Schitterend epos van Johan Simons

Uit het Ierse dorpje Leenane kun je slechts ontsnappen door vermoord te worden, of door zelfmoord te plegen. Met groot gemak grijpen de dorpsbewoners naar de pook, het jachtgeweer, de hamer. Als ze er zelf niet uitkomen, lopen ze het water in. De doden worden niet beweend, maar bespot. Tranen zijn er slecht voor de verloren geliefde en de herdershond wiens oren worden afgesneden.

In De Leenane Trilogie, een gezamelijke productie van Zuidelijk Toneel Hollandia en het Vlaamse Toneelhuis, biedt regisseur Johan Simons een kaleidoscopische zicht op een primitieve, gewelddadige dorpsgemeenschap. Hij nam drie toneelstukken van de Ier Martin McDonagh (1970) en smeedde ze aaneen tot een vier uur durend epos. De Leenane Trilogie, die pas in de herfst naar Nederland komt, is een laat maar onbetwist hoogtepunt van een verder zo mager theaterseizoen. Op de valreep werd het stuk vorige week geselecteerd voor het Theaterfestival in september. Simons lijkt een manier te hebben gevonden om zijn boerendrama's, die hij doorgaans op de meest krankzinnige locaties speelt, over te brengen naar de schouwburg. In een leeg toneelhuis zet hij als achterwand een onduidelijke zwarte bunker neer. De vloer vult hij met potgrondkorrels, in de hoek staan wat zakken aarde, oliekachels en Mariabeelden. Dit grove decor plaatst hij in hard bouwputlicht. Zo verbouwt hij de schouwburg tot bollenschuur, waarin zijn spelers zich het meeste thuisvoelen.

Het eerste deel , A Skull in Connenara, spelend op een dodenakker waar een gravenschudder de beenderen van zijn eigen vrouw moet opgraven, is op zich niet zo'n sterk stuk, maar biedt wel de ideale introductie tot dit merkwaardige oord. Het gewoel in gewijde aarde geeft aan hoe groot de rol van het verleden is. The Beauty Queen of Leenane, het vrouwendeel in dit door mannen gedomineerde epos, gaat over een sadistische moeder-dochter relatie, om de gesmoorde liefde, en om een verijdelde poging tot ontsnappen uit het dorp. The Lonesome West, over een ruziënd stel broers, laat zien hoe weinig een mensenleven waard is in Leenane. Ook toont dit deel de twee buitenstaanders, de enige normale mensen in het dorp: zondeloze stokersdochter Maria en de pastoor met geloofstwijfel.

Op het eerste gezicht doet De Leenane Trilogie denken aan een streekroman, maar het mist de verheerlijking van het boerenleven. Eerder doet het denken aan de verhalencyclus Het einde van mensen in 1967 van Herman Brusselmans, waarin op een vergelijkbare losse wijze een uiterst gewelddadig Vlaams dorp wordt geschilderd. Met Brusselmans deelt Simons ook de liefde voor de eenvoud en het aanstekelijke vertelplezier.

Johan Simons en vertaler Peter Verhelst hebben de drie toneelstukken zo hecht aaneengesmeed, dat het bijna niet is voor te stellen dat ze ooit los werden gespeeld. Als in een televisiesoap of een film van Robert Altman, laten zij de drie verhaallijnen door elkaar heen lopen. Zo ontstaat een evenwichtig vertelritme, waarin tragiek, komedie, liefde en geweld elkaar mooi afwisselen. Met plotse verandering van de lichtstanden geeft Simons de overstap naar een andere verhaallijn aan; door de acteurs van een nieuwe scène op te laten komen terwijl de eerdere scène nog wordt afgerond, behoudt hij de eenheid en het ritme.

Eigenlijk is alleen The Beauty Queen of Leenane een echt geslaagde tekst. Maar dat valt nauwelijks op door het smeedwerk van Simons, en doordat er zo uitzonderlijk goed wordt geacteerd. Betty Schuurman is de oude vrijster die door haar bejaarde moeder wordt geterroriseerd, wat ze pareert met getreiter en geweld. Ze speelt wulps dansend, zogenaamd opgeruimd, maar in feite met de moed der wanhoop. Frieda Pittoors is als haar bejaarde moeder monkelend dwars, een perfect mengsel van beklagenswaardig en vals.

The Lonesome West zou een wat te lang uitgesponnen schets met veel herhalingen zijn, als de vuurroodharige broers niet werden gespeeld door Fedja van Huêt, met bochel, en de dikke Vlaming Wim Opbrouck. Het komische duo lijkt voor elkaar geschapen. Als valse honden rollen ze over het toneel, rare bekken trekkend, plezierig overstuurd leutig, met veel slapstick.

De Leenane Trilogie eindigt verrassend met een lang uitgesponnen cabaret-act van het duo, die je doet beseffen met hoeveel warm plezier je vier uur lang naar deze uitstalkast van gedegenereerden hebt zitten kijken.

Voorstelling: De Leenane Trilogie van Martin McDonagh door Zuidelijk Toneel Hollandia/ Het Toneelhuis. Regie: Johan Simons. Gezien 12/5 Stadsschouwburg Sint-Niklaas, België. Nederlandse tournee vanaf september. Inl. (040) 233 3633 of www.zuidelijktoneelhollandia.nl.

    • Wilfred Takken