Europese aanbestedingen knap ingewikkeld

De overheid houdt zich vaak niet aan Europese regels voor aanbestedingen van miljoenenorders. Maar deze regels zijn ook wel erg ingewikkeld.

De gemeente Amsterdam moest in 1998 de hele aanbestedingsprocedure overdoen voor een grote schoonmaakopdracht. Een van de verliezers was met succes naar de rechter gestapt. De criteria op grond waarvan de gemeente een keuze had gemaakt, waren onhelder en konden niet door de beugel, vond de rechter. Voor de gemeente Amsterdam leverde dit maanden vertraging en veel extra werk op.

Overheden houden zich te weinig aan de Europese regels voor openbare aanbestedingen. De Algemene Rekenkamer constateerde dat gisteren net als vorig jaar in de jaarlijkse rapportages over de ministeries. Met name het ministerie van Jusitie sprong er in negatieve zin uit. Voor een bedrag van 90,7 miljoen gulden had Justitie geld uitgeven of was het verplichtingen aangegaan in strijd met de regels.

,,De regels zijn niet erg transparant en vaak voor meerdere interpretaties vatbaar'', zegt G. Straatmans, universitair hoofddocent mededingingsrecht aan de Universiteit Leiden. ,,Natuurlijk moeten ambtenaren zich er gewoon aan houden, maar ze zijn voor hen niet eenvoudig toe te passen.''

De Europese aanbestedingsregels hebben als doel de interne markt van de Europese Unie te verbeteren. Nationale overheden mogen geen opdrachten voorbehouden aan ondernemingen uit eigen land, maar moeten alle bedrijven in de EU gelegenheid geven die in de wacht te slepen. Opdrachten die bepaalde minimumbedragen overschrijden, moeten daarom worden aangekondigd in een speciaal tijdschrift dat in alle lidstaten wordt verspreid. De minimumbedragen waarboven aanbesteding verplicht is, zijn lager voor centrale overheden dan voor andere overheidsinstellingen, omdat bij ministeries meer deskundigheid aanwezig is om aanbestedingen goed te laten verlopen. Ook op gemeenten is met enige regelmaat kritiek dat zij zich niet aan de regels houden.

De centrale overheid moet zaken als schoonmaakdiensten, vuilnisophaal en beveiliging van gebouwen al openbaar aanbesteden als daarmee meer dan 307.000 gulden is gemoeid. Voor andere overheidsinstellingen geldt een minimum van 472.000 gulden. Deze bedragen gelden ook voor aankoop, huur en leasecontracten van bijvoorbeeld kantoorbenodigdheden en auto's. Voor bouw- en baggerwerkzaamheden geldt een hoger bedrag waarboven de aanbestedingsprocedures moeten worden gevolgd: 11,8 miljoen gulden.

Al vanaf 1970 worden er Europese regels uitgevaardigd voor aanbestedingen. Ze golden in de jaren zeventig en tachtig in hoofdzaak voor grote bouwopdrachten. In 1994 werden de regels aangescherpt en golden ze toen ook voor levering van goederen en diensten. Eurocommissaris Bolkestein (Interne Markt) windt zich er met enige regelmaat over op dat landen zich niet goed houden aan deze regels. De openbare aanbestedingen vertegenwoordigen een grote markt: ruim tien procent van het totale Europese inkomen.

Op de Europese top in Lissabon vorig jaar is nog afgesproken de regels te moderniseren. Zo is het de doelstelling dat een kwart van alle opdrachten via elektronische media wordt aanbesteed, zodat middelgrote en kleine bedrijven in de hele EU meer kans maken op opdrachten.

Nederland staat in Europa niet als slecht bekend. De richtlijnen die de Europese Commissie heeft uitgevaardigd, zijn in Nederland allemaal in nationale wetgeving overgenomen. Met name Griekenland, Frankrijk, Oostenrijk en Portugal hebben dit in een aantal gevallen niet gedaan. Daar kunnen overheden dus grote opdrachten gewoon onderhands verdelen.