Micro audiosystemen

Het is nog niet zo erg lang geleden dat de audioliefhebber zelf zijn geluidsinstallatie samenstelde: cd-speler, versterker, tuner en luidsprekers werden vaak van verschillende fabrikanten gekocht. De gedachte was dat geen enkel bedrijf in alles even goed kon zijn.

Die tijd is voorbij: de consument koopt nu liever een kant en klaar systeem dat zo uit de verpakking kan worden gehaald. Veel van die setjes zijn intussen zo klein geworden dat ze uitermate geschikt zijn voor de studeer- of slaapkamer.

Tegenwoordig zijn mini hifisystemen dan ook verantwoordelijk voor circa vijftig procent van de totale omzet van hifi-apparatuur.

Afhankelijk van de configuratie wordt een drietal systemen onderscheiden. Zogenoemde minisystemen bestaan uit losse componenten. De basis bestaat veelal uit een gestapelde tuner, cd-speler en versterker, maar daar kan later altijd nog een MiniDisc speler of een ander apparaat aan worden toegevoegd.

Microsystemen zijn in principe niet uitbreidbaar. Alle onderdelen zijn geïntegreerd in een vaak ingenieuze behuizing die weinig ruimte inneemt.

Een derde categorie vormen de compacte component systemen, eigenlijk uit hun jas gegroeide cd radiospelers, die zich in de loop der jaren hebben ontwikkeld tot monstrueuze schepsels met luidruchtige displays, grote knoppen en gevaarlijk ogende tweeters en subwoofers (voor resp. de hoge en lage tonen). Verkopers schamen zich vaak voor deze systemen, maar onder jongeren zijn ze nog altijd erg geliefd. De nadruk ligt op vermogen: audiosystemen van 2 180 Watt zijn geen uitzondering.

Mini- en microsetjes spreken een iets ouder publiek aan. De meeste van deze apparaten zijn voorzien van radio met RDS (Radio Data System), zodat zenderinformatie op een schermpje kan worden weergegeven, een cd-speler en soms zelfs een cd-wisselaar. De microsetjes zijn voorzien van een eenvoudige cassettespeler, al duiken duurdere MiniDisc recorders steeds vaker op. Vrijwel alle setjes worden inclusief afstandsbediening verkocht.

De luidsprekers zijn doorgaans van goede kwaliteit, maar het vermogen stelt niet veel voor. Veel microsystemen komen niet verder dan 2 15 Watt, al is dat voor een kleine huiskamer ruim voldoende.

De neiging bestaat wel om de luidsprekers naast of in elk geval in de buurt van de microsetjes te zetten, maar dat is niet aan te raden. Voor een optimaal stereo-effect en zeker voor surround sound (waarbij de suggestie van diepte wordt gewekt) moeten de luidsprekers op zijn minst anderhalve meter van elkaar staan. Systemen met losse componenten hebben als voordeel dat grotere luidsprekers kunnen worden aangesloten die meer lage tonen kunnen produceren (subwoofers), wat de geluidskwaliteit absoluut ten goede komt.

Er zijn meer beperkingen: de meeste systemen beschikken wel over uitgangen, zodat een externe MiniDisc recorder, cassetterecorder of cd-schrijver kan worden aangesloten, maar wie thuis nog een oude platenspeler heeft staan zal eerst voor een paar tientjes een `tussenversterker' moeten aanschaffen.

Het grootste nadeel is misschien wel dat het geluid van veel microsystemen niet heel precies kan worden ingesteld. Knoppen om het hoog en laag in te regelen hebben plaatsgemaakt voor voorkeursinstellingen voor bepaalde muzieksoorten als pop en jazz. Daaraan kan niets veranderd worden. Blijkbaar is de hifi-industrie er zelf ook niet gelukkig mee, want bij sommige microsystemen zijn de knoppen weer teruggekeerd.

De belangrijkste overweging om een microsysteem aan te schaffen, afgezien van het formaat, is de prijs: voor 450 tot 800 gulden heeft u een heel goed audiosysteem in huis dat bovendien fraai oogt. Massief kersenhout is in, maar opvallende kleurstellingen evenzeer. Zo heeft de CHC van Sony donkerblauwe speakergrills die mooi aansluiten bij de aluminiumkleurige behuizing en het oranje display dat bijna als een kijkglas oogt. De Duitse fabrikant Grundig introduceerde onlangs het microsetje CDM 900/800, in de vorm van drie halve concentrische cirkels. Sharp lonkt met zijn XL serie (tussen de 400 en 500 gulden) naar de vormgeving van oude platenspelers. Erg fraai zijn ook de ronde poolvormige aluminium luidsprekers van de FS SD1000 van JVC met een uitgangsvermogen van 2 60 watt. Met 1.496 gulden wel wat duurder dan de rest, maar daar staat dan ook een buitengewoon goede geluidskwaliteit tegenover.

Bij de keuze van de setjes spelen toekomstplannen een cruciale rol. Denkt u er over om een dvd-speler aan te schaffen, dan zou een dvd-microsetje een alternatief kunnen zijn. Het Japanse Aiwa levbert binnenkort de XR DV700, compleet met bovenlader-dvd en cd-speler, vijf satellietluidsprekers, een actieve subwoofer en een RDS tuner met 32 voorkeuzetoetsen. Met zo'n systeem kunt u jaren vooruit.