AB BAARS OVER

,,Zoals voor veel mensen van mijn generatie is mijn eerste boksherinnering onlosmakelijk verbonden met Mohammed Ali toen nog Cassius Clay. Ik werd als kind uit bed gehaald om de titelgevechten van Clay te zien, onder andere tegen Sonny Liston in 1964, live, heel bijzonder in die tijd. En Clay was een bijzondere bokser, niet alleen met een uitzonderlijke stijl en techniek, maar met ideeën over de positie van de zwarten in Amerika. Hij ging op flamboyante wijze om met de pers en wist van een bokswedstrijd een show te maken.''

Ab Baars' interesse voor de bokssport is sinds de hoogtijdagen van Mohammed Ali alleen maar toegenomen. Geïnspireerd door de teksten van dichter Jules Deelder componeerde de saxofonist en klarinettist in 1992 De Dutch Windmill, dat hij opdroeg aan de legendarische Rotterdamse bokser Bep van Klaveren. Negen jaar later heeft Baars veertien nieuwe `bokscomposities' geschreven voor De Boksers, waarin zijn trio samenwerkt met zangers Han Buhrs en Ilse van de Kasteelen.

,,Als je erover nadenkt is de bokssport aan erg veel zaken gerelateerd. De historie van het vuistvechten gaat terug tot de Grieken en Romeinen, de medische wetenschap dankt veel kennis over botbreuken aan het boksen, de sport was en is voor bepaalde bevolkingsgroepen een mogelijkheid zich te emanciperen, en er zijn stapels prachtige wedstrijdverslagen en gedichten over geschreven. Ook in de muziek heeft het boksen een plaats. In de jaren zestig maakte Alvin Cash een funknummer dat Doin the Ali Shuffle heet, compleet met danspasjes. En blueszanger Joe Pullum zong in 1935 al over Joe `the brown bomber' Lewis, de eerste neger die het maakte in de racistische Amerikaanse samenleving.

,,Voor De Boksers heb ik me gebaseerd op nogal verschillende bronnen. zoals oude bluesnummers, een gedicht van W. B. Yeats, een fragment uit de Ilias en een toespraak van Martin Luther King. Een gedicht van René Schar over een bokswedstrijd wordt gezongen in de traditie van de Inuit-vrouwen, die met de neuzen tegen elkaar staan en beurtelings een klank uitstoten totdat er een in de lach schiet en verloren heeft. De strijd in de tekst komt terug in de zang, die steeds wilder wordt. In een ander duet worden alle termen opgesomd die in strips worden gebruikt om gevechten mee weer te geven, zoals `kwump!', `wisssh!', `smash!'.

,,Natuurlijk heb ik ook geput uit de teksten van Mohammed Ali. Zo is er een stuk voor klarinet, contrabas en zang, waarin Ali zijn gevecht met Sonny Liston beschrijft. De beweeglijkheid van de compositie spiegelt Ali's watervlugge bewegingen en snelle spreekstijl. In Float like a butterfly, sting like a bee, dat wij uitvoeren als een soulstuk uit die jaren, maakt hij zijn tegenstander George Foreman uit voor een `big mummy' uit een griezelfilm.

,,Ik heb nu een improvisatiesysteem op basis van bokstermen. Als een van de muzikanten vindt dat het stuk een andere kant op moet, dan roept hij `break!' Er zijn zes mogelijkheden om de improvisatie een richting te geven met namen uit een oude sportencyclopedie van mijn vader, zoals `pivoteren' voor verandering in klankkleur of samenstelling van het instrumentarium, of `voetenwerk' voor collectieve improvisatie.

,,Er is maar één nummer waarin we geen instrumenten gebruiken. Het gaat om Norman Mailers beschrijving van de dodelijke knock-out van Paret. Dat is zo'n heftige en poëtische tekst, daar kon ik moeilijk noten bij vinden. Daarom geven we de achttien fatale klappen weer door te slaan op kranten. Als de bokser langzaam in elkaar zakt, scheurt het papier, een heel voorzichtige weergave van een aangrijpend boksdrama.''

De Boksers: 11/5 Korzo, Den Haag; 12/5 Provadja, Alkmaar; 18/5 Paradox, Tilburg; 19/5 BIMhuis, Amsterdam; 20/5 Las Palmas, Rotterdam. Inl: (020)4205379.