Klacht Brussel tegen Z-Korea

De Europese Commissie zal eind juni bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) een klacht indienen tegen Zuid-Korea, indien dit land vóór die tijd geen eind maakt aan subsidiëring van de scheepsbouw. Ook wil de Europese Commissie gedurende de looptijd van de klacht bij de WTO gerichte subsidiëring toestaan voor Europese scheepsbouwers die aantoonbaar concurrentienadeel hebben van de Zuid-Koreaanse subsidies. De Europese ministers van Economische Zaken zullen het voorstel naar verwachting volgende week goedkeuren.

Volgens de Europese Commissie is na onderzoek gebleken dat een aantal scheepswerven, waaronder Daewoo Shipbuilding, worden gesteund met exportsubsidies en binnenlandse steunprogramma's. De subsidies zijn volgens Brussel in strijd met de subsidieregels van de WTO. Volgens de Europese Commissie heeft met name de Europese bouw van containerschepen en van product- en chemische tankers concurrentienadeel ondervonden. Voor deze sectoren komt er dan ook een tijdelijke steunregeling met een maximum van 14 procent in bepaalde omstandigheden. De tijdelijke steun is volgens Eurocommissaris Pascal Lamy (Handel) nodig omdat een klachtbehandeling van de WTO anderhalf tot twee jaar duurt en intussen Europese scheepsbouwers door de oneerlijke Zuid-Koreaanse concurrentie failliet zullen gaan. Om te voorkomen dat de interne Europese scheepsbouwmarkt door de tijdelijk steun verstoord raakt, eist de Europese Commissie van lidstaten dat naast de gebruikelijke meldingsplicht elke individuele steun boven de 6 procent aan Brussel wordt gemeld. Bovendien moet er sprake zijn van een open biedingsprocedure voor het contract. Ook moet worden aangetoond dat de steun nodig is om het contract binnen de EU te houden.

Directeur R.J. Schouten van de Vereniging Nederlandse Scheepsbouw Industrie zei vanochtend de klacht tegen Zuid-Korea te steunen, maar tegen de tijdelijke steun in de EU te zijn. ,,Daardoor krijg je marktverstoring.''