De kiem voor een muziekleven 2

Dylan heeft gezaaid, maar ook geoogst. Elvis Presley en Little Richard inspireerden hem tot het vormen van een rockband. Eenmaal doorgebroken werd Dylan zelf een voorbeeld, onder andere voor zijn oude `held' Presley die een nummer van hem coverde. Een tweeluik over Bob Dylans muzikale invloeden.

VÓÓR ELVIS WAS ER NIETS. Bob Dylan moet zich kunnen vinden in die beroemde uitspraak van John Lennon. De rock & roll van Elvis Presley, Gene Vincent en vooral Little Richard brachten de jonge Robert Zimmerman er circa 1956 toe om een rockband te formeren, waarin hij zelf de zang en het ongeschoolde pianospel voor zijn rekening nam. Zijn schreeuwversie van Little Richards Jenny Jenny wekte verbazing en hilariteit op een schoolavond, maar voor Dylan was de kiem gelegd voor een leven in de muziek. Het radiostation van Duluth, Minnesota draaide alleen brave blanke pophits. Op zoek naar muziek met meer diepgang dan het witgewassen rock-surrogaat van Pat Boone, stuitte Bobby Zimmerman (de artiestennaam Bob Dylan mat hij zichzelf rond 1960 aan) op de peilers van folk, country en blues. De countrymuziek van Hank Williams en `blue yodeler' Jimmie Rodgers kende hij al sinds zijn vroege jeugd, en later zou ook Johnny Cash een belangrijke rol spelen in de Nashville Skyline-episode.

VÓÓR ELVIS WAS ER NIETS. Bob Dylan moet zich kunnen vinden in die beroemde uitspraak van John Lennon. De rock & roll van Elvis Presley, Gene Vincent en vooral Little Richard brachten de jonge Robert Zimmerman er circa 1956 toe om een rockband te formeren, waarin hij zelf de zang en het ongeschoolde pianospel voor zijn rekening nam. Zijn schreeuwversie van Little Richards Jenny Jenny wekte verbazing en hilariteit op een schoolavond, maar voor Dylan was de kiem gelegd voor een leven in de muziek. Het radiostation van Duluth, Minnesota draaide alleen brave blanke pophits. Op zoek naar muziek met meer diepgang dan het witgewassen rock-surrogaat van Pat Boone, stuitte Bobby Zimmerman (de artiestennaam Bob Dylan mat hij zichzelf rond 1960 aan) op de peilers van folk, country en blues. De countrymuziek van Hank Williams en `blue yodeler' Jimmie Rodgers kende hij al sinds zijn vroege jeugd, en later zou ook Johnny Cash een belangrijke rol spelen in de Nashville Skyline-episode.

Bepalend voor Dylans kijk op de Amerikaanse folk- en bluestraditie was de uit 1952 stammende elpeeserie Anthology Of American Folk Music, samengesteld door ethnomusicoloog Harry Smith. Op dit gezaghebbende overzicht van 78-toerenplaten met veldopnamen uit de jaren '20 en '30 verzamelde Smith authentieke opnamen van bluesmannen als Blind Lemon Jefferson en Mississippi John Hurt, countrypioniers als The Carter Family en Uncle Dave Macon en een keur aan gospelzangers. Deze Anthology gaf Dylan inspiratie voor eigen composities, maar ook songmateriaal voor coverversies, van Blind Lemon Jeffersons See that my grave is kept clean op zijn debuutalbum Bob Dylan (1962) tot Stackalee van de zingende mijnwerker Frank Hutchison op World Gone Wrong (1993).

De doorslaggevende persoon achter Dylans metamorfose tot een eigenzinnig folk- en protestzanger was zijn grote held Woody Guthrie, de componist van talloze tijdloze folksongs als This land is your land. Na zijn verhuizing naar het New-Yorkse folkbastion Greenwich Village bracht Dylan vele uren door aan het ziekbed van de door een slopende gewrichtsaandoening gevelde Guthrie, waarbij Dylan zijn gitaar meenam om de meester zijn eigen liederen voor te zingen.

Uit die sessies ontstond onder meer de vroege Dylan-compositie Song to Woody, een variatie op een nummer van Guthrie zelf. Ook luisterde Dylan veel naar de zogenaamde Broadsides: liederen waarin actuele gebeurtenissen door moderne troubadours werden becommentariëerd. De folkzanger Dylan hoefde geen kunstgrepen uit te halen om tijdens het Newport Folk Festival van 1965 in een elektrisch versterkte rocker te veranderen.

Folk, rock & roll, country en blues kenden geen geheimen voor hem en met zijn latere begeleidingsgroep The Band deelde hij het vermogen om Amerikaanse roots-muziek naar zijn hand te zetten. Zelfs Jimi Hendrix, die goede sier maakte met Dylans All along the watchtower, oefende op zijn beurt invloed uit op de stormachtige manier waarop Dylan & The Band datzelfde nummer in de jaren zeventig naar stadions vol Dylanfans brachten. Na Elvis was er Dylan.