Eeuweling blijkt jongeling

De bedenkers van financiële producten blijven ons verleiden. Een weer populair oud product in een nieuwe verpakking is de obligatielening die niet wordt afgelost, in theorie eeuwig loopt en daarom perpetueel heet – latijn voor onafgebroken, voortdurend. Je leent geld uit aan een bedrijf of instelling en krijgt het niet meer terug, misschien.

Enkele voorbeelden van eeuwelingen zijn de 6,875 procent Aegon van december 2000, de 6,5 procent ABN Amro van maart en de nieuwe 6,875 procent van Wolters Kluwer (WK), groot 255 miljoen euro, op een uitgiftekoers van 100 procent.

Is zo'n eeuwige schuld interessant voor particuliere beleggers? Wellicht, want veel vermoeide en ontevreden aandelenbeleggers overwegen de overstap naar obligaties of andere rentende waarden, door de koersverliezen van de laatste twaalf maanden. Zij hebben genoeg van de fluctuaties op de beurs en zien obligaties als de rustige tweelingbroer van aandelen, wat niet zo is.

Maar een niet verplicht aflosbare obligatie lijkt wel op een aandeel, althans gezien vanuit het bedrijf, de schuldenaar. Via beide waarden trekt men geld aan en hoeft dat niet meer terug te betalen. Zo geredeneerd hoort die obligatie bij het eigen vermogen, net als aandelen. Een bijkomend voordeel is dat bedrijven de (verplicht) vaste obligatierente – huur voor het geleende geld – af mogen trekken van de bedrijfslasten, terwijl de uitgekeerde, onverplichte (wisselende) dividenden van de winst af gaan.

In de praktijk verzinnen de geldleners allerlei (subtiele) voorwaarden om de zaken naar hun hand te zetten, voor wanneer het tij keert. Wie zich zo voor lange tijd wil binden, moet die voorwaarden kennen. Bijvoorbeeld via de uitgebreide advertenties in dagbladen, of liever via een (voorlopig) prospectus.

Een lezeres schrijft dit over zo'n prospectus. `Ik kende de 6 procent perpetuele obligaties van Fortis niet, tot mijn bankman erover begon. Hij zei: snel beslissen, want er is veel belangstelling voor en ze worden dus beperkt toegewezen. Er is geen brochure over deze obligaties.'

Die is er natuurlijk wel, maar de bankman wilde een beslissing forceren. Haast is er niet, want de obligaties krijgen beursnotering, waardoor je ze op de beurs kan kopen en verkopen. Stijgt de rente, dan dalen ze mogelijk onder de uitgiftekoers. Door die notering zit je er niet voor altijd aan vast, maar kan je via de beurs verkopen, met winst of verlies.

De (toekomstige) koers hangt mede af van de franje die de aanbieders bedingen. Voor Wolters Kluwer lijkt de 6 procent een goed rendement. Een lezer: `Een interessant voorstel omdat de fiscus maar tot een rendement van 4 procent 30 procent belasting heft in box 3. Het risico dat bij een lagere rente Wolters de lening aflost, kan ik toch minimaliseren door op tijd te verkopen tegen een koers boven de nominale waarde van 100 procent.'

Dalende rente is een risicofactor, naast andere zaken. Wolters zegt er dit over in de aankondiging. `De looptijd is oneindig. WK heeft het recht de obligaties na 7 jaar, en op elke rentebetalingsdatum daarna, af te lossen. Aflossing is eveneens toegestaan indien zich bepaalde gebeurtenissen op belastinggebied voordoen.'

Daarmee blijkt de eeuweling een jongeling van zeven jaar te zijn. Het zit er niet in dat de alerte lezer nominale aflossing voor kan zijn door tijdig te verkopen. Particuliere verkopers van effecten zien vaak een facet over het hoofd: je moet een (professionele) koper vinden om van je spullen af te komen. Die weten dat hun een vervroegde aflossing boven het hoofd hangt, wat de koers drukt.

De mooie kleren van iedere eeuweling gaan snel uit, vooral wanneer de rente daalt. Een bedrijf kan dan goedkoper geld lenen en daarmee de dure lening aflossen. Weg rendement. Daar staat een vervelend nadeel tegenover. Wanneer de rente stijgt, lost de schuldenaar natuurlijk niet af en zit je geld vast. Hoewel je altijd kan verkopen op de beurs, maar tegen een waarschijnlijk lagere koers. Eigenlijk is zo'n lange lening met een mogelijk vervroegde aflossing niet geschikt, tenzij men een flink hogere couponrente aanbiedt, dan tussen de 6,5 en 7 procent.

Wie zich wil verdiepen in de bij particulieren veel minder bekende wereld van de obligaties, leze het informatieve boek (van simpel tot ingewikkeld) Beleggen met een gouden randje, vind u weg in de wereld van obligaties van de vermogensbeheerder dr Jacques Post. Uitgever: Instituut voor Beleggingsstrategie, Amsterdam, isbn 90 805886 1 x, oktober 2000. Prijs ƒ24,90, in de boekhandel. Bevat links naar honderd internetsites over obligaties. De Startpagina heet www.obligatie.net.

Tot slot een citaat uit dit boek. `De productontwikkelaars hebben een variant op de variant op de variant van de converteerbare obligatie bedacht: de knock-out step-up reverse convertible.'

Adriaan Hiele beantwoordt vragen van lezers op www.nrc.nl/geld/hiele