IEDEREEN MAG MEEPRATEN BIJ DE PVDA, MAAR GEEN HOLLE FRASES, WANT DE WEG IS LANG

De sfeer is niet ongezellig, hier in het Rotterdamse congrescentrum Engels: die van betrokken burgers die een zonnige zaterdag opofferen om mee te denken en te praten over het volgende verkiezingsprogramma van de PvdA. Iedereen mag meedoen in het kader van de zogenoemde `ideeëntrein' van de PvdA, waarmee geen trein maar een serie debatten wordt bedoeld.

Behalve bij die debatten mag de burger ook zijn suggesties inleveren op www.kiespvda.nl. Dat is een nieuwe trend bij politieke partijen, dat iedereen – partijlid of niet – mag meepraten over het verkiezingsprogramma. Het CDA heeft op internet zijn `competitie van ideeën', GroenLinks organiseert binnenkort `discussiesalons'.

Maar in de praktijk zijn het vooral leden van de `kenniscentra' van de PvdA die hier, ongeveer honderd personen sterk, naar toe zijn gekomen. Kenniscentra zijn een soort debatteerclubs van de partij, die ook open staan voor niet-leden. Partijvoorzitter Ruud Koole spreekt ze bemoedigend toe. Eerst even een vlekje wegwerken: op de voorpagina van de Volkskrant staat vanochtend dat Ad Melkert Wim Kok een zwak leider vindt.

Die kop en het bericht eronder worden in het vraaggesprek dat binnenin de Volkskrant staat echter nergens waargemaakt, zegt Koole. Melkert zegt gewoon nergens dat Kok een zwak leider is en evenmin iets wat daar op lijkt. ,,Een onjuist bericht'', concludeert Koole. ,,Kok is niet heilig en er zijn soms momenten dat ik bij hem meer bevlogenheid zou willen'', zegt de partijvoorzitter. ,,Maar hij is een uitstekende premier.''

Na deze bemoedigende woorden deelt het gezelschap zich op in zes werkgroepen, één per kenniscentrum. We lopen mee met het `kenniscentrum sociaal, economie, financiën', dat net als de andere het debat wordt ingestuurd met een vijftal stellingen. Vooral de eerste wekt nieuwsgierigheid, omdat daarin vraagtekens worden geplaatst bij het poldermodel. ,,Moet de PvdA pleiten voor een nieuw akkoord van Wassenaar: beheerste loonontwikkeling is een betere aanpak voor een sterke publieke sector dan een sterke loonstijging die wordt afgeroomd door een hogere collectieve lastendruk? Of niet?''

Helaas komt dit punt in de meer dan twee uur durende ochtendronde niet aan de orde. Men debatteert in dit kenniscentrum over de hervorming van de sociale zekerheid, met op de achtergrond de vraag of in het verkiezingsprogramma de proclamatie van het recht op een uitkering niet door die van het recht op werk vervangen moet worden.

Het is duidelijk een materie waarmee de meeste discussiedeelnemers van wanten weten. Zij leggen een kennis van zaken aan de dag die doet vermoeden dat zij in de sociale zekerheid werkzaam zijn. Opvallend zijn hun aarzelingen over het voortzetten van de zogenoemde Melkert-banen. Waarom zou je nog langer aparte functies bedenken voor mensen die in de arbeidsmarkt terugkeren, als de meesten van hen terecht zouden kunnen op de `gewone' arbeidsmarkt, die om werknemers vraagt? De vraag is alleen of degenen die nu via de `beschermde' maar slecht betaalde omgeving van de Melkert-baan hun weg vinden naar de arbeidsmarkt, die directe stap wel kunnen maken. Twijfel knaagt.

Een vrolijke noot in het debat vormen twee oudere heren die het kapitalisme frontaal bij de horens willen vatten met utopistische plannen voor staatsbedrijven en werkbrigades in de geest van Charles Fourier en Saint-Simon. De andere aanwezigen voldoen echter ten volle aan de bedachtzame richtlijnen, die de commissie voor het verkiezingsprogramma vóór de discussie heeft doen rondgaan: ,,De PvdA vindt haar kracht niet in holle beloften en loze kreten; het gaat er steeds om te zoeken naar de weg waarlangs visie en idealen door politiek handelen realiteit kunnen worden. (..) Vanuit haar regeringsverantwoordelijkheid kent de PvdA de noodzaak van het politieke en maatschappelijke compromis.''

Stel je er niet te veel van voor, had Eberhard van der Laan, voorzitter van de commissie voor het verkiezingsprogramma van de PvdA, daags voor de bijeenkomst gewaarschuwd. We zijn nog maar helemaal aan het begin van het proces. Niets van wat wordt gezegd tijdens halte één van de ideeëntrein of in de discussiestukken mag worden uitgelegd als een ontwerpverkiezingsprogramma of zelfs de lijn van de PvdA.

Dit is nog maar helemaal het eerste begin, houden Koole en Van der Laan ook de discussiedeelnemers vandaag voor. De ideeëntrein rijdt nog tot 19 mei. Op 9 juni vergadert het `politiek forum', ook al een tot niets verplichtend discussiegezelschap van de partij, over het verkiezingsprogramma. In juni gaat de commisie dan aan het schrijven, waarna het ontwerpverkiezingsprogramma net als vroeger in de afdelingen behandeld zal worden en tenslotte in december aan het partijcongres wordt voorgelegd. Voor het doorrekenen van de financiële consequenties van het programma tekenen fractiespecialist Fred Crone alsmede de staatssecretarissen Wouter Bos en Rick van der Ploeg.

Af en toe is over het vrijblijvend karakter van de ideeëntrein een licht gesputter hoorbaar onder de aanwezigen. Of er dan helemaal niets wordt vastgesteld, vraagt iemand bij de dagopening aan Koole. Tel uw zegeningen, luidt het antwoord. Vroeger kon niemand iets te berde brengen voordat de commissie aan het werk ging. En aan het eind van de middagsessie van weer twee uur concludeert een deelnemer van het `kenniscentrum binnenland & justitie': ,,Het gaat hier wel erg weinig over de issues. Het heeft meer iets van ambtelijk werkoverleg.''

De Tweede Kamer is op reces