Mei '45

,,Dit zal wel de laatste vergadering onder Duitse bezetting zijn daar het einde der oorlog zeer nabij is. Deze vergadering is belegd om daar reeds op vooruit te lopen.''

Aldus sprak Feyenoord-voorzitter Kieboom op 4 mei 1945 tijdens een bestuursbijeenkomst. Zelf was hij het voorgaande jaar niet ongeschonden gebleven: op 9 december 1944 raakte hij door een bombardement gewond aan zijn rechterhand. Enkele maanden later werd hij ontslagen uit het ziekenhuis. Door de gevolgen van dat bombardement kon Kieboom nooit meer een goede handtekening zetten en had hij geen stevige handdruk meer. Maar hij was er in elk geval weer bij die vierde mei.

Administrateur Phida Wolff daarentegen zat nog in Duitsland nadat hij een half jaar eerder tijdens de `Razzia van Rotterdam' was meegevoerd als dwangarbeider. Zijn kundigheid als ordelijk en deskundig boekhouder werd node gemist: niemand wist meer wat er met de in- en uitgaande stukken was gebeurd en of iedereen zijn contributie wel betaalde. Alhoewel dat niet het grootste probleem was die laatste maanden voor de bevrijding.

Wolff keerde redelijk snel terug, waarmee een einde werd gemaakt aan onzekerheid over zijn lot. Dat was een stuk sneller dan een Feyenoord-lid dat pas in juni 1946 weer in Rotterdam aankwam na een gedwongen verblijf in Rusland.

De bestuursleden maakten plannen voor het herstel na de bevrijding. Geen overbodige luxe, want er was weinig meer heel bij de club. Gelukkig was Kieboom nog wel zo verstandig geweest om de gewonnen bekers van voor de oorlog thuis te bewaren, dus die konden vanaf 5 mei 1945 weer ten toon worden gesteld. Verder werden de bestuurders het eens over een Rotterdamse mini-competitie.

De notulen van de vergadering: `De aanwezigen spraken af om meteen na de bevrijding een toernooi of halve competitie te spelen met een Bevrijdingsbeker als inzet.' Alhoewel Wolff dat besluit dus niet meemaakte, schreef hij in 1971 in zijn boek Geen woorden maar daden over het belang van zon vredescompetitie, zoals die werd genoemd: `Rotterdam, in feestroes verkerend, wilde meteen alweer een balletje trappen. Naast Feyenoord werden H-DVS, Neptunus, RFC, Sparta en Xerxes uitgenodigd om mee te doen. Het werd een boeiende strijd met een groot aantal enthousiaste toeschouwers, die uiteindelijk door Feyenoord werd beslecht. Op minieme afstand eindigde Xerxes als tweede.'

Dat zo snel werd gevoetbald, is een wonder. In juni 1945 ontving de voetbalbond een brief van Feyenoord: `Voorts medegedeeld dat we puike krachten in onze voorhoede thans niet meer bezitten en dat we gaarne te dier opzichte een opgewekter geluid hadden willen doen horen.' De spelers hadden simpelweg een enorm conditietekort, maar toch speelden ze zo goed ze konden. Het was duidelijk: de oorlog was voorbij en het normale leven moest zo snel mogelijk weer beginnen.

jurryt@xs4all.nl