Winstgerelateerde bonus is in

De bonuscultuur bloeit volop in het Nederlandse bedrijfsleven. Niet salarisstijgingen, maar hogere bonussen zijn de norm. Een nieuwe trend is dat managers een `substantieel' deel van hun bonus moeten besteden aan aandelen in het eigen bedrijf.

Nee, reacties van het personeel van Randstad heeft hij niet gehad. Alle vaste medewerkers van dit uitzendconcern krijgen jaarlijks een exemplaar van het jaarverslag van de beursgenoteerde holding waarin dit jaar, voor het eerst en zonder enige wettelijke verplichting, de details stonden van de honorering van bestuursvoorzitter Hans Zwarts.

Hij ontvangt 464.000 euro als vast salaris plus een bonus van 44.000. De verlaagde bonus onderstreept de tegenvallers vorig jaar bij het concern. In 1999 was Zwarts' bonus nog 117.000.

Hij moest zijn commissarissen toch wel even overtuigen van het nut van openheid, zegt Zwarts. Niet iedereen was er direct voor om de details te onthullen, zeker niet omdat enige bestuurders van ondernemingen om privacyredenen uitdrukkelijk zijn vrijgesteld van de publicatie van hun salarissen.

De rest van het bedrijfsleven hoeft alleen maar de totale beloning van de complete raad van bestuur in de jaarrekeningen te vermelden. In deze verzamelposten kan alles worden weggewerkt, van basissalaris tot en met winstgerelateerde bonussen, pensioenpremies en gouden handdrukken.

Zwarts vindt de vermelding van de details van zijn jaarlijkse beloning wel gepast, al was het maar om de troepen in het veld duidelijk te maken dat ook zijn bonus onder de winstval lijdt. Anders zou de indruk kunnen ontstaan dat de commissarissen, waaronder oprichter en grootaandeelhouder F. Goldschmeding, hun eerste man de hand boven het hoofd houden. ,,Alsof zij zouden denken: ach Hans Zwarts, moeilijke jeugd gehad, keer die volledige bonus maar uit.''

Zwarts en zijn commissarissen lopen met hun openheid vooruit op wettelijke maatregelen om de salarissen plus secundaire arbeidsvoorwaarden (bonus, personeelsopties) volledig openbaar te maken. Een wetsvoorstel met die strekking ligt inmiddels voor advies bij de Raad van State.

De gemengde Brits-Nederlandse concerns Shell, Unilever, Reed Elsevier en CMG gaven al openheid, doordat zij zich richten naar de Britse regels, die openheid dicteren. Andere Angelsaksisch georiënteerde concerns, zoals Aegon en VNU, volgden. Ook bouwbedrijf Heijmans kwam vorig jaar al met volledige openheid. Dit jaar zijn er meer bedrijven over de dam, van ABN Amro tot Randstad en GTI, waar enig bestuurder J. Westerhoud ook zijn beloning prijsgeeft. Inclusief het werkgeversdeel van de pensioenpremies gaat het om 366.506 euro.

Openheid komt tegemoet aan vragen van aandeelhouders. En openheid zal topmanagers prikkelen tot matiging, is het idee. Of dat zo is, blijft de vraag. In de Verenigde Staten heerst absolute openbaarheid op dit punt, maar dat is nooit een stimulans tot matiging geweest.

De hoogte en verhogingen van de beloningen voor topmanagers stimuleren in elk geval wel het maatschappelijk debat. FNV-voorman L. de Waal wil bijvoorbeeld een aparte belasting van 100 procent op alle inkomsten boven 3 miljoen gulden.

Uit de informatie die tot nu beschikbaar is over de beloning van de Nederlandse topmanagers blijkt dat voormalig Philips-president C. Boonstra niet de best betaalde topondernemer is. Dat is een, relatief onbekende, bestuurder van verzekeraar Aegon, de Amerikaan Don Shepard, die inclusief bonus bijna 2,3 miljoen euro verdient, bijna het dubbele van Aegon-bestuursvoorzitter K. Storm. De stijging dit jaar is overigens vooral een gevolg van wisselkoersschommelingen, zegt Aegon in een voetnoot in het jaarverslag.

De cijfers over 2000 bevestigen twee trends van vorig jaar, toen de eerste bedrijven met meer informatie over de brug kwamen. Buitenlandse bestuurders bij Nederlandse concerns worden, net als vorig jaar, beter betaald dan hun Nederlandse collega's.

En de echte opslagen krijgen managers niet in hun basissalaris, maar in hun bonussen, die gekoppeld zijn aan de winst. Boonstra kreeg zijn salaris van 0,9 miljoen euro via een bonus nog een keer uitgekeerd euro), Akzo Nobel-bestuursvoorzitter K. van Lede incasseerde bijna een half miljoen als bonus, terwijl co-voorzitter A. Burgmans van Unilever 0,44 miljoen euro ontving.

Bij de meeste concerns is de bonus aan een maximum gebonden, doorgaans de hoogte van het salaris. Bij ABN Amro ging de bonus daar vorig jaar nog bovenuit. Unilever verhoogde de contante winstbonus van maximaal 40 procent van het salaris naar 60 procent.

Hoe de koppeling tussen winst en bonus precies in elkaar zit, laten de meeste ondernemingen overigens vaag. Slechts een enkeling, zoals Aegon, vermeldt hoe de stijging van de winst per aandeel tot hogere bonussen leidt. Een nieuwe trend, niet alleen in Nederland, maar in heel Europa, is de gedwongen winkelnering voor de besteding van de bonus. Topmanagers moeten ook maar een (substantieel) deel van hun salaris in aandelen van ,,hun'' onderneming steken. Dat is een teken van vertrouwen in de firma en het verbindt hun eigen financiële positie nadrukkelijker aan die van hun aandeelhouders.

Bij CMG is het aandeelhouderschap sinds jaar en dag al praktijk. Unilever begint er ook mee. De bestuursleden van Unilever krijgen vijf jaar de tijd om een aandelenbelang op te bouwen dat anderhalf keer hun salaris is. En als nieuw extraatje heeft Unilever een variant op de Zilvervloot van de voormalige Postgiro. In het vervolg krijgt de Unilever-top een kwart van de bonus in aandelen uitgekeerd. Wie die effecten drie jaar houdt, krijgt een gelijk aantal van Unilever erbij.