Eurocola

Bij het Eurovisie Songfestival moet ik denken aan cola in een kristallen karaf, zodat de prik vervlogen is en je alleen nog maar de kleverige suiker proeft, niet the real thing. Elektronische ritmes als dempende dekens over matige zangstemmen gelegd. Zangers die heupbewegingen maken in een veld van draaiende en verkleurende lichten. Eurocola is populair. Het enige cultuurevenement voor gans Europa. De liedjes lijken op elkaar zoals vliegvelden veel van elkaar weg hebben. Michelle had nog authentieke achtergrondmuziek maar er was uit angst voor te grote originaliteit zo'n meehuilend koortje achter gezet.

Wie Europese cultuur zoekt, krijgt eurotrash, een namaak-Angelsaksisch recept. Zodra het internationaal wordt, willen alle landen eurocola brouwen. De dialogen op rijm van de presentatoren waren misschien een authentieke Deense gewoonte in de traditie van een Christian Andersens sprookjespark, maar de overigens uitstekende commentator Willem van Beusekom vond dat juist weer ,,klef''.

Het Eurosongfestival is niet slechts een piepklein trendje onder schmalzerige homo's, maar een van de populairste televisie-evenementen van het jaar, te vergelijken met voetbal. In Nederland keken drie miljoen mensen. Merkwaardig dat bij de filmpjes die de deelnemers inleidden ook zelfs maar de schijn van authenticiteit ontbrak. Vroeger kreeg je nog een video-ansichtkaart uit het land te zien: de Eiffeltoren, een volksdansje in klederdracht, een oud kasteel. Zaterdag hadden de meeste landen hun filmpje in Kopenhagen gemaakt, alsof ze het thuis vergeten waren. De Britten hadden voor het Kopenhaagse stadhuis nog een man gevonden die met een bolhoed kon goochelen. Michelle struinde langs gele Deense huizen en de Turkse ster at een sm⊘rrebrod. De Portugezen maakten er een promotiefilmpje voor witte port van. Heren die waarschijnlijk in een Deens hotelzaaltje met een monumentale toren op de achtergrond diep aan glazen roken.

Documentairemaker Michiel van Erp, die liefhebber van camp, weloverwogen kitsch, had een aardig half uurtje inleiding samengesteld. Een gesprek met het gezin van de componist en arrangeur André Remkes. Vrouw en kinderen klaagden over alle drukte en muziek in huis door dat songfestival. Zoonlief zat in wit onderhemd om de tatoeage van een spiderman-hoofd op zijn bovenarm goed te laten uitkomen. Hier zaten we bij het echte leven. Remkes wou iets voorspelen maar het spanschroefgedeelte van de gitaar bleek te zijn afgebroken tijdens het transport. ,,Zo, daar is mee gesmeten, shit'', zei hij. Verder veel beelden van Michelle die in Kopenhagen met killers-grijns werd begroet door concurrerende songfestivalsterretjes.

Ach ja, en dan een dag later een literatuursterren-festival, de uitreiking van de Libris-prijs. Bij literatuur hoort wijn die je savoureert, zoals presentator Philip Freriks het met echte Franse uitspraak zou zeggen. Rond wit gedekte tafels zaten genomineerden, juryleden en culturele prominenten met rode koppen te converseren. Bij echte kunst hoort culinaire welstand. Alle genomineerde literatoren hadden in de voorfilmpjes een glas wijn voor zich en zaten aan een uitgelezen gerecht op hun favoriete plek, meestal een restaurant. Alleen de favoriete maar toch niet uitverkoren Vlaamse genomineerde Erwin Mortier had een glas geel troebel vocht, een bierkenner dus. Een voorfilmpje vatte de literaire Privé-incidenten samen, de drukte rond de brieven-collectie van Reve, het gedoe rond Arnon Grünbergs geheime alias Marek van der Jagt.

Misschien dat iemand die dat ziet, op het idee komt te gaan lezen. Waren die prijzen geen kermis, vroeg Freriks schuldbewust aan de drie panelleden die aan een mineraalwatertje in een wijnglas het feest overzagen en becommentarieerden. Nee, vonden ze eendrachtig, literatuur krijgt zo tenminste aandacht. Freriks sloot de uitzending af met: ,,Als u de slaap niet kan vatten, pak dan een boek, dat doet wonderen.'' Maar of dát nou de juiste verkoopboodschap was?