Hamlet als therapie voor afkickende nazi's

In Zürich gaat donderdag een spraakmakende Hamlet in première. De gastspelers uit Duitsland zijn jonge neonazi's die het bruine gedachtengoed hebben afgezworen.

Is Christoph Schlingensief een provocateur? Natuurlijk is hij dat. Schlingensief doet geen gastregie zonder de krant te halen en controverses in de gemeenteraad uit te lokken. Niemand kan beter jongleren op de grens van schijn en werkelijkheid dan dit enfant terrible (40) van het Duitstalige theater, die al eerder de aandacht trok met controversiële films. Nu houdt Schlingensief de discussie al een paar weken gaande in kringen ver buiten de theaterminnende incrowd van Zürich. En het drama dat hij wil uitvoeren is nog niet eens begonnen.

In januari begon de SVP – de Zwitserse Volkspartij die bekend staat om zijn anti-buitenlanders programma – in de Zürichse gemeenteraad vragen te stellen over de gastregisseur van het Schaupielhaus. De partij wilde – overigens zonder succes – de Hamlet van Schlingensief verbieden. Zoiets is bij de regisseur, die in Wenen vorig jaar een act met asielzoekers in een container ensceneerde, niet aan dovemansoren gezegd.

Tijdens straatacties werd opgeroepen de SVP te verbieden. In de Zürichse binnenstad zamelde de Hamlet-ploeg handtekeningen in tegen de SVP, vanwege de antisemitische en racistische uitlatingen van die partij. In rode jacks met het logo Naziline riepen Schlingensief en de zijnen op te strijden voor een nazivrij Zwitserland. Schlingensief speelt met de identificatie met ideologieën, of juist met de afkeer daarvan. Hij roept op tot individuele stellingname.

Deze gebruinde jonge prins komt doodleuk vaststellen, dat er iets niet pluis is in dit sneeuwwitte Alpenland. Nu is ironie niet de meest ontwikkelde eigenschap in deze contreien. Dat uitgerekend een Duitser ze komt vertellen dat Zwitserland fascistische trekken zou hebben, brengt sommige Zwitsers buiten zichzelf van woede. Schlingensief gaat met ze in discussie, maar valt niet uit zijn rol. Er moet pijn worden teruggebracht worden in de werkelijkheid, schreeuwt hij, de mensen die wij haten moeten we aan het hart drukken. Kunstenaars, buitenlanders, neonazi's.

Neonazi's? Om de dubbele bodem van zijn regie nog eens te onderstrepen, heeft Schlingensief een tiental neonazi's, die in Duitsland aan het resocialisatie-project Naziline meedoen, uitgenodigd mee te spelen. In Hamlet zijn ze de voorbijtrekkende toneelspelers die Hamlets oom Claudius en zijn moeder Gertrude een spiegel komen voorhouden. De voormalig rechtsextremisten hoeven weinig meer te doen dan zichzelf spelen.

Of dat therapeutische werking heeft? Schlingensief denkt van wel. En waar ze precies staan in het ontwenningsproces van het rechtsextremisme moeten politicologen maar bepalen. Nieuwe mensen zijn ze nog lang niet, zeggen ze zelf, maar de Zürichse Hamlet is een belangrijke stap in het proces. Eén is er alweer uitgegooid – die bleek niet echt met zijn verleden te willen breken. En een ander – 's werelds grootste producent van skinheadrock – laadt de verdenking op zich dit optreden alleen maar als opstap voor een politieke carrière te gebruiken. Hij wil burgemeester van Düsseldorf worden. En Jörg Haider vindt hij `gewoon geniaal'.

Schlingensief is er inmiddels in geslaagd ook de media op de kast te krijgen. In een talkshow op tv waar hij te gast was, vlogen de verwensingen – inclusief verwijzingen naar de lengte van elkaars geslachtsdelen – over en weer. Bellers eisten een onmiddellijke `Ausschaffung' – een pregnant woord voor uitwijzing – van de regisseur. Dat laatste zal niet gebeuren. Wel heeft het bestuur van het Schauspielhaus afstand genomen van de acties van Schlingensief. In de gemeenteraad – waar de SVP 21 % van de stemmen heeft – moet nog worden gestemd over een subsidieverhoging van enkele miljoenen voor het toneelgezelschap.