TIM BUCKLEY

Jeff Buckley wilde tijdens zijn korte leven (1966-97) weinig weten van de muzikale overeenkomsten met vader Tim (1947-75). Toch was de artistieke erfenis er wel degelijk: allebei beschikten ze over een meer dan gemiddeld stembereik en in beider composities nam het drama soms onheilspellende vormen aan. Als exponent van de folkbeweging van begin jaren zestig koos Tim Buckley een eigenzinnig pad waarin jazz en avant-garde, maar ook Middeleeuwse hoofse lyriek een rol speelden.

De dubbel-cd Morning Glory: The Tim Buckley Anthology is een voorbeeldige compilatie: het laat in kort bestek horen wat een fabelachtige ontwikkeling Buckley in de tien jaar tot zijn tragische heroïnedood doormaakte en het wekt belangstelling voor de oorspronkelijke albums, tien in getal als het postume Dream Letter/Live in London 1968 wordt meegeteld. In het begeleidende boekje maakt biograaf Barry Alfonso melding van de nooit uitgebrachte popsingle Lady give me your key die Buckley in 1967 opnam, een frustrerende mededeling omdat het nummer ook hier niet boven water is gekomen. Zo'n overzicht als dit is geschikt om bijzondere opnamen toe te voegen aan de voor de hand liggende hoogtepunten, maar het blijft hier bij een niet eerder gehoorde live-opname van Buckley's bekendste nummer Song for the siren in de televisieshow van The Monkees.

Na zijn folky begindagen maakte Buckley een jazzperiode door met een opvallende rol voor de vibrafoon. Het hartverscheurend mooie Buzzin' fly herinnert in zijn ongrijpbare magie aan de grensverleggende pop/jazz op Van Morrisons Astral Weeks. Door het uitblijven van succes deed Buckley steeds minder moeite om zijn publiek te behagen, en klinkt hij als door de duivel bezeten in het verontrustende Monterey. Zijn muziek voorspelde het naderend onheil en ook in dat opzicht trad zoon Jeff in zijn vaders voetspoor.

Morning Glory: The Tim Buckley Anthology (Warner Elektra/Rhino 8122-767222)

    • Jan Vollaard