Twee grote coalities tegenover elkaar

In de Italiaanse parlementsverkiezingen morgen staan een linkse en een rechtse coalitie tegenover elkaar, met daarnaast een aantal kleinere onafhankelijke partijen. Hoofdrolspelers zijn de 64-jarige mediamagnaat Silvio Berlusconi, die zijn rechtse coalitie heeft omgedoopt in Huis van de Vrijheid; en de 46-jarige Francesco Rutelli, oud-burgemeester van Rome, leider van de Olijfcoalitie.

Berlusconis coalitie wordt gedomineerd door Forza Italia (Berlusconi, 20,6 procent in 1999) en de Nationale Alliantie (voormalige neofascisten, 15,7 procent). Kleinere bondgenoten zijn de protestpartij Lega Nord (10,1 procent), de twee christen-democratische partijtjes die worden geleid door Pierferdinando Casini en Rocco Buttiglione (samen 5,8 procent), en drie andere piepkleine partijtjes.

In Rutellis Olijfcoalitie zijn de Linkse Democraten (21,1 procent) de grootste partij. Hun politieke partners zijn de Italiaanse Volkspartij (ex-christen-democraten, 6,8 procent) en de Democraten (nieuw, opgericht door oud-premier Romano Prodi), aangevuld met zes kleine partijtjes.

De partijen Communistische Heroprichting, Lista Bonino en Italië van de Waarden (van voormalig openbaar aanklager Antonio Di Pietro) zijn de belangrijkste onafhankelijke partijen.

In de verkiezingen voor Kamer van Afgevaardigden en Senaat geldt voor driekwart van de zetels een meerderheidsstelsel. De rest wordt toegewezen op basis van evenredige vertegenwoordiging, volgens een gecompliceerde verdeelsleutel.

In Rome, Milaan, Napels, Turijn, en 125 andere steden met meer dan 15.000 inwoners wordt morgen tevens een nieuwe burgemeester gekozen volgens een meerderheidsstelsel. Als geen kandidaat in de eerste ronde een absolute meerderheid behaalt, valt over twee weken de beslissing in een keuze tussen de twee kandidaten met de meeste stemmen. Een aantal provincies kiest ook nieuwe provinciale raad.