Beleggen onder toezicht

De regels ter voorkoming van beleggen met voorkennis worden steeds strenger. Het aantal mensen dat onder die regels valt groeit ook.

Oud Philips-president Cor Boonstra heeft inmiddels zelf ook ingezien: achteraf was die transactie in aandelen Endemol niet slim. Want voorkennis of niet, de schijn dat hij meer over het bedrijf kon weten dan een andere beleggers is in zijn geval genoeg om publicitair forse schade te kunnen oplopen. Dat de leden van de raad van bestuur van ABN Amro het zover beslist niet willen laten komen werd onlangs duidelijk. Het beheer van de portefeuilles van bestuursleden van de bank wordt uitbesteed aan externe, onafhankelijke vermogensbeheerders met wie alleen op hoofdlijnen overleg over het beleggingsbeleid gevoerd zal worden. Menigeen zal zich gelukkig hebben geprezen niet in zo'n glazen huis te wonen en nog naar eigen inzicht te kunnen beleggen zonder dat officiële instantie over hun schouders meekijken.

Hoewel? De regels ter voorkoming van beleggen met voorkennis worden strenger en strenger. En het wordt steeds minder ondenkbaar dat straks niet alleen de toplaag van beursgenoteerde ondernemingen of personeel in dienst van vermogensbeheerders, pensioenfondsen en effectenmakelaars hun particuliere aandelenportefeuille uit handen moeten geven, maar nog vele duizenden anderen.

Strikt genomen zijn het niet zozeer de wettelijke voorschriften die de laatste tijd stringenter geworden zijn. De beperkingen in de bewegingsvrijheid zijn meer een gevolg van de manier waarop de wet wordt nageleefd en gecontroleerd. Iedereen die uit hoofde van zijn functie regelmatig koersgevoelige informatie onder ogen krijgt over de eigen onderneming – in vaste dienst of als adviseur – heeft al sinds enige tijd met een `compliance officer' te maken van het bedrijf of de instelling waarvoor men werkt. Zo iemand beoordeelt aan de hand van een stelsel van interne, maar door de Stichting Toezicht Effectenverkeer gefiatteerde regels, of aan- en verkopen van aandelen c.q. opties van de onderneming waarvoor men werkt (of waarover men specifieke kennis draagt) wel kunnen binnen de geldende spelregels. En ook transacties van familieleden – echtgeno(o)t(e) en thuiswonende kinderen – moet met de compliance officer overlegd worden. Voor vele duizenden – denk aan als die mensen werkzaam bij banken, verzekeraars, pensioenfondsen, vermogensbeheerders, maar ook accountants, advocaten, fiscalisten, consultants, mensen van de belastingdienst en zelfs journalisten – betekent dit nu al een voor het gevoel vervelende inbreuk op de financiële privacy.

Maar voor bestuurders en commissarissen van beursgenoteerde ondernemingen gaat die inbreuk nog veel verder. Zij moeten alle transacties in opties en aandelen van de eigen onderneming melden bij de STE, die deze informatie publiceert. Op de website van de STE, maar ook op de beleggerswebsite IEX.nl is zo het beleggingsgedrag van ondernemingsbestuurders exact te volgen. En ook heel grote beleggers, personen die vijf procent of meer van de aandelen van een beursgenoteerd bedrijf bezitten, moeten dergelijke (en grotere) belangen bij de STE melden en laten publiceren.

Gevallen die in de pers breed worden uitgemeten dragen er ongetwijfeld toe bij dat compliance officers steeds kritischer gaan kijken, maar ook dat beleggers zich steeds vaker zullen afvragen: ga ik met deze transactie niet over de schreef?

,,Die vrees onbewust de regels te overtreden, en de reputatieschade die daarvan het gevolg kan zijn, dat is wel een van de belangrijkste zorgen waarover wij onze klanten horen als het over deze materie gaat'', beaamt ook Jeroen Heine, hoofd Trust- en Managementservices bij CenE Bankiers in Utrecht. De dochter van de ING Groep die zich specifiek op vermogende particulieren richt, heeft ingezien dat een deel van haar doelgroep worstelt met de consequenties van de compliance- en eventuele meldingseisen. Dus administratieve rompslomp, exacte kennis van wat wel en niet mag, meldingen van transacties bij de STE, en inderdaad ook de privacy. Heine: ,,De dienstverlening die met deze kwestie te maken heeft is voor ons nu een commerciële speerpunt. We bieden bedrijven aan dat ze hun compliance verplichtingen aan ons kunnen uitbesteden, en het spreekt voor zich dat als de mensen die het aangaat besluiten het beheer van hun effectenportefeuille uit handen te geven, wij dat graag voor ze doen.''

CenE bankiers is trouwens niet de enige die dienstverlening heeft ontwikkeld naar aanleiding van de voorkenniswetgeving. De bank Kempen & Co doet het ook, zij het nog iets meer toegespitst op háár specifieke doelgroep, namelijk de middelgrote en kleine beursgenoteerde bedrijven en hun directeuren-grootaandeelhouders. De afdeling particulier vermogensbeheer van de Amsterdamse bank merkte dat grootaandeelhouders van kleinere beursfondsen die zich financieel uit hun bedrijf willen terugtrekken het vervelend vinden elke keer in de krant terug te moeten lezen als ze een deel van hun belang verkopen. Andere beleggers zouden kunnen denken dat zij iets over de onderneming weten dat niet iedereen weet. Albert van Dedem, directeur van Kempen Capital Management: ,,In het licht van risicospreiding is dat afbouwen normaal. Maar voor deze doelgroep passen we vermogensbeheercontracten zo aan dat men zich niet expliciet met het portefeuillebeheer mag bemoeien. In de wet staat namelijk dat dan niet elke kleine wijziging van het belang hoeft te worden gemeld.'' (De meldingsplicht uit hoofde van de Wet Melding Zeggenschap, die voor alle aandeelhouder geldt die meer dan 5 procent in een beursfonds heeft, blijft wel van kracht.) Vergelijkbare diensten biedt ook Fortis-dochter MeesPierson aan.

Nu zijn het nog de kopstukken uit het bedrijfsleven die het zelf beleggen moeten opgeven. Maar zoals tien jaar geleden het zelf beleggen `democratiseerde' zo lijkt het weer uit handen geven van die geliefde hobby, de nieuwste trend te worden.