Milities Colombia ontvoeren 200 mensen

Omstreeks 200 arbeiders van palmolieplantages zijn gisteren ontvoerd door vermoedelijk rechtse paramilitaire strijdgroepen in Colombia. Het leger noemde het de grootste massa ontvoering tot nu toe in zijn land.

Het vorige record stond op 150 mensen, die in juni 1999 werden onvoerd door linkse rebellen van het Nationale Bevrijdingsleger uit een kerk in Cali. In Colombia woedt al 37 jaar een burgeroorlog tussen marxistische rebellen versus verboden rechtse milities en het reguliere leger. Ontvoeringen zijn een veel voorkomend misdrijf dat wordt gebruikt om aan geld te komen. Vorig jaar werden er bijna 4.000 mensen ontvoerd.

President Andres Pastrana zei gisteravond paramilitaire groepen ,,naar het schijnt'' achter de ontvoering zitten van merendeels jonge mannen die op olieplantages werken in de verwijderde oostelijke staat Casanare. Tot nu toe had geen enkele groepering de verantwoordelijk voor de massaontvoering opgeëist. De rechtse milities werken vaak samen met reguliere troepen.

Volgens de president zijn er inmiddels legeronderdelen in het gebied ingezet, maar deze werken uiterst behoedzaam om het leven van de gijzelaars niet in gevaar te brengen.

Volgens de hoogste mensenrechtenautoriteit in Colombia, Eduardo Cifuentes, hebben de paramilitairen de arbeiders ontvoerd als onderdeel van een gedwongen recruteringscampagne. Verschillende getuigen hebben op de lokale televisie verteld dat zij hebben gezien dat jonge mannen werden uitgeselecteerd uit grotere groepen gijzelaars en in vrachtwagens werden geladen.

De meningen over de aantallen ontvoerden lopen uiteen. De gouverneur Perez van de deelstaat Casanare spreekt over 207 vermisten, openbare aanklagers houden het op 202 mensen terwijl het leger uitgaat van 190 ontvoerden.