`Waarschuwen voor zonnebrand'

Zonnebrandmiddelen met drie UV-filters waarvan is vastgesteld dat ze de hormoonhuishouding verstoren, moeten in Nederlandse winkels een waarschuwingsetiket krijgen. Dat vinden drie vooraanstaande hoogleraren toxicologie van het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit Utrecht.

Zij vinden het onterecht dat het ministerie van Volksgezondheid (VWS) zonnebrandmiddelen waarvan eind april de verkoop in Denemarken werd verboden ongemoeid laat.

De Deense regering verbood de zonnebrandcrèmes nadat uit Zwitsers onderzoek bleek dat erin verwerkte UV-filters de delingssnelheid in borstkankercelkweken versnellen en bij vrouwelijke ratten de baarmoeder vergroten. De filters blijven lang aanwezig in het milieu en worden in vetweefsel opgeslagen. De drie UV-filters zijn verwerkt in zonnebrandmiddelen van verschillende cosmeticamerken, maar bijna nooit in alle middelen van één merk. De namen van UV-filters moeten op de flacon vermeld staan. De gewraakte stoffen zijn 4-methylbenzylidene camphor (ook 4-MBC genoemd), octyl methoxycinnamate (OMC) en benzophenone-3 (Bp-3).

Het ministerie van VWS liet de middelen ongemoeid na een beoordeling van het Zwitserse onderzoek door het Rijksinstituut voor Milieu en Volksgezondheid (RIVM). Dat noemde de Zwitserse studie dubieus. De hoogleraren toxicologie Martin van den Berg, Bob Kroes en Willem Seinen, die belangrijke adviesfuncties vervullen bij ministeries, de Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie, vinden het onderzoek echter van goede kwaliteit.

Zij zeggen dat de overheid hier het voorzorgsprincipe moet hanteren. Het risico van de hormoonbeïnvloedende UV-filters is vermijdbaar, want er zijn zonnebrandcrèmes met andere filters te koop. Een waarschuwing op het etiket is, aldus de IRAS-toxicologen, vooral van belang voor vrouwen die hormoonafhankelijke borstkanker hebben of hebben gehad. Ook bij kinderen die in hun puberteit zijn of komen is voorzichtigheid geboden.

Het ministerie van VWS zegt bij zijn standpunt te blijven omdat het advies van het RIVM duidelijk was.

Het wetenschappelijk comité voor cosmetica van de Europese Unie heeft het Zwitserse onderzoek voorlopig als onvoldoende beoordeeld, maar komt deze maand met een definitief standpunt.

ZONNIGE RISICO'S: pagina 12