Valkenswaard

Youp van `t Hek heeft eens kritisch over Eindhoven geschreven dat de stad eens moest ophouden zich te gedragen als een `voorstad van Valkenswaard'. Kijkend naar het triomfantelijk feestgedruis rond het kampioenschap van PSV vraag ik mij af of Youp dat heden ten dage nog zou schrijven. Aan de ene kant zat er bij de feestvierders best wel provinciaals aandoende blijdschap, aan de andere kant deed dat juist deugd: Amsterdam en Rotterdam hadden nooit zoveel echte vreugde kunnen opleveren bij titels van respectievelijk Ajax of Feyenoord. Het verschil zit hem in de persoon van de voorzitters en in de houding van de spelers.

Zo'n man als Harry van Raaij oogt en klinkt oer-Brabants. Het idee om de bijna honderdjarige Frits Philips nog even voor het voetlicht te halen leek riskant maar pakte goed uit. PSV heeft getoond dat het een club is geworden waar nog steeds fouten worden gemaakt – kijk naar de vergissing van het niet tijdig aanmelden van Van Nistelrooij en Addo bij de UEFA – maar als er dan een rel uitbreekt blijft die grotendeels binnenskamers.

Het succes zit hem ook in de persoon van de trainer. Een man als Gerets past precies bij PSV. Ooit zal de magie wel aan kracht inboeten, maar voorlopig kunnen die twee nog uitstekend door één deur.

Ook de supporterstrouw en het zuidelijke sausje dat over de club ligt zijn kenmerkend voor PSV. Het kan trouwens geen toeval zijn dat enkele zeer prominente voetballers die de keus hadden tussen het trio Nederlandse topclubs voor PSV kozen. Die spelers bleken niet uitsluitend aan geld te denken, maar bovendien sfeergevoelig te zijn. In deze materialistische tijd mag dat pure winst heten.