Kaspische Zee krijgt rol Noordzee

De enorme voorraden olie en gas die zich onder en rondom de Kaspische Zee bevinden, kunnen voor West-Europa en de Verenigde Staten een belangrijk tegenwicht vormen voor de machtspositie van het Midden-Oosten en Rusland op de oliemarkt. Dat zei olie-expert en hoogleraar Coby van der Linde gisteren in Den Haag op een seminar van Nogepa, de Nederlandse organisatie van olie- en gasproducenten.

Over tien à twintig jaar kan de `Kaspische energie' de rol die de Noordzee sinds de jaren 70 vervult, overnemen. Ondanks hogere productie- en transportkosten voor de Kaspische olie kan deze met olie uit de Golfregio concurreren, meent Van der Linde. In de prijs die de OPEC-landen (Organisatie van olie-exporterende landen) rekenen, zit namelijk een flinke component voor de overheidsuitgaven voor onder meer onderwijs, huisvesting en gezondheidszorg. Inwoners van de Golfstaten betalen weinig of niets voor deze voorzieningen en belastingen zijn laag of geheel afwezig.

De aangetoonde energiereserves in de Kaspische regio (Kazachstan, Turkmenistan, Azerbaidzjan en Oezbekistan) belopen officieel ruim 16 miljard vaten olie (iets minder dan nog onder de Noordzee resteert) en 300 biljoen kubieke voet aardgas. Daar komen nog eens de reserves van Iran in het zuidelijk deel van de Kaspische Zee bij: 10 tot 20 miljard vaten olie en 20 biljoen kubieke voet gas. Tezamen is dat meer dan een kwart van wat het rijkste olieland ter wereld, Saoedi-Arabië, nog onder de grond heeft zitten.

Maar experts van Shell en de Iraanse staatsoliemaatschappij NIOC, beide actief in het gebied, maakten melding van veel hogere verwachtingen: een mogelijke vooraad van 35 tot 70 miljard vaten olie en bellen met een totale inhoud tot 450 kubieke voet aardgas.

Ghanimi Fard, vice-president van de NIOC, zei gisteren in Den Haag dat zijn land de deur wijd heeft opengezet voor buitenlandse investeerders. Het parlement in Teheran besloot onlangs dat de nationale olie-industrie wordt ,,geïnternationaliseerd''. Binnenkort geeft Iran een internationale tender uit voor de exploratie en productie van energie in het zuiden van de Kaspische Zee. Andere landen in de Golfregio blijven vooralsnog grotendeels gesloten voor buitenlandse maatschappijen.

Fard houdt er rekening mee dat president Bush de geldende sanctiewet van zijn voorganger tegen Iran en Libië zal verlengen, waardoor Amerikaanse oliemaatschappijen voorlopig geen grote investeringen in zijn land mogen doen. Maar het betekent ook dat de Verenigde Staten de export van olie en gas uit de Kaspische regio via Iran (de goedkoopste oplossing) blijven tegenwerken. ,,Politieke factoren domineren daardoor boven de economisch meest voor de hand liggende exportroute, waardoor de Kaspische olie duurder wordt. Dat schaadt de hele regio'', zei Fard.

Iran ruilt al olie uit Turkmenistan. Die olie wordt per tanker aangevoerd, naar raffinaderijen bij Teheran getransporteerd en daar verwerkt. Vervolgens wordt hetzelfde volume Iraanse olie voor het buurland via havens aan de Golf geëxporteerd. Iran wil dat volgens Ghanimi Fard graag uitbreiden, maar de regering in Teheran is niet tegen nieuwe pijpleidingen die olie en gas via de Azerbaidzjaanse hoofdstad Bakoe naar de Zwarte Zee of Turkije naar de exportmarkten brengen.