Minoes verovert nu ook Japan

De Nederlandstalige kinderliteratuur heeft succes in Japan. Oplagen van ruim 10.000 exemplaren zijn er doodgewoon. Vooral de boeken van Annie M.G. Schmidt zijn in trek bij de Japanse jeugd.

Deze maand verschijnt in Japan de tweede druk van Minoes. Het boek van Annie M.G. Schmidt, dat al sinds 1970 furore maakt in de Nederlandse kinderkamers, leeft sinds een jaar ook in de hoofden van de Japanse jeugd. In de provincie Shizuoka, ten zuiden van Tokio, is het nu uitgeroepen tot het beste boek van het jaar voor de schooljeugd. Dat betekent ook dat het voor hen op de verplichte leeslijst verschijnt. Wellicht volgen andere provincies in Japan volgend jaar.

,,Mijn grote droom is ook Jip en Janneke toegankelijk te maken voor Japanse kinderen'', zegt Yumi Nishimura, de vertaalster van Annie M.G. Schmidt in het Japans. ,,Maar dat is misschien een beetje te moeilijk'', voegt ze eraan toe. ,,Hoewel ik zelf veel van het Nederlands geleerd heb door het lezen van de verhaaltjes over het kattekwaad dat de kinderen uithalen en de feestjes die ze hielden, zou er toch heel erg veel uitgelegd moeten worden over hoe de Nederlandse kinderen leven.'' Het liefst zag ze het boek omgetoverd tot een Japans lesboek voor kinderen die Nederlands willen leren.

Eerder gooide Minoes al hoge ogen: een eerste druk van ruim 6.000 exemplaren was snel uitverkocht en de verwachtingen voor de volgende druk zijn eveneens hooggespannen.

Yumi Nishimura woonde van 1984 tot 1986 in Amstelveen, vertaalde ook Duet met valse noten van Bart Moeyaert, en geeft via het Japanse ministerie van Buitenlandse Zaken Nederlands aan studenten landbouwkunde die een stage zullen volgen in Nederland. Nishimura: ,,Ik probeer zoveel mogelijk met de taal in contact te blijven, ook al woon ik nu weer in Japan, je wilt je woordenschat toch steeds maar uitbreiden.''

Ondanks haar relatief korte verblijf in Nederland is Nishimura's taalgebruik opvallend helder en duidelijk. Dat geldt ook voor Etsuko Nozaka. Zij vertaalde boeken van ondermeer Paul Biegel, Els Pelgrom en Guus Kuijer. Nozaka herkent de moeilijkheden, het lijkt het kernprobleem van de vertalers naar het Japans te zijn. Naast vertalen moet immers aan Japanse kinderen duidelijk gemaakt worden hoe hun Nederlandse leeftijdsgenootjes leven. ,,De vraag is vooral of de kinderen uit de twee taalgebieden elkaars samenleving herkennen'', zegt ze. ,,Dat is eigenlijk een belangrijk criterium in de keuze van de boeken die ik vertaal naar het Japans. Gedichten worden bijvoorbeeld weinig verkocht in Japan. En voor kinderen worden die al helemaal niet vertaald, hoewel ze in het Nederlands erg leuk zijn. Maar daar is in Japan voorlopig nog geen markt voor.''

Etsuko Nozaka vertaalt al meer dan tien jaar Nederlandse literatuur in het Japans. ,,In 1989 kwam mijn eerste vertaling uit, De avonturen van Lena Lena van Harriet van Reek. Rond die periode is ook mijn dochter geboren. Ik kreeg het eerste exemplaar van het boek op het kraambed. Dat was natuurlijk erg leuk.''

Hoewel Nozaka momenteel permanent in Japan woont, reist ze een paar keer per jaar naar Nederland. ,,Om mijn kennis over de Nederlandse literatuur zo groot mogelijk te maken, zou ik natuurlijk in Nederland moeten wonen, maar dat kan nog even niet: mijn kinderen zijn nog te jong en gaan hier naar school. Nu concentreer ik me vooral op de boeken die ik vertaal of wil vertalen.''

Van haar vertaling van Marit Törnqvists Klein verhaal over liefde, bestaat nu al een derde druk – er zijn ruim 10.000 exemplaren van verkocht. Van Els Pelgroms Kinderen van het Achtste Woud zijn al 12.000 exemplaren verkocht. Nozaka: ,,Ik krijg er van de Japanse jeugd echt hele enthousiaste reacties op. De subsidie die we krijgen van het Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds is natuurlijk erg mooi, maar dat is niet de hoofdreden om een boek uit te geven. We zien het veeleer als een steun in de rug. Veel Japanse uitgevers zijn ook geneigd Nederlandstalige auteurs te publiceren omdat ze vinden dat de kwaliteit van de kinderboeken in Nederland erg hoog is.''

Hoewel Japan geen land is dat zich makkelijk openstelt voor vertaalde literatuur – in de boekenwinkels ligt bijna alleen werk van Japanse auteurs – zit de belangstelling voor Nederlandse literatuur duidelijk in de lift. Sinds Nederland vorig jaar centraal stond op de boekenbeurs van Tokio – de belangrijkste in Azië – laat de positieve invloed van Nederlandse literatuur zich in Japan stilaan gelden. Contacten werden gelegd, contracten getekend. En hoe meer er vertaald wordt, hoe groter de belangstelling bij diverse uitgeverijen lijkt te worden. Als gevolg daarvan proberen organisatoren de tentoonstelling van kinderboekillustraties Dutch oranges wellicht ook naar Japan te halen. In april was de expositie al te zien op de kinderboekenbeurs van Bologna en vanaf 19 mei zijn de prenten van onder anderen Dick Bruna, Thé Tjong-Khing, Fiep Westendorp en Sylvia Weve in het Stedelijk Museum te bekijken.