Crisis in stadsbestuur van Almere

In Almere is een bestuurscrisis ontstaan nadat gisteravond drie van de zes wethouders (GroenLinks en PvdA) zijn opgestapt. Dat gebeurde tijdens een ingelaste raadsvergadering. Burgemeester Ouwerkerk hoopt dat de breuk na een `afkoelingsperiode', dit weekend, alsnog hersteld kan worden.

Aanleiding tot de breuk is een conflict over het gedwongen vertrek van de onderwijswethouder P. van Hooghuizen (VVD). De wethouders verwijten de VVD zwak bestuur en wilden daarom niet verder. In Almere moesten recentelijk schoolklassen naar huis worden gestuurd wegens een tekort aan leraren. Ook de komst van een openbare scholengemeenschap leidde tot problemen.

Volgens het voltallige college was wethouder Van Hooghuizen in haar optreden niet daadkrachtig genoeg. Toen zij eind april, na een langdurige ziekteperiode, weer aan het werk zou gaan, zegde het college haar de wacht aan. Aanvankelijk had het de schijn dat de VVD zelf had aangedrongen op het vertrek van de wethouder, maar later bleken verschillende prominente VVD'ers haar toch te steunen.

In een brief aan Van Hooghuizen verweet wethouder Halbesma (VVD) de coalitiepartners GroenLinks en PvdA achterbaks gedrag. Die eisten duidelijkheid in een extra raadsvergadering, gisteravond. Maar de VVD bleek daar niet van plan te zijn door het slijk te gaan. Wethouder Bijl (PvdA): ,,De VVD toonde geen enkele vorm van zelfreflectie.''

Behalve burgemeester H. Ouwerkerk, bestaat het college nu alleen nog uit de VVD-wethouders D. Halbesma en H. Smeeman. Het tweetal beraadt zich dit weekeinde op zijn positie.