Macedonië: regering met alle partijen

Macedonië heeft sinds gisteren een regering van nationale eenheid. De bundeling van partijen uit regering en oppositie moet de Macedonische politiek in staat stellen het hoofd te bieden aan de rebellie van Albanezen in het noorden van het land.

Het Macedonische parlement schonk gisteren met 104 stemmen voor, één tegen bij vier onthoudingen de nieuwe regering zijn vertrouwen. Tijdens het debat in het parlement stelde premier Ljubco Georgievski dat ,,ons land in gevaar is'' en ,,we ons moeten verenigen.'' Hij omschreef het Nationale Bevrijdingsleger UÇK, dat in het noorden van Macedonië strijdt, als ,,een wrede vijand die moet worden verpletterd.'' Het Macedonische leger, aldus de premier, bestrijdt in het noorden ,,een goed georganiseerde vijand, in het buitenland opgeleid, die chaos en terreur wil zaaien''.

Die harde taal wekte de woede van afgevaardigden van de oppositionele Partij voor Democratische Welvaart (PDP), een van de twee partijen van de Albanese minderheid en de partij die het dichtst bij het UÇK staat. Zij hekelde ,,de oorlogstaal'' van Georgievski. De irritatie leidde tot een langdurige schorsing van het debat. Pas daarna kreeg de regering van nationale eenheid het vertrouwen van het parlement. Maar de partijen die in de regering zitten maakten er ook ondanks de grote meerderheid bij de stemming geen geheim van weinig illusies te koesteren over een snelle oplossing van het gewapende conflict, omdat de partijen sterk van mening verschillen over de vraag hoe de guerrilla in het noorden en het onderliggende probleem – de status en de rechten van de Albanese minderheid in Macedonië – moet worden aangepakt. De scepsis kwam tot uiting in het gebrek aan enthousiasme na de stemming in het parlement: er werd zelfs niet geapplaudisseerd.

In de nieuwe regering zijn zes partijen vertegenwoordigd: de conservatief-nationalistische VMRO-DPMNE van Georgievski, die acht van de negentien zetels in de regering bezet, de sociaal-democratische oppositiepartij SDSM, die drie zetels heeft, de liberalen (één zetel), de liberaal-democraten (één zetel) en de twee partijen van de Albanese minderheid.

Van deze laatste heeft de Democratische Partij van Albanezen (PDSh), die al in de regering zat, drie portefeuilles gekregen; ze heeft één vice-premier en de ministeries van Economie en Arbeid. De tot nu toe oppositionele en meer radicale PDP heeft eveneens drie man in de regering, een vice-premier en de ministers van Justitie en Lokaal Bestuur. Van de 19 ministers zijn er dus zes afkomstig uit de Albanese minderheid, die officieel een kwart en in werkelijkheid eenderde van de bevolking uitmaakt. Minister van Buitenlandse Zaken is Ljube Boskovski van de VRMO, minister van Defensie is Vlado Buckovski van de sociaal-democraten.