal in suburbia wonende Amerikanen liever ongehinderd hun benzineslurpende auto's-op-truckchassis berijden dan meedoen aan het leefbaar houden van deze wereld? Verstokte Republikeinen en de echte buitenmensen doen wel mee. Die hechten aan hun vuurwapen en hebben de pest aan milieuverhalen. Maar wat doet de alleenstaande moeder in Oakland of Denver of Baltimore, die haar oude Subaru nodig heeft om de kinderen op school af te leveren en naar haar matig betaalde secretaressebaan zestig kilometer verderop te rijden?

Zij vindt Bush misschien wel charmant en oprecht, maar zij kan in de Amerikaanse verhoudingen bezwaarlijk 2 of 3 dollar per gallon aan de pomp betalen. Dat is 1,35 à 2 gulden per liter, een koopje voor Europese begrippen waar de 3 gulden per liter in zicht is gekomen. De alleenstaande moeder en secretaresse was iets boven één dollar per gallon gewend. Zij heeft het gevoel dat de dollars wegstromen en zij zal ook weinig opgetogen raken van de boringen in het Arctic National Wildlife Refuge in Alaska. Niet omdat zij zo'n vogelliefhebber is, maar omdat zij er voorlopig niks aan heeft. Het duurt jaren voordat daar een druppel uitkomt, ook al beloofde president Bush dat het jaarlijks evenveel zou zijn als de Verenigde Staten nu invoeren uit het land van de gehate Saddam Hussein.

Met andere woorden: zal Bush kans zien genoeg gewone Amerikanen, Democraten én gematigde Republikeinen te vrijwaren van als hoog ervaren benzineprijzen en ellende uit het stopcontact. In Californië zijn na alle stroomonderbrekingen van het afgelopen jaar de elektriciteitsprijzen op veel plaatsen met bijna 50 procent verhoogd. Dat mag de semi-failliete leveranciers de zomer doorhelpen, de dienstverlening wordt er geen haar beter van. De kans blijft bestaan dat de stroom opnieuw voor uren of dagen uitvalt. In New York en het noordoosten en zelfs in Texas en andere zuidelijke staten bestaat ook de kans dat deze zomer bij aanhoudende hitte de ventilator tot stilstand komt.

De oorzaken zijn voor iedere staat een beetje verschillend. De onwijs uitgevoerde deregulering is een voor de hand liggende schuldige in Californië, en de smeekbedes van gouverneur Gray Davis om federaal ingrijpen ter bevriezing van de prijzen klinken wat kinderachtig nadat men het systeem enige jaren helemaal in de soep heeft laten lopen. Dat de regering-Bush nu, na dergelijke ervaringen, verdere deregulering op landelijke schaal bepleit, kan een wat ideologische indruk maken. Tenzij men het energieplan ziet als een centraal lifestyle-document.

Bush c.s. geloven eigenlijk dat alleen de markt het openbaar belang kan dienen. De overheid is er om de markt vrij te laten, niet om regels te stellen, ook al zijn er burgers of hele volksstammen die gebaat zouden zijn bij bescherming tegen sterke prijsschommelingen, tegen schadelijke stoffen in het water of tegen wild west-exploratie van olie- en gasboorders. In de Amerikaanse pers verschijnen af en toe reportages van boorders die midden in landelijke voorsteden hun stellages oprichten en ongehinderd lawaai maken en de buurt omspitten. Zij worden geholpen door de scheiding van het eigendom van de grond en het eigendom van de delfstoffen daarin. Huiseigenaren hebben vaak alleen het eerste recht, terwijl de bezitters van de `mining rights' vrij spel hebben op zoek naar het vloeibare goud.

Gouverneur Davis van Californië is een Democraat, net als de meerderheid in die grote staat waar George W. Bush de verkiezingen royaal heeft verloren. Hun belangen zijn tegengesteld als Davis volgend jaar herverkiezing nastreeft, maar desondanks verbazen Amerikaanse waarnemers zich over het gemak waarmee de regering-Bush Californië, qua bruto binnenlands product de zesde of zevende economie in de wereld, in zijn sop heeft laten gaarkoken. Davis stelt vast dat een miljardenoverdracht van rijkdom uit Californië naar Houston, Texas, plaatsvindt, naar de hoofdkwartieren van elektriciteitshandelaren als Enron. Dat mag prettig zijn voor de thuisstaat van president Bush, de Californische economie, die de afgelopen vijf jaar 20 procent van de groei van het het bruto binnenlands prduct van de hele Verenigde Staten voor zijn rekening nam, voelt zich bijna beroofd.

Vice-president Cheney waarschuwde enkele weken geleden al dat energiebesparing tot de `persoonlijke deugden' behoorde, maar de oplossing niet dichterbij brengt van wat hij graag aanduidt als Amerika's `energie-crisis'. Zijn eigen rapport geeft overigens aan dat de zuinigheid van de auto's in de Verenigde Staten door de furore van de SUV's (ruimtewagens voor particulieren) is teruggevallen naar het niveau van 1980. Critici stelden gisteren vast dat het rapport premies belooft voor zuiniger auto's, maar in de net ingediende begroting is het geld voor onderzoek naar meer energie-efficiëntie met een derde teruggeschroefd.

Ook The Wall Street Journal, die Bush en zijn sterke voorkeur voor de vrije markt door dik en dun steunt, stelt vandaag vast dat zijn energieplan op grote weerstand in het Congres kan rekenen. Niet alleen het boren in Alaska haalt waarschijnlijk geen meerderheid in de Senaat. Ook Cheney's voorstel het gebruik van kernenergie (nu goed voor 20 procent van de elektriciteitsbehoefte) te verdubbelen, passeert allerminst zonder slag of stoot. Evenmin als een ander centraal thema: de nadruk op het wegnemen van allerlei juridische belemmeringen voor snelle exploratie van nieuwe vindplaatsen – een aanzienlijk deel van het Amerikaanse volk is het daar niet mee eens. Volgens opiniepeilingen draagt dat het milieu een beter hart toe dan de regering verantwoord acht.

In 2002 wordt een deel van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden opnieuw gekozen. De Republikeinen houden als regeringspartij rekening met een gebruikelijke terugval. Hoge energieprijzen, een hernieuwde discussie over kernenergie en -afval en een slecht milieu-imago kan de afbraak versnellen en tientallen Republikeinen van hun zetel stoten. Dan zou Bush in eenzelfde situatie als Clinton na '94 terechtkomen: alleen in het Witte Huis tegenover een onvriendelijk Congres.

Dit vooruitzicht dwingt George W. Bush een meerderheid van de Amerikanen te winnen voor de robuuste levensstijl die zijn energieplan verdedigt en uitstraalt. Lukt dat niet, dan dreigt hij een getuigenispresident te worden, terwijl Amerika's energieverslaving het land steeds afhankelijker maakt van buitenlandse leveranciers. President Bush reist het land rond om de brede maatschappelijke energiediscussie van zijn gelijk te overtuigen. Hij heeft er veel voor over zijn versie van de American way of life te laten winnen. In juni gaat hij er zelfs voor naar Californië.