Afscheid van Bismarck

DUITSLAND GAAT zijn pensioenstelsel hervormen. De rood-groene coalitie van bondskanselier Schröder heeft eind vorige week de laatste parlementaire hindernis genomen voor een radicale ingreep in de sociale zekerheid. Vanaf volgend jaar kunnen Duitse werknemers voor hun eigen pensioen gaan sparen, vergelijkbaar met de wijze waarop dat in Nederland gebeurt. Niet langer worden de toekomstige pensioenen via een omslagstelsel betaald uit de schatkist, maar worden zij voor een groeiend deel via een systeem van kapitaaldekking gevormd uit privé-besparingen en bedrijfsregelingen.

Rijkskanselier Otto von Bismarck pionierde aan het einde van de negentiende eeuw met het eerste stelsel van sociale zekerheid in een modern industrieland. De wetgeving van Bismarck vormde de basis voor de sociale zekerheid zoals die later in grote delen van continentaal Europa is ontstaan, gebaseerd op de bijdragen van werkgevers en werknemers aan gezamenlijk beheerde sociale fondsen, met een bemiddelende rol voor de staat. De pensioenen bleven uitsluitend een staatsaangelegenheid – niet alleen in Duitsland, trouwens, maar ook in Frankrijk, Italië en andere Europese landen. Met de vergrijzing van de bevolking dreigen de pensioenen steeds meer andere overheidsuitgaven te verdringen.

DE DUITSE regering heeft eindelijk een belangrijke stap gezet om het pensioenvraagstuk aan te pakken. Vanaf volgend jaar worden werknemers met belastingaftrek aangemoedigd om zelf voor hun pensioen te sparen in de vorm van levensverzekeringen en krijgen bedrijfspensioenfondsen meer armslag. Hierdoor drukken toekomstige pensioenkosten niet meer uitsluitend op de overheid en blijven de pensioenen betaalbaar. Daarnaast bevordert dit systeem de werking van de kapitaalmarkten, waar – zoals in Nederland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten – pensioenfondsen met hun belegde vermogens belangrijke partijen zijn.

Met de pensioenhervorming neemt de regering-Schröder afscheid van een deel van Bismarcks erfenis. Het is een welkome modernisering, al blijven verdere hervormingen van de arbeidsmarkt in Duitsland dringend gewenst.