`Dostojevski laat de engel èn de demon van de ziel zien'

Op veertienjarige leeftijd las György Konrád voor het eerst met grote wakkerheid een boek: Dostojevski's `Misdaad en straf'.

,,Spring eens terug in het verleden, naar het jaar 1947, naar de stad Debrecen in Hongarije', zegt de schrijver György Konrád (1933), die net een nieuwe essaybundel publiceerde en die op 24 mei in Aken de Karel de Grote Prijs ontvangt, ,,en stel u die protestantse, calvinistische stad van tweehonderdduizend inwoners voor. Er is daar al vierhonderd jaar een prestigieus collegium, een school die veel Hongaarse schrijvers en dichters hebben bezocht en waar het geestelijk leven altijd al een zekere autonomie had. Alles in die streek was er verbonden met het land: de boeren waren rijk, hun schuren hadden hoge deuren, waar hun karren maar net onderdoor konden. In die stad bevond zich een prachtige bibliotheek uit de achttiende eeuw: de houten vloer was oud en zat goed in de was en de lampen waren stijlvol. Ik zat er op een ochtend te lezen. Ik was veertien. Opeens voelde ik een hand op mijn schouder, die van mijn leraar. U zou op dit moment op school moeten zijn, zei hij tegen mij – wat waar was. Hij bekeek het boek dat ik las, van een zekere Cronin, een bestsellerauteur uit die tijd, en zei dat het een slecht boek was: dat boek was het niet waard ervoor te spijbelen. Arrogant vroeg ik hem welk boek dat dan wel verdiende. Hij draaide zich om en kwam terug met een grote stapel: het bovenste boek was Misdaad en straf van F.M. Dostojevski.'

De roman (uit 1866) van de grote Russische, in 1821 in Moskou geboren schrijver maakte een onuitwisbare indruk op de veertienjarige Konrád: ,,Het was het eerste boek dat ik met een gevoel van grote wakkerheid las, de eerste keer dat ik echt de strijd aanging met een boek.' Aan welke `strijd' denkt Konrád? ,,Als je, in eenzaamheid, een boek leest, vindt er altijd een confrontatie plaats. Als het geen slecht of leeg boek is, stelt het ons een vraag: begrijp je me wel? Als het een goed boek is zit het veel voller dan wij ons kunnen voorstellen, want de schrijver heeft veel meer tijd besteed aan het schrijven ervan dan wij aan het lezen. Alle grote werken, ook die van Dostojevski, hebben die veelvuldigheid aan gezichtspunten. Je kijkt nu eens vanuit deze menselijke invalshoek, dan weer vanuit die. In Misdaad en straf zat een vraag die ik meteen interessant vond. De formulering ervan wil ik graag overlaten aan een jonge, verwende student uit Colorado Springs, waar ik in 1988 lesgaf: waarom, vroeg hij mij, zou ik verder lezen in deze roman als ik vanaf het begin al weet dat Raskolnikov (de hoofdpersoon uit Misdaad en straf) de twee oude dames doodde? Hij is de dader, een misdadiger – dat is duidelijk en waarom zou ik dan nog honderden pagina's lezen over zijn slechte geweten, zijn angst gepakt te worden? Steeds moedigde ik deze student aan door te lezen en uiteindelijk las hij het boek uit. Later ging hij zelfs naar Sint Petersburg om de buurt te bekijken waar Dostojevski had rondgelopen. Zo zijn de grote werken uit de wereldliteratuur: je moet erin springen en dan word je er dieper en dieper in meegetrokken, opgeslokt. Je komt er niet meer uit, je moet er steeds weer over nadenken. Je wordt verleid. Dat is wat die jongen heeft ervaren, net als ik toen ik veertien was.'

Tot op dat moment had Konrád een carrière als vliegtuigbouwer voor ogen, maar na het lezen van Misdaad en straf besloot hij schrijver te worden. ,,Als je schrijver wilt worden, moet je je niet afvragen wie die oude vrouwen heeft vermoord. Dat soort dingen zie je dagelijks op televisie. Een schrijver vraagt zich af wat iemand voelt die iemand anders doodt, wat er in de ziel zit van die jonge, getalenteerde dader, die een moraal heeft, die niet wreed is en gevoel heeft voor zelfreflectie. Waarom pleegde hij dan die moord? Dostojevski vroeg zich af waaraan iemand de legitimiteit ontleent om iemand te doden, om een misdaad te begaan. Het komt altijd voort uit een hoger idee: soms gewoon uit de wil rijk te worden of macht te verkrijgen. Jonge proletariërs uit die tijd vroegen zich af of het gerechtvaardigd was geld af te nemen van de kapitaalkrachtigen.'

Dostojevski kreeg tijdens zijn leven veel te verduren: zijn vader werd vermoord, waarschijnlijk door diens leenboeren; zelf werd hij gearresteerd, gevangen gezet, onderworpen aan een schijnexecutie, veroordeeld tot dwangarbeid (1850-1854) en gedwongen exil. Van jongs af aan leed hij aan epilepsieaanvallen. Op latere leeftijd raakte hij verslaafd aan het roulettespel. Konrád: ,,Dostojevski verkeerde in voortdurende misère, maar wel in dat van een vierkamerappartement. Dat was het toch nog redelijk comfortabele niveau van zijn ellende. Hij begreep dat literatuur misdaad nodig heeft, maar tussen misdaad en straf zit het lijden – en dat is het menselijk leven.'

De constructie van Misdaad en straf – die vindt Konrád nog steeds magistraal. ,,Dostojevski is geen meester als het gaat om stijl: bij hem moest alles altijd snel, hij schreef onder stress, had schulden, moest overhaast manuscripten sturen, had nooit tijd om aan zijn teksten te schaven. Misdaad en straf is zijn meest perfecte roman. De structuur is goed onder controle. Het was misschien een geval van goddelijke gratie, na zijn verblijf in Siberië. Hij begreep toen de betekenis van dingen beter. Dostojevski werd naar Siberië gestuurd vanwege zijn betrokkenheid bij de kring rond Pétrachevski, een progressieve beweging. De mensen die tot dwangarbeid werden veroordeeld, moesten te voet naar Rusland gaan, met kettingen aan hun benen. De boeren die hen zagen gaven hun brood en water, noemden hen `les malheureux'. Het waren de losers van die tijd, iedereen had medelijden met hen. Dostojevski leefde jaren in zo'n Siberisch gevangenkamp. Daar kwam hij tot de overtuiging dat de zelfgenoegzaamheid, de trots van de intellectueel een zonde was. Dat bracht hij over op zijn personage in Misdaad en straf, Raskolnikov: hij vertegenwoordigt de trots, de minachting.'

Als redacteur van een uitgeverij redigeerde Konrád, in het begin van de jaren zestig, een hele reeks Russische klassieken: de complete Tolstoj, Gogol en Toergenjev. Dostojevski mocht nog niet worden heruitgegeven. Konrád: ,,De communisten hadden hem op de zwarte lijst gezet, omdat hij reactionair en decadent werd aan het eind van zijn leven. Van Dostojevski mocht ik alleen een reeks korte verhalen redigeren. Pas laat in de jaren zestig werd de censuur opgeheven.' Eindelijk kwamen er goede vertalingen van Misdaad en straf. Konrád: ,,Niemand overtreft Dostojevski als het gaat om het laten zien van de paradoxale neigingen van de menselijke ziel. Hij kan ons doen geloven in beide kanten van die ziel: zowel in de engelachtige goedheid als in de demonische slechtheid – dat is zijn grootste prestatie.'

F.M. Dostojevski: Misdaad en straf. Van Oorschot, 568 blz. ƒ77,50