Japan speelt, Europa wacht

Investeerders in pak en beginnende ondernemers met supermanbril bogen zich de afgelopen twee dagen in Disneyland Parijs over de toekomst van de technologie.

In Japan is draadloos internetten al twee jaar gemeengoed, in Europa wordt al twee jaar geklungeld. Wat doen we verkeerd? De Europese technologiesector zocht de afgelopen twee dagen naarstig naar een antwoord op deze vraag, tijdens de conferentie Upstart Europe 2001 in het congrescentrum van Disneyland Parijs.

Japanners spelen, op de kleurenschermpjes van hun geavanceerde mobiele telefoons, een computerspel met een verre vriend, sturen kaarten rond of installeren de populairste melodietjes. Het beste wat Europa tot nu toe heeft voortgebracht is het zogeheten WAP-toestel, maar dat werd een mislukking door de traagheid van het verbinden van de telefoon met internet. Wel heel populair is sms – korte teksten versturen met de mobiele telefoon – maar dat is relatief heel duur.

De Europese technologiesector heeft nu de ogen gericht op GPRS, een techniek, vergelijkbaar met i-mode in Japan, waarbij met het bestaande GSM-zenderpark hogere snelheden kunnen worden gehaald. Belangrijker: het toestel staat continu in verbinding met internet. GPRS is, zo hopen de door schulden geplaagde telecombedrijven, volgend jaar voor de massa beschikbaar.

Giuseppe Curatolo van DFJ ePlanet Ventures, een Londense durfkapitalist, gelooft niet in een snelle introductie van GPRS. ,,Het duurt nog zeker zes maanden voor de speciale toestellen in grote hoeveelheden klaar zijn. Vervolgens moeten consumenten worden overtuigd. De huidige gsm-toestellen worden gemiddeld twee jaar gebruikt voordat men een nieuwe koopt. Mobiel internet zal er volgend jaar nog niet zijn, vrees ik.''

Dat mobiel internetten in Japan snel een rage heeft kunnen worden, komt niet alleen door de – vaak als verklaring aangedragen – Japanse passie voor gadgets, spelletjes en tekenfilms. Het heeft zich snel kunnen ontwikkelen omdat NTT Docomo, de uitvinder van i-mode, een haast monopolistische greep heeft op de Japanse markt. Dankzij die positie heeft het eenvoudig en efficiënt één systeem voor mobiel internet kunnen doordrukken. In Europa wordt veel en lang over standaarden gekibbeld. Dat maakt investeerders onzeker en houdt ontwikkelingen op.

Nog belangrijker voor het succes van i-mode was de beslissing van NTT Docomo om het maken van toepassingen (spelletjes, e-mail) voor het systeem over te laten aan de buitenwereld. ,,NTT Docomo heeft daarmee een enorme creativiteit ontketend'', zegt Pekka Palin van het Finse softwarebedrijf OpenMobile. ,,NTT Docomo heeft de taart groter gemaakt door andere bedrijven ook te laten verdienen aan i-mode'', zegt Jeroen Mol van GorillaPark, een investeerder die beginnende bedrijven tot wasdom brengt (incubator).

De bedrijven die content leveren voor i-mode verdienen geen vetpot maar ze experimenteren zich helemaal suf, op zoek naar de kip met de gouden eieren. Intussen ziet NTT Docomo het internetverkeer elke dag groeien.

De grote vergissing die Europese telecombedrijven begaan, is dat ze zelf, in eigen beheer, diensten en amusement willen ontwikkelen. Ze willen de taart niet of zo min mogelijk delen. Palin: ,,Telecombedrijven zullen hun controle moeten opgeven.'' Volgens Mol staan de telecombedrijven voor het blok. Vorig jaar hebben ze miljardenschulden opgebouwd met investeringen in geavanceerde mobiele telefonie. Nu moet er zo snel en zo veel mogelijk geld worden verdiend. Mol ziet de bereidheid van telecombedrijven om samen te werken de laatste tijd toenemen.

Het gevolg van de heerszucht tot nu toe is dat er bizar weinig content (amusement, nieuws) en applicaties (e-mail) voor de mobiele telefoon beschikbaar zijn. Daarbij komt overigens dat het meeste amusement auteursrechtelijk in handen is van een relatief kleine groep grote mediaconcerns, zoals het Duitse Bertelsmann en het Amerikaanse AOL Time Warner. Dat laat weinig ruimte voor kleine spelers, die meestal niet verder komen dan het bedienen van nichemarkten.

Voor de durfkapitalisten in Disneyland is content nog te glad ijs. Ze investeren liever in bedrijven die oplossingen bedenken voor technologische problemen. Daarvan is de toegevoegde waarde met eenvoudige rekensommen makkelijk aan te tonen. E-mail is ook met i-mode opnieuw de meest gebruikte applicatie gebleken. Internetgoeroe Vincent Everts van investeerder Insight Capital Partners vindt het dan ook onbegrijpelijk dat er in Europa nog steeds geen gebruiksvriendelijke e-mail op de mobiele telefoon zit. ,,De technologie is er'', zegt Everts. ,,Maar de producenten van mobiele telefoons zijn te veel gericht op het in de lucht krijgen van netwerken.'' Bovendien hebben ook zij, net als de telecombedrijven, liever geen pottenkijkers.

    • Stéphane Alonso