Getuigen uit de Oost

Ze straalt. Want eindelijk, eindelijk mag conservator Itie van Hout van het KIT/Tropenmuseum in Amsterdam uitpakken met haar enorme verzameling gebatikte doeken. Jarenlang lagen ze opgeslagen in de depots van het statige museum. Nu mag een groot deel het – gefilterde – daglicht zien in de lichthal van het museum, in een expositie Batik, met was getekend. ,,Ik durf gerust te zeggen dat we een van de meest complete en best gedocumenteerde collecties ter wereld hebben. De stukken zijn niet alleen in een goede conditie, van de meeste kennen we ook het verhaal of de geschiedenis erachter.''

Voor wie het nooit tijdens de lessen handarbeid of textiele werkvormen op school heeft geleerd: batikken is simpel gezegd het aanbrengen van motieven op een doek met was, de stof wordt ondergedompeld in een verfbad en de kleur hecht zich op die plekken waar geen was zit, de was wordt na het verven verwijderd en zo kun je diverse kleurlagen opbouwen.

Van Hout is twee jaar bezig geweest met de voorbereidingen voor de tentoonstelling. Ze moest uit drieduizend doeken kiezen, die samen een periode van meer dan 150 jaar beslaan. Ze verdiepte zich in de batiktechniek, ging op zoek naar de roots van het batikken en probeerde van een aantal stukken de herkomst te achterhalen. En ze reisde af naar Java, een van de gebieden waar het batikken z'n oorsprong vindt. Want deze vorm van textielbewerking is niet alleen een typisch Indonesisch ambacht, het komt ook voor in Afrika, India, Thailand en China. ,,Maar in Indonesië beheersen ze het ambacht tot in de finesse, daar is ook de waspen uigevonden waarmee je heel gedetailleerde dessins kan maken.''

De doeken op de tentoonstelling vertellen het verhaal van ambtenaren die naar de Oost gingen, van militairen, van burgers, van missionarissen. Ze vertellen het verhaal van de Verenigde Oostindische Compagnie. Het verhaal van Chinezen, Arabieren en Europeanen die naar de handelseilanden trokken. En het verhaal van ons koloniaal verleden. Iedereen die een voet aan wal zette op Java, Sumatra of Madura kocht een of meerdere doeken en nam die mee terug naar Nederland. De batiks dienden als presentjes, wisselgeld of handelswaar. Dat is de reden waarom er nog zoveel batiks uit de 19de en 20ste eeuw zijn.

De expositie ademt het Oosten. Je hoort op de achtergrond de mysterieuze muziek van de eilanden, je ziet exotische dessins, aardse, natuurlijke kleuren als het bijna blauwzwarte indigo, donkerrood, oker, je ruikt nog net niet de specerijen en vochtige warmte. de expositie begint met traditionele kledingstukken als de sarong, hoofddoeken, de borstdoek en de slendang (de doek waarin babies en kleine kinderen werden meegedragen). Dan volgt een reis langs de vier bevolkingsgroepen die elk een eigen invloed hebben gehad op de ontwikkeling van het batikken, met name op Java. ,,Java was een handelseiland waar Arabieren, Chinezen en Europeanen handel dreven en zich later mixten met de lokale bevolking. Zij hebben hun eigen cultuur en de bijbehorende symboliek toegevoegd aan het traditionele batikken'', licht Van Hout toe.

Elke culturele mix heeft z'n eigen plek gekregen in het museum. In de Javaanse opstelling maak je kennis met batiks met strenge geometrische patronen, die uitsluitend gereserveerd waren voor de rijken en vorsten: `verboden patronen', waar je je als onderdaan niet in mocht vertonen. De islamieten gebruikten weer erg veel kalligrafie en gedekte kleuren, maar ook veel groen en oranje. Afbeeldingen van mensen en dieren waren verboden. De Chinese gemeenschap bracht weer z'n eigen kleuren en stijlen met zich mee: bloemen, vogels, draken, vlinders, felblauw, rood. De kleuren vertellen ook het verhaal van de regio's. Zat er veel ijzer in het water, dan zag het rood er anders uit zag dan pakweg twintig kilometer verder.

De omvangrijke expositie geeft een gedetailleerd beeld van het begrip batik en de invloed die dit ambacht had en heeft. Want het is nog steeds een belangrijke bron van inkomsten op Java. Op het platteland is het ook nu nog dagelijkse dracht. Maar ook de toeristen doen een duit in het zakje. Een flinke duit, want voor een echte batik betaal je al gauw een paar honderd piek.

Tentoonstelling `Batik, met was getekend', t/m 14 okt in het KIT/Tropenmuseum, Linnaeusstraat 2, Amsterdam. Open: dagelijks 10-17u. Inl 020-5688200. www.tropenmuseum.nl