Het zilverige, Zeeuwse licht

Wie gewend is af en toe een flink stuk te lopen, hoeft in deze tijden van MKZ niet meteen naar omringende landen uit te wijken. Op Walcheren bijvoorbeeld is langs het Deltapad geen MKZ-lint te bekennen dat de wandelaar de oorlog verklaart.

Het Deltapad is een traject dat van Sluis naar Hoek van Holland loopt, een afstand van 172 km. De nijvere wandelaar krijgt via dit pad een goede indruk van het hele Deltagebied, maar hij moet wel een veerboot (van Breskens naar Vlissingen) en drie fikse dammen voor lief nemen.

De bus uit Vlissingen brengt ons via Koudekerke en Biggekerke naar Zoutelande. De meeste opschriften zijn tweetalig, alsof de taalstrijd van onze zuiderburen zich hier voortzet. Alleen is niet Frans, maar Duits hier de tweede taal; de talloze auto's met Duitse nummerborden vormen één grote liefdesverklaring aan de Zeeuwse kust.

Een steil straatje in Zoutelande voert ons meteen naar een hoge duinenrij, waar de wijde watervlakte van de Westerschelde zich opent. Aan de noordelijke einder domineert de massieve vuurtoren van Westkapelle, die zo sterk op de Terschellingse Brandaris lijkt. Over klinker- en schelpenpaden gaat het naar de Westkapelse Kreek, het restant van een dijkdoorbraak. Die herinnert niet aan de Watersnoodramp van 1953 (Walcheren bleef toen gespaard), maar aan 1944, toen Engelse vliegtuigen de zeedijk vernielden. Alleen de vuurtoren, de dakruiter van een kerkje en een molen steken in Westkapelle boven de oranje-rode pannendaken uit. De vuurtoren blijkt op het kerkhof te staan. Wat een bizarre symboliek!

Een paar kilometer voor Domburg klimt het pad weer omhoog naar de duinen. Rijen paalhoofden lopen op regelmatige afstand van elkaar de zee in. Op een bank, die in een rood-geel-blauw Mondriaan-patroon is geschilderd, zit een stenen vrouw die over de zee uitkijkt – geen vissersvrouwtje, maar een Germaanse godin die ooit waakte over het heil van de zeeman.

Ooit was Domburg het domein van kunstenaars. Begin 1900 streken Piet Mondriaan, Jan Toorop, Charley Toorop en andere impressionisten, luministen en expressionisten in dit dorp neer. Zij raakten er in de ban van het zilverige, Zeeuwse licht. Vele dorpen, duinen, kastelen, molens en vuurtorens werden op hun doeken vereeuwigd. Weliswaar zijn bij Mondriaan de Domburgse molen en kerk rood, maar beide zijn toch goed herkenbaar. Menige schilder maakte ook portretten van de apostelkoppen van Zeeuwse boeren. De bekendste zijn die van vader Jan Toorop en zijn dochter Charley (`Boer uit Walcheren'); zij tonen de gelaatstrekken van mensen die een levenslange strijd met de aarde, de zee en de engel der duisternis achter de rug hebben.

Bij het Badpaviljoen wandelen we het dorp binnen. Naast het zalmrose Badhotel staat een standbeeld van dr. Mezger. Deze `knijpdokter' en grondlegger van de fysiotherapie was overtuigd van de heilzame invloed van de zeelucht. Nog steeds kan men in Domburg voor kuurprogramma's terecht, die echter niet langer op het strand, maar onder het dak van een subtropisch zwembad worden afgewerkt.

Achter Hotel Duinlust loopt het Deltapad door oud en dicht geboomte. We stuiten op het Zeeuws Biologisch Museum, dat is ondergebracht in de oranjerie van Westhove, een van de vele landgoederen in `De Manteling', een kustbos dat het achterland tegen de zeewind moest beschermen. Het landgoed zelf is afgezakt tot een jeugdherberg. In het voorjaar wemelt het hier van bosanemoon, holwortel, wilde narcis en andere stinzenplanten. Na de schaduw van het bos betreden we de lichte, boomloze ruimte van het duin. Het landschap vouwt zich open in blonde toppen en pluimen van helmgras. De route scheert langs Oostkapelle, dat wij rechts laten liggen.

Het voormalige bedevaartsoord Vrouwenpolder strekt zich aan onze voeten uit. In de verte lossen de strakke lijnen van de Veerse Dam zich in de heiige verte op. Vrouwenpolder zelf gunt ons een blik op het Veerse Meer en de slanke kerktoren van Veere. De haven van Veere was het favoriete terrein van Japi, de uitvreter, uit het gelijknamige verhaal van Nescio. Hij zat daar graag uren achtereen en staarde over het water naar de Dikke Jan van Zierikzee en naar de Lange Jan van Middelburg. Japi had het op Walcheren naar zijn zin, want `Zeeuwen zijn de beroerdsten niet'.

De routebeschrijving van het Deltapad is een uitgave van de Stichting LAW en verkrijgbaar in de boekhandel, ƒ31,50