Een hightech campus in het Twentse bos

De Universiteit Twente heeft Enschede veel opgeleverd. Een verjonging van de stad en een bundeling van veelgevraagd talent.

EEN SLOOM ZONNETJE houdt de meeste studenten van het werk. Op het plein voor bibliotheek Belletrie en café de Vrijhof eten en drinken ze wat. Zesdejaars technische bedrijfskunde Wilfred Nolten (26) neemt de tijd voor een boterhammetje kaas. ,,Ik zou eigenlijk ook eens moeten afstuderen'', zegt hij bedachtzaam. ,,Maar dat streberige, dat sfeertje hier van zo gauw mogelijk het bedrijfsleven in, dat telt voor mij niet zo.''

Verderop negeren drie eerstejaars bestuurskunde de zon. In de schaduw nemen zij een stapel proeftentamens nóg maar eens door. ,,Nu kennen we het toch wel'', zegt één van hen. Hij legt zijn stapel weg. Een meisje weet het nog niet zo zeker: ,,Ja, maar kennen we het nu ook écht?''

De campus van de Universiteit Twente ligt er wat verscholen bij, in de bossen tussen Hengelo en Enschede. Toch studeren er bijna zesduizend studenten en woont iets minder dan de helft van hen rondom de universiteitsgebouwen. Rondom het complex zijn winkels gevestigd. Studenten skaten van hun kamer naar college.

,,Naar Amerikaans voorbeeld, een beetje als Stanford'', legt rector magnificus Frans van Vught trots uit. Spreek een medewerker van de UT en je hoort steevast woorden als innoverend, ondernemend en vooruitstrevend. Dat was precies de bedoeling toen de UT veertig jaar geleden, in 1961, gesticht werd. Wethouder E. Helder van Enschede (PvdA, Onderwijs en Economische Zaken): ,,De universiteit moest zich specialiseren in grensverleggend onderzoek. Op die manier kon Enschede de bedrijvigheid terughalen die het door de teloorgang van de textielindustrie had verloren.''

Het had weinig gescheeld of de universiteit was niet in Enschede, maar in Deventer gevestigd. Enschede had echter twee belangrijke troeven in handen. De eerste was landgoed Drienerlo, een voor een symbolisch bedrag aangekocht terrein. De tweede troef gaf echter de doorslag: toenmalig burgemeester Wim Thomassen, inmiddels 91 jaar. ,,Vrij legendarisch is hij hier. Nog altijd'', zegt Helder. Een ware Haagse lobbycampagne van de burgemeester, oud-Kamerlid en -senator, bezorgde Enschede tóch de universiteit die het zo graag wilde. Mevrouw Thomassen, de vrouw van de ex-burgemeester: ,,De universiteit heeft de stad gezelligheid en aanzien gegeven. Prettig voor de stad dat er iemand was die de weg in Den Haag een beetje kende.''

De universiteit nog steeds een van de kleinste van Nederland heeft zich gespecialiseerd in de technische wetenschappen als informatica, nanotechnologie en biotechnologie. Later zijn daar maatschappijwetenschappelijke richtingen als bestuurskunde en toegepaste communicatiewetenschappen bijgekomen.

Vernieuwend is de UT zeker als het gaat om het integreren van het bedrijfsleven in het onderwijs. Rector magnificus Van Vught wil `zijn' universiteit dolgraag een leidende rol in de kenniseconomie laten spelen. Onderzoek wordt er voor zeker 35 procent door bedrijven betaald, die ook gebruik kunnen maken van de faciliteiten op de universiteit. Studenten wordt van harte aanbevolen zelf een onderneming te stichten. Vaak beloond met studiepunten. Van Vught: ,,Je ziet dat studenten hun ideeën hier gewoon uitvoeren. De student als ondernemer, dat zien wij graag veel andere universiteiten zijn daar nog niet klaar voor.''

Voor de minder ondernemingsgezinden wachten genoeg andere kansen. Aan de overkant van de Hengelosestraat is een Business & Science Park verrezen met bedrijven die profiteren van het hoge aantal hoogopgeleiden op zo'n klein gebied.

Op de campus hangen de prikborden vol met wervende advertenties als Heb jij al een stageadres? en Wil jij in teamverband je talenten ontplooien?. De UT ziet nogal eens een stagiaire verdwijnen `naar de overkant'. Van Vught: ,,Daar moet je niet bang voor zijn. Vergelijk het met een voetbalwedstrijd: je hebt elkaar nodig, je moet elkaar de bal toespelen.''

Overigens is de universiteit zélf de grootste werkgever zeven procent van de alumni vindt er een baan. Een gevolg van de relaxte sfeer op de universiteit, denkt Van Vught. ,,De bestuurscultuur bijvoorbeeld is hier plat. We zijn klein, we zijn jong en zitten dicht bij elkaar in de buurt. Het is hier een cultuur van korte lijntjes.''

Dat is waar, zegt studentenvakbond SRG (200 leden), die door de vestiging van een loopbaancentrum naar een portocabin is gedirigeerd. Voorzitter Manus Barten, zittend tussen dozen vol multomappen en broodbeleg: ,,Het gaat er hier allemaal heel informeel aan toe, iedereen loopt bij elkaar binnen.'' Dat kan soms ook nadelig zijn, vindt hij. ,,Echte acties hebben we de laatste tijd niet gehad, terwijl er ons toch echt grote thema's als de invoering van het bachelor/masterstelsel boven het hoofd hangen.''

Bij de verkiezingen voor de Universiteitsraad stemt steevast het laagste percentage studenten van het land. De afgelopen verkiezingen waren een nieuw dieptepunt. Nog geen twintig procent nam de moeite te stemmen. De studentenfracties konden niet eens genoeg kandidaten vinden. Barten: ,,Een ander gevolg van de overlegcultuur.''

Student Wilfred Nolten zal blij zijn als hij de UT kan verlaten. Hij loopt er al te lang rond. En de campus heeft hij helemáál gezien. ,,Het is hier één grote kindercrèche. Ik denk wel eens: ga naar de stad, kijken hoe het er buiten dit eilandje aan toegaat.'' Je moet hier niet je hele leven blijven, vindt ook een woordvoerder van de UT. ,,Het is ongezond om iedereen hier te willen houden, de campus moet vooral een veilige basis zijn voor eerste- en tweedejaars studenten.''