Een vooroorlogse boekenkast

Jakarta. Een stille straat met statige koningspalmen. Vooroorlogse huizen met een rood pannendak. In de voortuin manshoge krotons en `kerststerren'. Het ziet er wat verwaarloosd uit, sommige huizen lijken onbewoond. Een bord Rumah Seni: kunsthuis. Even kijken. Een kamponghaan op hoge poten loopt nieuwsgierig achter me aan.

Binnen hoge kamers met kleurige tegelvloeren en de originele meubels. Aan de wand moderne schilderijen met intrigerende figuren, half mens, half dier, en overal dichtbeschreven vlakken. De tekst is onleesbaar. Alsof er iets verteld moet worden waarvoor geen woorden zijn.

Van de jonge beheerder, in korte broek en T-shirt, krijg ik een brochure. `Hallo Beesten!! Misschien zijn wij mensen?' luidt het motto, met verwijzingen naar de huidige politieke situatie, met demonstraties, opstanden, onlusten.

Het blijven raadselachtige figuren. Alleen de becak-rijder is gewoon zichzelf, ook al staat hij op zijn kop. 1945 staat erboven. Einde van het Nederlandse koloniale bewind. Ook een omwenteling, net als nu.

Naast het gastenboek staat een kopergravure. Verrast kijk ik op. Wilhelmina, de jonge koningin? Wat moet die hier? De beheerder grijnst: ,,Hier achter is nog veel meer. Wilt u kijken?''

De gudang herbergt een andere lang vervlogen wereld. Tempo doeloe, ik kijk mijn ogen uit. Kastenvol boeken, stapels raadselachtige lp's, bergen papier.

Nederlandse schrijvers als Jacob van Lennep, Nicolaas Beets, Da Costa, Vondel. Maar ook `Zola's werken', Alexander's hymns... Het meeste is van ver voor de oorlog, zoals: `Het leven van onze voorouders' (Dr. G.J. Dozy), `De sterrenhemel' (J. Weeder), `Handboek der practische fotografie' (Dr. J. E. Rombouts 1902) met broederlijk daarnaast de Camera Obscura van Hildebrand (eerste druk). Zeg mij wat uw boeken zijn...

`The importance of living' (Lin Yu Tang), `Het boek der veranderingen' – de I Tsjing, Chineesche verzen (Jules Schürmann), Rubaiyat van de Perzische dichter Omar Khayyam. Rijen bladmuziek, van kinderliedjes voor de Nederlands-Indische huiskamer met pianobegeleiding tot études van Chopin. Huwelijk en liefde in de oosterse wereld. Seksuele zeden in woord en beeld. Iemand met een brede belangstelling, dat zeker. Een echte liefhebber, dat ook.

Een muffe lucht verraadt de aanwezigheid van rayap. Witte mieren, termieten! Ze hebben hun eigen voorkeur. Het gedenkboek van het Oranjehuis – met een foto van Wilhelmina in Friese klederdracht – is zeer geliefd. De bijbel wordt verslonden, hun grillige gangen gaan van kaft tot kaft. Maar voor `Gedachten over den Smaak benevens eene verklaaring van Schoonheid in de Schilderkunst' en `Reis van Lord Macartney naar China' (1801) heeft de rayap kennelijk geen interesse.

Reisgidsen van Japan, China, Argentinië en vrijwel alle landen van Europa. Stapels woordenboeken: Engels, Noors, Zweeds, Deens, Duits, Italiaans, Frans en een theosofisch woordenboek van Blavatsky (1906), Japans, Maleis, Javaans, Soendanees, Madoerees. Een bereisd man en blijkbaar moest hij vele talen spreken. Stapels `Aandelen aan Toonder', groot ƒ1000,- : De N.V. Bouw Cultuur en Handelmaatschappij Fortis Fortuna gevestigd te Krawang. Maatschappelijk kapitaal ƒ250.000 van Bouw-, Handel- en Industrie Mij Tay Kiet, Handelmaatschappij en Rijstpellerij Tjitaroem. Een rijk man dus, althans voor de oorlog. En zeer secuur. Bergen administratie, meetbrieven van het kadaster, koopaktes. Een zorgvuldig bewaarde krant uit 1930, over de radio-uitzending ter gelegenheid van de toen 50-jarige Koningin Wilhelmina.

Dozen vol brieven en foto's. Van familie uit Zwitserland: ,,De natuur is prachtig, maar zoals je weet is hier geen hulp te krijgen. Ik moet alles zelf doen, `die ganze Putzerei'.'' Van de kinderen in Nederland: ,,Het wordt hier steeds duurder, de prijzen zijn met 30 procent gestegen. Waar moet dat naar toe?'' Alles wordt nauwkeurig gelezen, een foute berekening van collegegelden wordt met rood potlood fijntjes onderstreept en in de marge verbeterd. Geen woord over de politieke situatie.

Wat zou er met dit alles gaan gebeuren?

Een kinderboek. `Onze helden van Lombok' voor de jeugd bewerkt door Th. J. A. Hilgers (1895), over de oorlog op Lombok. Ik lees: ,,Nemen wij in aanmerking dat alle wegen en huizen als het ware bezaaid lagen met de lijken van Baliërs en dat bijna geheel Tjakranegara in ons bezit was dan mogen wij het succes zeker schitterend noemen.'' (–) ,,Duizenden en duizenden Baliërs verloren het leven en de huizen werden in brand geschoten. (–) Al de schatten van den vorst vielen in hunne handen en hijzelf werd gevangen genomen en naar een eenzaam eiland verbannen. En sedert die tijd leeft de bevolking van Lombok vreedzaam en gelukkig onder het weldadig bestuur der dappere Hollanders.'' Misschien iets voor het letterkundig museum? Hallo Beesten!! Misschien zijn wij mensen?

,,Het wordt hier een ontmoetingsplaats voor schilders, dichters, schrijvers'', zegt de beheerder, ,,met voorstellingen, exposities en een bibliotheek...''

Ik wijs hem een gedicht aan uit Rubaiyat van Omar Khayyam: Here with a little Bread beneath the Bough / A Flask of Wine a Book of Verse / and Thou Beside me singing in the Wilderness / Oh! Wilderness were Paradise enow!

Op het koninginnefeest van de ambassade ontmoet ik een Indonesische historicus die mij alles kan vertellen over de boeken en hun in 1980 overleden eigenaar. Het was Khouw Keng Tjong. In `de Nederlandse tijd' was hij de rijkste man van Jakarta, `Majoor der Chinezen', vertegenwoordiger van de Chinese bevolkingsgroep.

En nu? Zijn kinderen? Die zijn voor de oorlog allemaal naar Nederland vertrokken. Wat er met de boeken gaat gebeuren? Hij lacht. ,,Misschien ruilen tegen de schat van Lombok? In Nederland is toch sprake van teruggave van oorlogsbuit? Dat stond in de NRC. Die lees ik elke dag via Internet. Kent u die krant? Wat vindt u van Youp van 't Hek?''

En zonder mijn antwoord af te wachten: ,,Heel verfrissend zoals die man schrijft over het koningshuis en over Maxima. Heel verfrissend.'' We drinken op de koningin.