Poëtische ontmoetingen

Het Parijse café biedt meer dan een kopje koffie of een glaasje bier. Je kunt er filosoferen, naar theater- en poëzievoordrachten en boekpresentaties luisteren, zelf een favoriete tekst voorlezen en eindeloos discussiëren met geestverwanten.

Een zondag in Café des Phares. Er zitten ruim honderd mensen, het merendeel aan de koffie, een enkeling, om twaalf uur, al aan het bier. Steeds gaan de vingers omhoog en wordt de microfoon doorgegeven. Onder het welwillende toezicht van een professor filosofie citeren sprekers ernstig Descartes, Kant en Sartre. De aanwezigen discussiëren over de vraag van deze middag: `Moet je verdacht zijn op het onverwachte' (Faut'il s'attendre à l'inattendu?). Dat moet zeker, blijkt wanneer de professor door een overenthousiast gebaar en onder grote hilariteit, van zijn kruk valt.

Marc Sautet stond in 1992 aan de wieg van het eerste filosofische café van Parijs. Hij is overleden, maar luidop filosoferen aan de tap bestaat nog steeds. Parijs telt nu zeventien cafés die regelmatig aan hun klanten vragen om zich op een onderwerp te storten.

Niet alleen franstaligen kunnen in Parijs hun filosofische hart ophalen. In het beroemde Café de Flore wordt elke eerste woensdag van de maand om 19u plaats gemaakt voor de engelstalige gemeenschap. Dit mythische café (1890) bereikte zijn hoogtepunt in de jaren '50 toen Jean Paul Sartre, Simone de Beauvoir, André Breton, Juliette Gréco en Roger Vadim er stamgasten waren. Nu komt er een publiek van trendy intellectuelen als Bernard Henry Levy en Frédéric Beigbeder, uitgevers, galeriehouders en toeristen. Het café heeft zijn intellectuele `esprit' nog niet verloren. Met name de thema-avonden en de theateravonden, elke maandagavond, zijn een daverend succes. Op de sfeervolle eerste verdieping van het café is het dan stampvol. Er wordt gegeten, gedronken, enthousiast gediscussieerd en nieuwschierig rondgekeken wie van de klanten tot de acteurs horen. Ik zag onlangs het heel geestige en dynamisch vertolkte Picasso at the Lapin Agile van Steve Martin waar wel twaalf acteurs aan deelnamen, wat in die kleine ruimte voor een heel gezellige warwinkel zorgde.

Nieuw zijn de geografieavonden, elke laatste dinsdag van de maand, waar geografen, historici, landbouwkundigen, economen of gewoon enthousiastelingen komen debatteren over actualiteiten. Zoals op het ogenblik b.v. over de oorzaken van de overstromingen in het departement Somme dat al weken lang onder water staat. En over de nieuwe Europese jachtwet, waar een aantal Franse jagers het nogal moeilijk mee heeft.

Niet ver daarvandaan, ook in het 6e arrondissement, bevindt zich Café de la Mairie. Dit heeft een armelijk decor, waar al `eeuwen' niets aan gedaan werd. Toch is het café een klassieker van Saint-Germain-des-Prés. En het terras bij mooi weer de ideale plek om bekende politici, uitgevers en artiesten die in de buurt wonen te spotten, zoals Bernard Kouchner, Daniel Auteuil, Patricia Kaas en Vanessa Paradis. Ook de eerste etage is een `must', maar om een heel andere reden. Daar organiseert Jean-Loup Guérin elke dinsdagavond om 20u30 literaire avonden. De avond begint met een bekende of nog onbekende schrijver die over zijn laatste werk of eerste roman praten. Nancy Huston, Agnès Desarthe, Marie Desplechin en Pascal Roze deden onder anderen mee aan deze bijeenkomsten. Vanaf 22u30 mag iedereen een eigen tekst voorlezen. Het is er gezellig en warm en je ontmoet er van literatuur bezeten mensen. Zoals Françoise, links van mij, die, terwijl ze zich tegoed doet aan een `assiette de charcuterie', inschrijfformulieren doorgeeft voor schrijfstages die zij deze zomer organiseert. En Jean Pierre, tegenover ons, die met zijn gezelschap La Réminiscence literatuur als gedragstherapie gebruikt.

Eeveneens op de `rive gauche', in de rue de Bourgogne, is Le Club des Poètes, Parijs' poëzietempel waar vroeger literaire grootheden als Aragon, Queneau en Cocteau regelmatig kwamen. Ik werd er poëtisch ontvangen door Jean-Pierre Rosnay, de oprichter en zelf dichter, met de woorden `Bonjour ma chèvre, où est ton bouc?' (Dag geit, waar is je bok?). In het lichtelijk verwaarloosde decor, dat doet denken aan een landelijke herberg, kun je vanaf 20u dineren (ongeveer 130FF). Om 22u15 gaan de lichten uit en declameren of zingen acteurs, klanten en de familie Rosnay zelf - soms vurig, dan weer heel gevoelig - verzen van Victor Hugo, Arthur Rimbaud, Boris Vian en Leo Ferré. Tijdens de pauzes wisselen de acteurs en de toeschouwers ideeën en emoties uit. Dé plek voor wie van poëzie houdt.

Op de rechter oever van de Seine, in het hartje van de Marais, is het piepkleine Belle Hortense, Parijs' eerste en enige `cave librairie/bar littéraire'. In de blauwe vitrine staan boeken, wijn en rozen. Binnen, een mooie, oude `zinc' (tapkast) en houten rekken waarin een Saint-Emilion '95 rustig oud ligt te worden naast Beckett en Jacques Derrida. Achterin een kleine geraffineerde `salon', waar je je, met een glas wijn in de hand, kunt verdiepen in b.v. L'Etre et le Néant van Jean Paul Sartre of, veel toepasselijker, Le Droit à la paresse (Het Recht op Luiheid) van Paul Lafargue. Xavier Denamur, de eigenaar, wilde met dit cafe `een gezellige plek scheppen om over literatuur en wijn te discussiëren'. Dat is hem gelukt. Het is er altijd vol en de meeste klanten vertrekken met een boek of een fles wijn onder de arm. Ook worden er dikwijls, maar onregelmatig, (meestal op di of woe avond) ontmoetingen met schrijvers, boekbesprekingen, voordrachten, exposities en wijnproeverijen georganiseerd. Het is er intiem en je krijgt er uitstekende lees- en drankadviezen.

Van de oude maroquinerie (leerwerkplaats), midden in Belleville, in het volkse 20e arrondissement, zijn alleen nog maar de muren en enkele naaimachines over. Als herinnering. Nu is La Maroquinerie een literair café met non-stop activiteiten zoals concerten in het souterrain en `s avonds om 20u30, in het eenvoudige café-restaurant, ontmoetingen met schrijvers, discussies, theater en voordrachten. Je eet er een lekkere dagschotel, zoals een `pot au feu' of een `poulet fermier' voor 65FF, en er is altijd wel iemand aan de bar of op het zonnige binnenplaatsje bereid om over het programma van de avond of een net verschenen boek te praten. Zoals, vorige week, over de wel of niet pornografische tendens van de bestseller La vie sexuelle de Cathérine M., van Cathérine Millet, directrice van het kunsttijdschrift Art Press. De meningen liepen uiteen. Eigenaar Michel Pintenet van la Maroquinerie kwam tijdens diezelfde bijeenkomst met het leuke idee om niet uitgegeven manuscripten van aankomende schrijvers gedurende twee weken ter beschikking van lezers te stellen, die de boeken dan kunnen becommentariëren.

De Parijse cafés groeien, net als in het verleden, weer uit tot ontmoetingspunten en ideeënlaboratoria rond thema's en passies. Alsof er geen world wide web vol chatrooms bestaat.