`Ik zie de idiotie van het leven'

Mime-acteur René van 't Hof is een meester in het tragikomisch uitbeelden van het lijden aan het leven. Op het Utrechtse Festival a/d Werf gaat zijn nieuwe voorstelling Oleg! Oleg! Oleg! in première. ,,Als mensen lachen om een rol die ik zelf heb gemaakt, geeft dat een grotere kick dan dat ik in andermans stuk meespeel.''

,,Het gaat om het overbrengen van leegte en wanhoop. Het leven lukt niet, maar iedereen doet ontzettend zijn best er om tóch iets van te maken.'' Het zijn de woorden waarmee acteur René van 't Hof (1956) zijn nieuwe voorstelling Oleg! Oleg! Oleg! typeert, maar ze zouden net zo goed kunnen slaan op andere rollen die hij speelde.

Van 't Hof werkte onder andere bij toneelgroep Carrousel, acteerde in tv-series en in speelfilms als Flodder en De vliegende Hollander. Al jaren geeft hij vorm aan figuren die lijden aan het leven, die zowel diep treurig als ontzettend grappig zijn.

Zijn vaste theatergroep Carver maakte furore met deze mengeling van humor en tragiek, maar ook het project dat hij nu met acteurs Jochem Stavenuiter en Paul van der Laan van mimegroep Bambie is aangegaan, bezit deze elementen. De voorstelling duurt maar een half uur en is een van de drie stukken die tijdens het Festival aan de Werf in Utrecht hun première beleven.

,,Een kennismaking op het toneel'', noemt Van 't Hof de samenwerking. ,,Ik kende de acteurs alleen van hun voorstellingen en wilde graag een keer met ze spelen. We delen een fysieke speelstijl en een precieze manier van werken.''

Uitgangspunten bij Oleg! Oleg! Oleg! waren het lijden van de mens, de naïviteit van een jongensspel, iets dierlijks en geen tekst. Van 't Hof: ,,Dat was althans wat ik in mijn hoofd had, maar als ik dat was gaan uitleggen zou het vaag gelul zijn. We zijn aan de gang gegaan en onderweg hebben we de juiste sfeer gevonden.''

Dus kruipen de drie acteurs nu als gewonde soldaten in steeds vreemdere standjes over het podium. Pvc-pijpen schuiven als wormen uit de coulissen, af en toe duikt er een almachtige herder op en een beest, bestaande uit een lappendeken, schuifelt van tijd tot tijd door het beeld. Een geluidsband met niet alleen muziek, maar ook storm, langsscheurende auto's en opstijgende vliegtuigen geeft de voorstelling extra reliëf.

Van 't Hof: ,,Ik denk vooral in muzikale termen aan het stuk. Er is wel een grove verhaallijn, maar het gaat om ritme. Twee lange scènes kun je niet achter elkaar plakken. Dat haalt de spanning eruit en dus moet er dan iets korts tussenin.''

Waarom of hoe zoiets werkt, moet je hem verder niet vragen. Van 't Hof is geen man van de dieptepsychologie. Liever laat hij zijn mimiek en spel voor zich spreken. ,,Ik wilde van jongs af aan óf voetballer óf toneelspeler worden. Voor voetballen was ik te tenger en ik werd gek van al dat geschop, dus werd het toneel.''

Spelen voor publiek is de grote overeenkomst tussen zijn beide jeugddromen. Het gaat hem om aandacht krijgen, en wat toneel betreft de mensen amuseren. ,,Als mensen lachen om een rol die ik zelf heb gemaakt, geeft dat een grotere kick dan dat ik in andermans stuk meespeel. Een eigen productie voelt weliswaar als een zware verantwoording, maar ik krijg ook de kans om mijn eigen wereld te creëren zonder een afgerond geheel te tonen.

,,Het mag dramaturgisch scheef zitten, als ik maar steeds opnieuw het wiel kan uitvinden. Ik weet dat die werkwijze nogal omslachtig is, want je ontkomt nooit aan een aantal vaste toneelwetten. Maar ik hou van de illusie dat ik een beetje aan die wetten kan tornen. `Eigenlijk kan het niet, maar toch werkt het.' Dat is heerlijk spelen.''

Naast mensen aan het lachen maken, zoekt Van 't Hof naar manieren om de vaagheid van het leven en het gevecht daartegen over te brengen. Cynisch wil hij niet zijn, wel ironisch. ,,Ik zie de idiotie van het leven'', zegt hij. ,,Alleen al het feit dat je geboren bent en erachter komt dat je weer dood gaat. Dat is toch een krankzinnig gegeven? Ik wil een manier vinden om daarmee om te gaan. Sommigen kiezen een geloof en hopen daarmee op een leven na de dood. Het gros van die mensen is heel gelukkig, want ze gaan niet echt dood. Als je dat geloof niet hebt, moet je er iets anders voor in de plaats stellen. Wat mij betreft is dat humor en een nuchtere blik. `Voor je geboren werd wist je niet wat er was en erna weet je het ook niet.' Punt. Maar eigenlijk is dat ook maar iets wat je jezelf wijsmaakt. Als ik dood ben en er komt iemand aanwandelen om me te vertellen dat er wél een hemel is, zou ik me helemaal gek lachen .''

Oleg! Oleg! Oleg! is te zien van 20 t/m 26 mei op het Festival a/d Werf in Theater Kikker, Utrecht. Inl.: (030) 2315355 of www.festivalaandewerf.nl